Hof straft AZ-supporter voor geweld in Alkmaar

Rechtbankgebouw tijdens uitspraak over geweld door AZ-supporter in Alkmaar

ASTERDAM, 20 februari 2026 – Het Gerechtshof Amsterdam heeft een AZ-supporter veroordeeld voor zijn rol bij openlijke geweldpleging op 18 mei 2023 in Alkmaar. Het geweld vond plaats op de Stationstraat, waar een groep AZ-supporters de confrontatie zocht met supporters van West Ham United. Het hof legde een voorwaardelijke gevangenisstraf van zes weken op, met een proeftijd van drie jaar, en daarnaast een taakstraf van 120 uur. Voor het dragen van een verboden wapen — een broeksriem met stalen gesp — werd geen aparte straf opgelegd.

De uitspraak is gedaan in hoger beroep en vernietigt daarmee het eerdere vonnis van de politierechter in Noord-Holland, die tot een andere strafoplegging was gekomen. Het hof achtte de ernst van de feiten zodanig dat een combinatie van vrijheidsstraf en taakstraf passend is, mede met het oog op vergelding en preventie.

Openlijke geweldpleging op klaarlichte dag

Volgens het hof heeft de verdachte zich op 18 mei 2023 aangesloten bij een groep AZ-supporters die zich verzamelde bij een café in Alkmaar. De groep bewoog zich in gesloten formatie over de openbare weg, deels gekleed in donkere kleding en met gezichtsbedekking. Daarbij was sprake van een dreigende houding en het gebruik van geweld tegen onbekend gebleven personen.

Het geweld bestond onder meer uit slaan, schoppen en het gooien van glazen en stoelen. De verdachte droeg bovendien een broeksriem met stalen gesp die hij als slagwapen gebruikte. Daarmee droeg hij volgens het hof bij aan een gewelddadige confrontatie die voor omstanders angst en onveiligheid veroorzaakte.

Wettelijke kwalificatie van de feiten

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat sprake was van openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen, zoals strafbaar gesteld in artikel 141 van het Wetboek van Strafrecht. Daarnaast werd bewezen verklaard dat de verdachte handelde in strijd met de Wet wapens en munitie door het dragen van een voorwerp dat, gezien de omstandigheden, als wapen kon worden aangemerkt.

Het hof sprak de verdachte vrij van onderdelen van de tenlastelegging die niet bewezen konden worden, maar achtte de kernfeiten voldoende onderbouwd door bewijsmiddelen die in het arrest zijn opgenomen.

Strafoplegging: zwaarder accent op preventie

Bij het bepalen van de straf keek het hof nadrukkelijk naar de context van voetbalrellen. Dergelijke incidenten leiden volgens het hof niet alleen tot materiële schade, maar ondermijnen ook de openbare orde en het veiligheidsgevoel van burgers.

De landelijke oriëntatiepunten voor straftoemeting (LOVS) noemen voor openlijke geweldpleging vaak een taakstraf als uitgangspunt. Het hof week daarvan af en stelde dat bij grootschalige ordeverstoringen rond betaald voetbal een gevangenisstraf het uitgangspunt moet zijn. Het hof hanteert daarbij een bandbreedte van twee weken tot drie maanden gevangenisstraf, al dan niet gecombineerd met een taakstraf.

Persoonlijke omstandigheden meegewogen

Hoewel het hof een onvoorwaardelijke gevangenisstraf in beginsel passend achtte, is daar in dit geval van afgezien. In strafmatigende zin werd rekening gehouden met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Zo heeft hij inmiddels een vaste baan, een woning gekocht met zijn partner en verwacht het stel hun eerste kind.

Daarnaast bleek uit het strafdossier dat de verdachte eerder een strafbeschikking kreeg opgelegd wegens mishandeling. Die eerdere veroordeling woog mee, maar leidde niet tot een onvoorwaardelijke celstraf. Het hof koos uiteindelijk voor een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van zes weken, gecombineerd met een forse taakstraf.

Geen aparte straf voor wapenbezit

Voor het bewezenverklaarde dragen van een wapen in de zin van de Wet wapens en munitie — de broeksriem met stalen gesp — legde het hof geen afzonderlijke straf op. Volgens het hof lag het zwaartepunt van het verwijt bij de openlijke geweldpleging. Het wapenbezit werd daarom afgedaan met een schuldigverklaring zonder straf of maatregel.

Deze keuze past volgens het hof binnen de systematiek van het strafrecht, waarin cumulatie van straffen kan worden voorkomen wanneer één feit overheersend is in de beoordeling.

Signaalfunctie richting supportersgeweld

Met de opgelegde straf wil het hof een duidelijk signaal afgeven richting supporters die betrokken raken bij geweld rond voetbalwedstrijden. Volgens het hof moet niet alleen in stadions, maar ook in de openbare ruimte rondom wedstrijden worden opgetreden tegen ordeverstoringen.

De combinatie van een langdurige proeftijd en een taakstraf van 120 uur moet de verdachte ervan weerhouden opnieuw strafbare feiten te plegen. Het hof benadrukte dat een stadionverbod op zichzelf onvoldoende is om herhaling te voorkomen wanneer geweld zich ook buiten het stadion afspeelt.

Breder maatschappelijk belang

De uitspraak past in een bredere lijn binnen de rechtspraak waarin streng wordt opgetreden tegen voetbalgerelateerd geweld. Rellen en confrontaties tussen supportersgroepen leiden regelmatig tot politie-inzet, schade aan eigendommen en verstoring van het openbare leven in binnensteden.

Het hof onderstreepte dat dergelijke incidenten het vertrouwen in de veiligheid van publieke ruimten aantasten. Door een vrijheidsstraf als uitgangspunt te nemen, wil de rechterlijke macht bijdragen aan het terugdringen van supportersgeweld en het beschermen van omstanders. ECLI_NL_GHAMS_2026_390

Definitieve beslissing

Het gerechtshof vernietigde het eerdere vonnis en deed opnieuw recht. De verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van zes weken met een proeftijd van drie jaar en een taakstraf van 120 uur. Indien de taakstraf niet naar behoren wordt verricht, kan deze worden vervangen door zestig dagen hechtenis.

Met deze uitspraak is de zaak in hoger beroep afgedaan. Eventueel staat nog cassatie bij de Hoge Raad open.

Geef een reactie