Landelijk aanvalsplan tegen invasieve exoten naar Kamer

Invasieve uitheemse plantensoorten die de Nederlandse biodiversiteit bedreigen

DEN HAAG, 12 januari 2026 – Het Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) heeft een landelijk aanvalsplan invasieve exoten aangeboden aan de Tweede Kamer. Met dit plan wil het ministerie voorkomen dat schadelijke planten en dieren Nederland binnenkomen, zich vestigen of verder verspreiden. Invasieve exoten vormen een groeiende bedreiging voor natuur, biodiversiteit en ecosystemen.

Biodiversiteit onder druk

De biodiversiteit in Nederland staat al jaren onder zware druk. Invasieve exoten spelen hierin een belangrijke rol. Wereldwijd wordt circa 60 procent van het uitsterven van planten- en diersoorten mede veroorzaakt door invasieve exoten. In 16 procent van de gevallen zijn deze soorten zelfs de directe oorzaak. Ook in Nederland leiden uitheemse planten en dieren tot verdringing van inheemse soorten, schade aan natuurgebieden en verstoring van ecosystemen.

Focus op preventie en vroege eliminatie

De kern van het landelijke aanvalsplan ligt bij preventie en vroege eliminatie. Het uitgangspunt is dat voorkomen goedkoper en effectiever is dan bestrijden. Voor sommige soorten bestaan bovendien nog geen doeltreffende bestrijdingsmethoden, waardoor preventie soms de enige realistische optie is.

LVVN kiest daarom voor een maatwerkaanpak. Invasieve exoten komen via uiteenlopende routes Nederland binnen, zoals internationale handel, transport van goederen, verpakkingshout, boten en vrachtwagens. Ook toeristen brengen soms onbedoeld planten, vruchten of dieren mee. In het verleden zijn sommige soorten zelfs bewust geïntroduceerd, bijvoorbeeld als huisdier of sierplant.

Gerichte maatregelen en handelsverboden

Het ministerie zet in op een combinatie van maatregelen, waaronder betere monitoring, innovatieve opsporingstechnieken en intensieve samenwerking met terreinbeheerders, provincies en sectorpartijen. Ook voorlichting speelt een belangrijke rol, om burgers en bedrijven bewuster te maken van de risico’s.

Daarnaast wordt gekeken naar mogelijke nationale handelsverboden voor specifieke risicosoorten of hele soortgroepen. Genoemd worden onder meer de gele bieslelie, termieten en overlastgevende mieren zoals het Mediterraan draaigatje en de plaagmier. Door handelsstromen te beperken, moet verdere verspreiding worden tegengegaan.

Landelijke afspraken met provincies

In het aanvalsplan zijn ook landelijke afspraken vastgelegd tussen LVVN en de provincies. Deze afspraken gaan over prioritering, aanpak per soort en de financiële opgave voor de komende vier jaar. Eind 2024 hebben de provincies hiervoor een gezamenlijk ambitiedocument invasieve uitheemse soorten aan het ministerie aangeboden.

Vervolg afhankelijk van nieuw kabinet

Bij de voorjaarsbesluitvorming van 2025 heeft LVVN al middelen vrijgemaakt om een eerste start te maken met het aanvalsplan. Daarmee kan direct worden begonnen met prioritaire maatregelen binnen de provinciale opgave. Besluitvorming over een vervolg, waaronder de aanpak van wijdverspreide invasieve soorten, is aan een nieuw kabinet. Met het landelijke aanvalsplan ligt er in elk geval een duidelijke basis voor verdere versterking van het natuurbeleid en het herstel van biodiversiteit in Nederland.

Geef een reactie