De lex mitior-regel is een van die juridische beginselen die zelden het publieke debat halen, maar des te meer zeggen over de kwaliteit van een rechtsstaat. Het beginsel is eenvoudig te formuleren, maar diepgaand in zijn gevolgen: wanneer het strafrecht verandert en een nieuwe wet milder is dan de oude, moet die mildere wet worden toegepast, ook op feiten die zijn gepleegd vóór de wetswijziging.
In een tijd waarin politiek en publieke opinie steeds vaker roepen om strengere straffen, snellere veroordelingen en minder ‘procedureel gedoe’, staat de lex mitior-regel onder druk. Toch vormt juist dit beginsel een moreel en juridisch ankerpunt. Het dwingt wetgever en rechter tot consistentie, terughoudendheid en zelfreflectie.
Wat betekent lex mitior precies?
Lex mitior is Latijn voor “de mildere wet”. Het beginsel houdt in dat een verdachte of veroordeelde recht heeft op toepassing van de meest gunstige strafwet wanneer wetgeving in de tijd verandert. Het staat tegenover het verbod van terugwerkende kracht van strafwetten (lex severior), dat verhindert dat strengere strafbepalingen met terugwerkende kracht worden toegepast.
Samen vormen deze regels een evenwicht: de staat mag burgers niet achteraf zwaarder straffen, maar moet wél bereid zijn zijn eigen mildere inzichten toe te passen op het verleden. Dat is geen gunst, maar een erkenning dat strafrecht altijd een normatief oordeel in de tijd is.
Waarom dit beginsel logisch is
Wie een strafwet versoepelt, erkent impliciet dat het eerdere strafmaximum, de strafbaarstelling of de gekozen sanctie niet langer gerechtvaardigd is. Als de wetgever concludeert dat bepaald gedrag minder ernstig is dan eerder werd gedacht, is het moeilijk te verdedigen dat mensen die toevallig eerder zijn veroordeeld die zwaardere straf blijven dragen.
Zonder lex mitior ontstaat willekeur op basis van timing. Twee burgers die exact hetzelfde feit plegen, kunnen dan radicaal verschillend worden behandeld, uitsluitend omdat de een vóór en de ander na een wetswijziging is berecht. Dat ondermijnt het gelijkheidsbeginsel en tast het gezag van het strafrecht aan.
Een concreet voorbeeld: strafmaat en softdrugs
Stel dat bezit van een bepaalde hoeveelheid softdrugs eerst strafbaar is met een gevangenisstraf van maximaal één jaar. De wetgever besluit later dat dit disproportioneel is en verlaagt het maximum naar drie maanden, of kiest zelfs voor een bestuurlijke boete.
Zonder lex mitior zou iemand die al is veroordeeld tot acht maanden gevangenisstraf die straf volledig moeten uitzitten, terwijl een later veroordeelde hooguit drie maanden krijgt of helemaal niet strafrechtelijk wordt vervolgd. Met lex mitior kan de eerdere veroordeling worden aangepast aan de nieuwe, mildere norm.
Lex mitior en veranderende maatschappelijke normen
Strafrecht volgt maatschappelijke opvattingen, maar loopt daar vaak achteraan. Wat ooit als ernstig werd gezien, kan later als overbodig of zelfs onrechtvaardig worden beschouwd. Denk aan strafbaarstellingen rond homoseksualiteit in het verleden, of zeer zware straffen voor relatief lichte economische delicten.
De lex mitior-regel erkent dat wetgeving niet onfeilbaar is. Zij voorkomt dat verouderde morele oordelen levenslang doorwerken in straffen die achteraf niet meer te rechtvaardigen zijn. Daarmee is het beginsel niet alleen juridisch, maar ook moreel relevant.
Internationale verankering
De lex mitior-regel is geen vrijblijvende nationale keuze. Het beginsel is vastgelegd in internationale mensenrechtenverdragen en wordt consequent bevestigd in de rechtspraak van onder meer het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Het hof beschouwt lex mitior als onderdeel van het legaliteitsbeginsel in strafzaken.
Dat betekent dat staten die het beginsel negeren, niet alleen hun eigen rechtsorde aantasten, maar ook internationale verplichtingen schenden. Lex mitior is daarmee geen ‘softe’ regel, maar harde rechtsstatelijke infrastructuur.
Politieke weerstand tegen mildheid
In het politieke debat wordt mildheid vaak gelijkgesteld aan zwakte. Strafverlagingen worden snel geframed als “soft on crime”, terwijl de achterliggende redenen – proportionaliteit, effectiviteit, rechtsgelijkheid – nauwelijks aandacht krijgen.
De lex mitior-regel werkt in die context als een ongemakkelijke herinnering: wie vandaag pleit voor strafverlaging, moet bereid zijn die keuze ook toe te passen op het verleden. Dat vraagt politieke moed en consequentie, eigenschappen die in het strafrechtelijk debat niet altijd ruim voorhanden zijn.
Het spanningsveld met slachtofferbelangen
Critici wijzen erop dat toepassing van lex mitior pijnlijk kan zijn voor slachtoffers. Een lagere straf kan voelen als een herwaardering van het gepleegde leed. Dat sentiment is begrijpelijk, maar juridisch niet doorslaggevend.
Strafrecht is geen vergeldingsinstrument dat uitsluitend het verleden repareert. Het is een normatief systeem dat voortdurend opnieuw bepaalt wat de staat proportioneel en gerechtvaardigd vindt. Lex mitior dwingt de staat om die herijking serieus te nemen, ook als dat emotioneel ongemakkelijk is.
Lex mitior als rem op symboolwetgeving
Een onderschat effect van de lex mitior-regel is haar remmende werking op opportunistische wetgeving. Wie weet dat een strafverlaging ook gevolgen heeft voor lopende en afgeronde zaken, zal minder snel overhaast wetten aanpassen voor politiek gewin.
Het beginsel bevordert zorgvuldigheid. Het herinnert wetgevers eraan dat strafrecht geen experiment is zonder consequenties, maar een systeem dat diep ingrijpt in mensenlevens, ook achteraf.
Waarom deze regel verdedigd moet blijven
In een tijd van verharding, snelle oordelen en toenemende druk op de rechterlijke macht is de lex mitior-regel een stille bondgenoot van de rechtsstaat. Zij beschermt burgers tegen historische willekeur, dwingt de staat tot consistentie en erkent dat voortschrijdend inzicht ook terugwerkende verantwoordelijkheid meebrengt.
Wie de lex mitior-regel afzwakt, zegt feitelijk: we weten nu beter, maar trekken ons niets aan van de gevolgen van ons eerdere ongelijk. Dat is geen kracht, maar bestuurlijke lafheid.
De lex mitior-regel is geen technische voetnoot voor juristen, maar een morele lakmoesproef voor de rechtsstaat. Zij vraagt of we bereid zijn onze mildere inzichten eerlijk toe te passen, ook wanneer dat politiek ongemakkelijk of emotioneel beladen is.
Een strafrecht dat die vraag ontwijkt, verliest zijn morele legitimiteit. Juist daarom verdient de lex mitior-regel niet minder, maar méér publieke aandacht.
Gebruikte bronnen
- Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, artikel 7
- Rechtspraak Europees Hof voor de Rechten van de Mens (o.a. Scoppola v. Italy)
- Noyon-Langemeijer-Remmelink, Het Wetboek van Strafrecht
- A.J. Machielse, Legaliteitsbeginsel en strafrecht
- Kamerstukken II, diverse wetswijzigingen strafrecht
Ontdek meer van HBP Media
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.