DEN HAAG, 21 maart 2026 – Het kabinet wil waardevolle spullen en vermogen met een criminele herkomst sneller en effectiever kunnen afpakken. De ministerraad heeft daarom besloten het wetsvoorstel voor de implementatie van de Europese Confiscatierichtlijn voor advies naar de Raad van State te sturen. Daarmee zet het kabinet een volgende stap in de aanpak van ondermijnende criminaliteit.
Op dit moment kan de overheid crimineel vermogen in de regel pas afpakken nadat een verdachte is veroordeeld. Met het nieuwe wetsvoorstel moet dat in meer gevallen ook mogelijk worden zonder veroordeling van een verdachte, of zelfs zonder dat een concrete verdachte in beeld is. Volgens het kabinet maakt dat de aanpak van crimineel geld en luxe bezittingen die met misdaad zijn betaald een stuk slagvaardiger.
Minister David van Weel van Justitie en Veiligheid noemt vooral de verschuiving van de bewijslast van belang. In zijn toelichting stelt hij dat belanghebbenden een geloofwaardige verklaring moeten kunnen geven voor de herkomst van dure spullen, grote hoeveelheden contant geld of ander vermogen. Als het Openbaar Ministerie aannemelijk maakt dat bijvoorbeeld een luxe auto met crimineel geld is betaald, moet de eigenaar dat kunnen weerleggen. Volgens Van Weel komen daarmee niet langer alleen de verdachte of veroordeelde centraal te staan, maar vooral het geld en de goederen zelf.
Europese afspraken als basis
De wetswijziging vloeit voort uit Europese afspraken die in 2024 zijn gemaakt om crimineel vermogen binnen de EU effectiever af te pakken. Nederland moet de nationale wetgeving daarop aanpassen. Met een meer gelijklopende strafrechtelijke procedure moet ook de samenwerking met andere EU-lidstaten eenvoudiger worden, bijvoorbeeld bij grensoverschrijdende onderzoeken en het veiligstellen van bezittingen.
Daarnaast is voorzien dat nationale bureaus voor vermogensontneming in de lidstaten nauwer gaan samenwerken. Ook moeten in beslag genomen goederen in meer gevallen al kunnen worden verkocht voordat een strafzaak definitief is afgerond. Volgens het kabinet kan dat de opbrengsten verhogen en tegelijk de kosten voor opslag en beheer beperken.
Consultatiereacties verwerkt
Het ministerie meldt dat de reacties uit de consultatiefase inmiddels in het wetsvoorstel zijn verwerkt. De volgende stap is nu advisering door de Raad van State. Pas daarna kan het voorstel, eventueel aangepast, naar de Tweede Kamer voor behandeling. Van een definitieve wetswijziging is dus nog geen sprake.
Het onderwerp speelt al langer. In maart 2024 maakte het kabinet al bekend dat eerdere Nederlandse plannen moesten worden aangepast om aan te sluiten op de Europese Confiscatierichtlijn. Waar eerder werd gedacht aan een civielrechtelijke route, is nu gekozen voor een regeling in het strafrecht, in lijn met de Europese afspraken.
Gerichter optreden tegen ondermijning
Met het voorstel wil het kabinet vooral voorkomen dat criminelen hun winsten buiten bereik van justitie houden door vermogen op naam van anderen te zetten of de herkomst van geld en goederen te verhullen. Door sneller in te grijpen bij onverklaarbare rijkdom hoopt het kabinet criminele netwerken harder te raken. Het afpakken van opbrengsten geldt al langer als een belangrijk middel tegen georganiseerde en ondermijnende criminaliteit.
Of de nieuwe regels daadwerkelijk in deze vorm worden ingevoerd, hangt af van het advies van de Raad van State en de latere behandeling in beide Kamers. Vast staat dat het kabinet het afpakken van crimineel vermogen nadrukkelijk wil versnellen en daarbij meer ruimte wil creëren om niet alleen personen, maar juist ook geldstromen en bezittingen centraal te stellen.
Korte samenvatting
Het kabinet wil crimineel vermogen sneller kunnen afpakken, ook zonder veroordeling of bekende verdachte. Het wetsvoorstel ligt nu voor advies bij de Raad van State.
Ontdek meer van HBP Media
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
