GROESBEEK, 13 februari 2026 – De rechtbank Arnhem heeft een 19-jarige man veroordeeld voor zijn rol bij een mislukte overval op een cafetaria in Groesbeek. De poging vond plaats op 16 augustus 2025 en werd gepleegd in vereniging met twee medeverdachten. De rechtbank acht bewezen dat sprake was van een poging tot diefstal, vergezeld van bedreiging met geweld.
Volgens de rechtbank hadden de drie verdachten vooraf gezamenlijk het plan opgevat om de cafetaria te overvallen en geld buit te maken. Daarbij droegen zij gezichtsbedekkende kleding om herkenning te voorkomen.
### Bedreiging met ijzeren staaf
Tijdens de poging tot overval liep één van de medeverdachten de cafetaria binnen met een ijzeren staaf, terwijl een ander om geld riep. De veroordeelde verdachte bleef bij de ingang op de uitkijk staan. De rechtbank oordeelt dat deze rolverdeling onderdeel was van een gezamenlijke uitvoering van het plan.
De verdediging stelde dat geen sprake was van bedreiging met geweld, maar de rechtbank volgt dat standpunt niet. Volgens de rechters is het tonen van een ijzeren staaf in een overvalsituatie naar zijn uiterlijke verschijningsvorm voldoende om van bedreiging met geweld te spreken.
### Overval mislukt, verdachten vluchten
De overval mislukte nadat de eigenaar van de cafetaria aangaf geen geld in de zaak te hebben. De drie verdachten verlieten daarop het pand. Later probeerden zij hun betrokkenheid te verhullen door de gedragen kleding weg te gooien.
De rechtbank benadrukt dat overvallen in de praktijk vrijwel altijd gepaard gaan met dreiging of geweld en dat de verdachte zich door zijn deelname willens en wetens heeft blootgesteld aan die aanmerkelijke kans.
### Volwassenstrafrecht toegepast
Hoewel de verdachte ten tijde van het feit 19 jaar oud was, heeft de rechtbank besloten het volwassenstrafrecht toe te passen. Uit een rapport van de reclassering blijkt dat de verdachte kampt met onder meer ADHD, een licht verstandelijke beperking en een problematische jeugd. Toch zag de rechtbank geen aanleiding om het jeugdstrafrecht toe te passen.
Wel hield de rechtbank bij de strafoplegging rekening met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte en het feit dat hij niet eerder is veroordeeld.
### Gevangenisstraf en taakstraf
De rechtbank legt een gevangenisstraf op van 207 dagen, waarvan 180 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Het onvoorwaardelijke deel van 27 dagen is gelijk aan het reeds ondergane voorarrest, waardoor de verdachte niet terug hoeft naar de gevangenis.
Daarnaast krijgt hij een taakstraf van 180 uur opgelegd. Bij het niet uitvoeren van deze taakstraf kan vervangende hechtenis volgen.
### Strenge voorwaarden en toezicht
Aan de voorwaardelijke straf zijn meerdere bijzondere voorwaarden verbonden. Zo moet de verdachte zich melden bij de reclassering, meewerken aan gedragsinterventies en behandeling, en zijn cannabisgebruik onder controle houden. Ook geldt een contactverbod met de medeverdachten en een locatieverbod voor de cafetaria en een straal van 50 meter daaromheen.
De rechtbank heeft bepaald dat deze voorwaarden direct uitvoerbaar zijn, ook als de verdachte in hoger beroep zou gaan.