LEEUWARDEN – Een vrouw die in 2021 meerdere keren seksuele handelingen verrichtte met een dertienjarige jongen, is door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld tot een taakstraf van 240 uur en een gevangenisstraf van 420 dagen, waarvan 419 dagen voorwaardelijk. De vrouw, geboren in 1990, kreeg daarmee in hoger beroep een aanzienlijk lagere onvoorwaardelijke gevangenisstraf dan eerder door de rechtbank was opgelegd. Volgens het hof heeft zij ernstig misbruik gemaakt van een minderjarige jongen en zijn lichamelijke integriteit geschonden. Bij de strafoplegging hield het hof echter rekening met haar verminderde toerekeningsvatbaarheid, persoonlijke omstandigheden en het tijdsverloop sinds de gebeurtenissen.

Het arrest werd donderdag 22 oktober 2026 uitgesproken. De vrouw was eerder door de rechtbank Noord-Nederland in Groningen veroordeeld tot achttien maanden gevangenisstraf, waarvan acht maanden voorwaardelijk. Tegen die uitspraak van 4 april 2025 stelde zij hoger beroep in.

Het gerechtshof acht, net als de rechtbank, bewezen dat de vrouw zich meerdere keren schuldig heeft gemaakt aan ontucht met een jongen die destijds pas dertien jaar oud was. De straf valt in hoger beroep echter aanzienlijk anders uit.

Seksueel misbruik vond plaats in woning verdachte

De strafbare feiten vonden plaats tussen 1 februari en 1 juli 2021. De vrouw woonde destijds in een woning waar de jongen en een vriend van hem regelmatig op bezoek kwamen en soms bleven slapen.

Volgens het gerechtshof vonden op verschillende momenten seksuele handelingen plaats tussen de toen ongeveer 31-jarige vrouw en de dertienjarige jongen. Daarbij bleef het niet bij zoenen en aanrakingen, maar was ook sprake van geslachtsgemeenschap.

Een vijftienjarige vriend van het slachtoffer was eenmaal getuige van de seksuele handelingen. Hij lag op een matras naast het bed van de vrouw en verklaarde later tegenover de politie wat hij had gezien en gehoord.

Het hof stelt vast dat de verdachte een ernstige inbreuk heeft gemaakt op de lichamelijke integriteit van de jongen. Volgens de rechters had het slachtoffer een normale seksuele ontwikkeling met leeftijdsgenoten moeten kunnen doormaken, in plaats van als bedpartner te fungeren van een volwassen vrouw.

Moeder ontdekte berichten op tablet van zoon

De zaak kwam aan het licht nadat de moeder van de jongen ongeveer anderhalf jaar na de gebeurtenissen berichten tussen haar zoon en de vrouw op een tablet ontdekte.

Door de inhoud van die berichten kreeg zij het vermoeden dat sprake was geweest van seksuele handelingen tussen de volwassen vrouw en haar minderjarige zoon. Daarop werd aangifte gedaan.

De jongen verklaarde tijdens het politieonderzoek dat hij meerdere keren seksueel contact met de vrouw had gehad. Hij beschreef de gebeurtenissen uitgebreid en vertelde dat de handelingen zich op verschillende dagen hadden voorgedaan.

Tijdens een later verhoor bij de rechter-commissaris bevestigde hij zijn eerdere verklaringen. Volgens de jongen was het seksuele contact ongeveer drie keer voorgekomen.

Ook de vijftienjarige vriend die eenmaal getuige was geweest, bleef bij zijn eerdere verklaring.

Vrouw ontkent seksuele relatie met jongen

De verdachte heeft gedurende de strafprocedure steeds ontkend dat zij seks met de jongen heeft gehad. Haar advocaat vroeg het gerechtshof daarom om vrijspraak.

Volgens de verdediging waren de verklaringen van het slachtoffer en zijn vriend onvoldoende betrouwbaar. Daarbij wees de advocaat op het tijdsverloop tussen de gebeurtenissen en de verhoren en op verschillen tussen de afzonderlijke verklaringen.

Ook speelde volgens de verdediging mee dat de betrokken jongens destijds onder invloed van alcohol of drugs zouden zijn geweest.

Daarnaast stelde de advocaat dat de authenticiteit van bepaalde TikTok-berichten niet door de politie kon worden vastgesteld. Deze berichten mochten volgens de verdediging daarom niet als bewijs worden gebruikt.

Het gerechtshof ging niet mee in de verzoeken om vrijspraak.

Verklaringen slachtoffer volgens gerechtshof betrouwbaar

Volgens het hof heeft de jongen op belangrijke onderdelen consistent en concreet verklaard over de seksuele handelingen. De rechters vinden zijn verklaringen betrouwbaar en authentiek.

Belangrijk daarbij is de verklaring van de vriend die eenmaal getuige was van het seksuele contact. Volgens het hof heeft deze getuige uitsluitend beschreven wat hij daadwerkelijk had waargenomen en heeft hij zijn verhaal niet overdreven.

Ook vond het hof ondersteuning in verklaringen van de verdachte zelf. Zij bevestigde dat de jongens meerdere keren in haar woning hadden overnacht.

Dat er geruime tijd zat tussen de gebeurtenissen en de latere verklaringen, maakt deze volgens het hof niet minder betrouwbaar. Het tijdsverloop wordt bovendien verklaard doordat de moeder pas veel later ontdekte wat er mogelijk was gebeurd.

Het hof gebruikte de betwiste TikTok-berichten uiteindelijk niet als bewijsmiddel. De verklaringen van het slachtoffer, de getuige en de overige ondersteunende gegevens waren volgens de rechters voldoende om het herhaaldelijke misbruik bewezen te verklaren.

Gerechtshof rekent vrouw misbruik verminderd toe

Bij de bepaling van de straf speelde een psychologisch onderzoek van 30 april 2026 een belangrijke rol. Daaruit bleek dat de vrouw verschillende psychische problemen en ontwikkelingsstoornissen heeft die ook tijdens de strafbare feiten aanwezig waren.

Volgens de deskundige hadden deze omstandigheden invloed op haar functioneren. Het gerechtshof concludeert daarom dat het bewezenverklaarde misbruik haar in verminderde mate kan worden toegerekend.

Dat betekent nadrukkelijk niet dat de vrouw niet strafbaar is. De rechters vinden wel dat haar persoonlijke omstandigheden moeten meewegen bij de uiteindelijke straf.

Ook uit een reclasseringsrapport van september 2026 blijkt dat de verdachte een moeilijke persoonlijke voorgeschiedenis heeft en begeleiding ontvangt. Zij staat bovendien op een wachtlijst voor verdere psychologische behandeling.

De vrouw heeft vijf kinderen, van wie de twee jongsten bij haar wonen. Volgens de reclassering zou een langdurige onvoorwaardelijke gevangenisstraf haar behandeling en begeleiding doorkruisen. Daarnaast bestaat het risico dat zij daardoor haar woning en de zorg voor haar twee thuiswonende kinderen verliest.

Van tien maanden cel naar één dag onvoorwaardelijk

De rechtbank Noord-Nederland had de vrouw in april 2025 veroordeeld tot achttien maanden gevangenisstraf, waarvan acht maanden voorwaardelijk. Daarmee moest zij volgens het oorspronkelijke vonnis tien maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf ondergaan.

Het gerechtshof komt nu tot een andere straf.

De vrouw krijgt een gevangenisstraf van 420 dagen, waarvan 419 dagen voorwaardelijk. De proeftijd bedraagt drie jaar. Daarnaast moet zij de maximale taakstraf van 240 uur uitvoeren.

Wanneer zij de taakstraf niet naar behoren verricht, kan deze worden vervangen door 120 dagen hechtenis.

De rechters benadrukken dat de ernst van het seksuele misbruik in beginsel een aanzienlijke onvoorwaardelijke gevangenisstraf rechtvaardigt. Toch vinden zij de combinatie van één dag onvoorwaardelijke gevangenisstraf, een taakstraf en een langdurig voorwaardelijk strafdeel in deze specifieke zaak passend.

Een uitsluitend voorwaardelijke gevangenisstraf met alleen een taakstraf was juridisch niet mogelijk vanwege het wettelijke taakstrafverbod dat voor dit ernstige zedendelict geldt.

Slachtoffer krijgt 3.000 euro schadevergoeding

Het slachtoffer had zich als benadeelde partij bij de strafzaak gevoegd en een schadevergoeding van 5.000 euro geëist wegens immateriële schade.

De rechtbank had dit bedrag eerder volledig toegewezen, maar het gerechtshof komt tot een lagere vergoeding.

Volgens de rechters staat vast dat de jongen door het seksuele misbruik rechtstreeks immateriële schade heeft geleden. De aard en ernst van de gebeurtenissen zijn voldoende om aan te nemen dat zijn persoonlijke integriteit ernstig is aangetast.

Het hof vindt een bedrag van 3.000 euro voldoende onderbouwd. De vrouw moet dit bedrag betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 juli 2021.

Voor de resterende 2.000 euro wordt het slachtoffer niet-ontvankelijk verklaard in de strafprocedure. Hij kan dit deel van zijn schadeclaim eventueel nog aan de burgerlijke rechter voorleggen.

Om de betaling te bevorderen, heeft het hof ook een schadevergoedingsmaatregel opgelegd.

Misbruik van minderjarige blijft ernstig strafbaar feit

Het gerechtshof benadrukt in zijn arrest dat seksuele handelingen tussen een volwassene en een kind beneden de zestien jaar een ernstige aantasting van de lichamelijke integriteit vormen.

De rechters wijzen erop dat slachtoffers van seksueel misbruik vaak nog jarenlang negatieve gevolgen kunnen ondervinden van hun ervaringen.

In deze zaak rekent het hof de vrouw bovendien aan dat zij minderjarige jongens in haar woning toeliet en hen alcohol en drugs liet gebruiken, terwijl zij volgens haar eigen verklaring uit moeilijke omstandigheden kwamen.

De eerste keer dat het misbruik plaatsvond, verkeerde het slachtoffer naar eigen zeggen onder invloed van alcohol en lachgas.

Ook de aanwezigheid van de vijftienjarige vriend, die getuige was van een van de gebeurtenissen, maakt het handelen van de vrouw volgens het hof extra ernstig.

Drie jaar proeftijd moet herhaling voorkomen

Met de nieuwe straf wil het hof enerzijds recht doen aan de ernst van het seksuele misbruik en anderzijds rekening houden met de persoonlijke omstandigheden van de veroordeelde vrouw.

De voorwaardelijke gevangenisstraf van 419 dagen blijft gedurende een proeftijd van drie jaar boven haar hoofd hangen. Wanneer zij tijdens deze periode opnieuw een strafbaar feit pleegt, kan de rechter beslissen dat het voorwaardelijke strafdeel alsnog moet worden uitgevoerd.

Het hof heeft geen aanvullende bijzondere voorwaarden opgelegd, zoals een verplichte meldplicht bij de reclassering of een behandelverplichting. Daarmee volgt het gerechtshof het advies van de reclassering, die een deels voorwaardelijke straf zonder bijzondere voorwaarden passend vond.

De uitspraak betekent dat de vrouw schuldig blijft aan het herhaaldelijk plegen van ontucht met een dertienjarige jongen, maar dat zij in hoger beroep een aanzienlijk lagere onvoorwaardelijke gevangenisstraf krijgt dan de rechtbank eerder had opgelegd.

Het gerechtshof vernietigt daarom het oorspronkelijke vonnis en vervangt dit door zijn eigen beslissing van 22 oktober 2026.