UTRECHT – Een voormalige leerling-verpleegkundige is door de rechtbank in Utrecht veroordeeld voor ontucht met een vrouwelijke patiënte die aan haar zorg was toevertrouwd. De vrouw onderhield tijdens haar werkzaamheden in een zorginstelling een intieme relatie met de patiënte, waarbij uiteindelijk ook seksuele handelingen plaatsvonden. De rechtbank heeft haar een gevangenisstraf van dertig dagen opgelegd, waarvan 29 dagen voorwaardelijk, en een taakstraf van 100 uur. Daarnaast moet zij het slachtoffer 7.500 euro schadevergoeding betalen.
De gebeurtenissen speelden zich af in januari en februari 2023. De verdachte, geboren in 1999, was destijds als leerling-verpleegkundige werkzaam bij een zorginstelling. De naam van de instelling en de plaats waar de feiten zich afspeelden, zijn in de gepubliceerde uitspraak niet bekendgemaakt.
Verpleegkundige was eerste aanspreekpunt patiënte
Het slachtoffer werd in december 2022 opgenomen in de zorginstelling waar de verdachte werkte. De leerling-verpleegkundige was haar eerstverantwoordelijke verzorgende en daarmee een belangrijk aanspreekpunt tijdens de behandeling.
Tussen beide vrouwen ontstond persoonlijk contact dat al snel verder ging dan de gebruikelijke professionele relatie tussen een zorgverlener en een patiënte.
Volgens de verklaring van het slachtoffer gingen de vrouwen samen uit eten in Utrecht. Daarna hielden zij intensief contact via WhatsApp.
De gesprekken kregen steeds vaker een romantisch en seksueel karakter. De twee spraken meerdere keren buiten de instelling met elkaar af, waaronder in de woning van de verpleegkundige.
Tijdens die ontmoetingen werd gezoend en geknuffeld. Uiteindelijk vonden ook seksuele handelingen plaats.
De rechtbank heeft vastgesteld dat de verdachte daarmee de professionele grenzen heeft overschreden die voor zorgverleners gelden.
Duizenden WhatsApp-berichten als bewijs
De WhatsApp-gesprekken tussen de vrouwen speelden een belangrijke rol in de bewijsvoering.
Bij het onderzoek werden duizenden berichten onderzocht. Uit de telefoongegevens bleek dat tussen 9 januari en 30 mei 2023 in totaal 2.904 WhatsApp-gesprekken tussen de verdachte en het slachtoffer waren geregistreerd.
De berichten lieten volgens de rechtbank zien hoe het contact zich ontwikkelde van persoonlijke belangstelling tot een seksuele relatie.
Daarbij nam de verpleegkundige ook zelf regelmatig het initiatief.
Zo schreef zij op 21 januari 2023 dat zij veel aan de patiënte moest denken en haar aantrekkelijk vond.
In latere berichten spraken beide vrouwen openlijk over hun gevoelens en verlangens.
Een WhatsApp-bericht van 7 februari 2023 bleek voor de rechtbank bijzonder belangrijk. Daarin schreef de verdachte dat het seksuele contact haar niet had afgeschrikt en dat zij er geen spijt van had.
Volgens de rechters bevestigt dit dat daadwerkelijk seksuele handelingen hebben plaatsgevonden.
Verdachte ontkent en beschuldigt patiënte
De leerling-verpleegkundige ontkende tijdens de strafzaak dat zij zelf seksuele handelingen bij het slachtoffer had verricht.
Volgens haar was de patiënte slechts één keer in haar woning geweest en had juist het slachtoffer haar tegen haar wil seksueel aangeraakt.
De verdachte verklaarde dat zij meerdere keren had aangegeven dit niet te willen, maar dat de patiënte bleef doorgaan.
Haar advocaat vroeg daarom om vrijspraak. Volgens de verdediging was onvoldoende overtuigend bewijs aanwezig om vast te stellen dat de verpleegkundige zich schuldig had gemaakt aan ontucht.
De rechtbank verwierp deze lezing.
De rechters vonden de verklaringen van het slachtoffer op de belangrijkste onderdelen betrouwbaar en consistent. Hoewel de patiënte zich niet alle exacte data kon herinneren, werd haar verhaal ondersteund door de WhatsApp-berichten.
Daaruit bleek bovendien dat beide vrouwen meerdere keren privé hadden afgesproken, terwijl de verdachte dat ontkende.
Volgens de rechtbank pasten de berichten waarin de verpleegkundige zelf initiatief nam voor intiem contact niet bij haar verklaring dat zij uitsluitend onder druk van de patiënte had gehandeld.
Kwetsbare positie slachtoffer genegeerd
De rechtbank neemt het de verdachte zwaar kwalijk dat zij een seksuele relatie aanging met iemand die afhankelijk was van professionele zorg.
De patiënte bevond zich in een kwetsbare positie en de leerling-verpleegkundige was bekend met haar persoonlijke problematiek.
Juist vanwege die omstandigheden had de verdachte afstand moeten bewaren en haar professionele verantwoordelijkheid moeten nemen.
Volgens de rechtbank heeft zij niet alleen een morele en sociaal-ethische norm geschonden, maar ook een strafrechtelijke grens overschreden.
Dat de gevoelens mogelijk wederzijds waren, doet niets af aan de verantwoordelijkheid die een zorgverlener tegenover een patiënt heeft.
De rechters benadrukken dat de professionele verhouding tussen zorgverlener en patiënt bepalend is.
Slachtoffer verloor vertrouwen in hulpverleners
Tijdens de rechtszaak werd ook duidelijk welke gevolgen de gebeurtenissen voor het slachtoffer hebben gehad.
Haar advocaat las een slachtofferverklaring voor waarin werd beschreven hoeveel invloed de gebeurtenissen op haar leven hebben gehad.
Volgens de rechtbank heeft het slachtoffer door het handelen van de verpleegkundige haar vertrouwen in behandelaars verloren.
Dat weegt zwaar, omdat de patiënte juist afhankelijk was van professionele hulp en behandeling.
De rechtbank neemt het de verdachte bovendien extra kwalijk dat zij geen verantwoordelijkheid voor haar handelen heeft genomen.
In plaats daarvan bleef zij volgens de rechters de schuld bij het slachtoffer leggen.
Daarmee heeft zij het slachtoffer volgens de rechtbank extra leed berokkend en niet bijgedragen aan haar herstel.
Openbaar Ministerie eiste zwaardere straf
De officier van justitie had een gevangenisstraf van 180 dagen geëist, waarvan 179 dagen voorwaardelijk, en daarnaast een taakstraf van 180 uur.
De rechtbank kwam tot een aanzienlijk lagere straf.
Daarbij hielden de rechters rekening met de jonge leeftijd van de verdachte ten tijde van de gebeurtenissen en haar beperkte ervaring als leerling-verpleegkundige.
Hoewel uit de berichten bleek dat zij wist dat de relatie niet was toegestaan, achtte de rechtbank het denkbaar dat zij de ernst van haar handelen minder goed kon overzien dan een ervaren zorgmedewerker.
Ook speelde mee dat de vrouw niet eerder voor soortgelijke strafbare feiten was veroordeeld.
De reclassering schatte de kans op herhaling laag in en zag geen aanleiding om bijzondere voorwaarden of aanvullend toezicht te adviseren.
Eén dag cel en honderd uur taakstraf
De rechtbank legde uiteindelijk een gevangenisstraf van dertig dagen op, waarvan 29 dagen voorwaardelijk.
Dat betekent dat één dag onvoorwaardelijk is opgelegd. Voor het voorwaardelijke gedeelte geldt een proeftijd van twee jaar.
Daarnaast moet de vrouw een taakstraf van honderd uur uitvoeren.
Wanneer zij deze taakstraf niet of onvoldoende uitvoert, kan deze worden vervangen door vijftig dagen hechtenis.
De rechtbank lichtte toe waarom een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van één dag noodzakelijk was.
Door het wettelijke taakstrafverbod bij bepaalde zedenmisdrijven kon de rechter niet volstaan met uitsluitend een taakstraf in combinatie met een volledig voorwaardelijke gevangenisstraf.
Daarom werd gekozen voor een combinatie waarbij één dag gevangenisstraf onvoorwaardelijk is.
Slachtoffer krijgt 7.500 euro schadevergoeding
Naast de straf moet de veroordeelde een schadevergoeding van 7.500 euro betalen aan het slachtoffer.
De patiënte had dit bedrag geëist als vergoeding voor immateriële schade.
Volgens de rechtbank is voldoende aangetoond dat zij door het strafbare handelen geestelijk letsel heeft opgelopen.
De rechters vonden het gevraagde bedrag passend en wezen de volledige vordering toe.
Daar komt wettelijke rente bij vanaf 1 februari 2023 tot het moment waarop de schadevergoeding volledig is betaald.
De rechtbank legde ook een schadevergoedingsmaatregel op. Daardoor kan de Staat het bedrag namens het slachtoffer innen.
Wanneer de veroordeelde niet betaalt, kan onder voorwaarden maximaal 62 dagen gijzeling worden toegepast. Die maatregel heft de betalingsverplichting niet op.
Professionele grenzen in de zorg centraal
De uitspraak onderstreept het belang van duidelijke professionele grenzen binnen de gezondheidszorg.
Patiënten moeten erop kunnen vertrouwen dat zorgverleners hun afhankelijkheid en kwetsbare positie respecteren.
Een persoonlijke of romantische relatie tussen een zorgverlener en een patiënt kan juist vanwege die afhankelijkheidsverhouding ernstige gevolgen hebben.
In deze zaak concludeerde de rechtbank dat de leerling-verpleegkundige zich schuldig had gemaakt aan ontucht met een patiënte die aan haar hulp en zorg was toevertrouwd.
De vrouw is daarvoor veroordeeld tot een gevangenisstraf van dertig dagen, waarvan 29 dagen voorwaardelijk, honderd uur taakstraf en betaling van 7.500 euro schadevergoeding.



