DEN HAAG, 8 januari 2026 – Het Openbaar Ministerie heeft een gevangenisstraf van 40 maanden geëist tegen een 31-jarige man uit Delft. De man wordt verdacht van grootschalige handel in cocaïne en het witwassen van grote geldbedragen. In deze strafzaak zijn procesafspraken gemaakt tussen het Openbaar Ministerie en de verdediging, wat heeft geleid tot een aangepaste strafeis en een versnelde afhandeling van de zaak.
SkyECC-berichten als kernbewijs
Een belangrijk onderdeel van het bewijs bestaat uit ontsleutelde berichten afkomstig van de cryptocommunicatiedienst SkyECC. Deze dienst werd veelvuldig gebruikt door criminelen om versleuteld te communiceren. Volgens het Openbaar Ministerie tonen de berichten aan dat de verdachte zich in 2020 en 2021 gedurende een periode van ongeveer acht maanden structureel bezighield met de handel in harddrugs.
In de communicatie wordt gesproken over het leveren van ‘colo’ en ‘boli’, termen die volgens het OM verwijzen naar Colombiaanse en Boliviaanse cocaïne. Daarnaast zijn er foto’s aangetroffen waarop blokken drugs te zien zijn. Deze berichten schetsen volgens het OM een duidelijk beeld van actieve betrokkenheid bij internationale cocaïnehandel.
Witwassen van miljoenen
Uit dezelfde berichten blijkt ook dat de verdachte een grote rol zou hebben gespeeld bij het witwassen van crimineel geld. Het Openbaar Ministerie stelt dat het gaat om een bedrag van ruim twee miljoen euro. De communicatie laat zien dat geldstromen werden verplaatst en verhuld, wat volgens het OM wijst op georganiseerde en professionele criminaliteit.
Procesafspraken verkorten strafzaak
In deze zaak heeft het Openbaar Ministerie gebruikgemaakt van procesafspraken, een relatief nieuw instrument binnen het strafrecht. Met procesafspraken kunnen het OM en de verdediging afspraken maken over onder meer de strafeis en de procesgang. Het doel hiervan is het verkorten van langdurige strafzaken en het efficiënter inzetten van de capaciteit binnen de rechtspraak.
Concreet is afgesproken dat de verdachte geen inhoudelijk verweer zal voeren en geen aanvullende onderzoekswensen zal indienen. In ruil daarvoor heeft het Openbaar Ministerie de oorspronkelijke strafeis met een derde gematigd. Ook is overeengekomen dat beide partijen geen hoger beroep zullen instellen, mits de rechtbank de afspraken redelijk en gerechtvaardigd acht.
Directe tenuitvoerlegging
Een ander onderdeel van de afspraken is dat de verdachte, zodra de rechtbank uitspraak heeft gedaan, direct zal beginnen met het uitzitten van zijn gevangenisstraf. Dit draagt volgens het OM bij aan een snelle en duidelijke afdoening van de zaak en voorkomt verdere juridische vertraging.
De rechtbank doet over twee weken uitspraak. Dan wordt duidelijk of de rechter de procesafspraken volgt en de geëiste straf van 40 maanden daadwerkelijk oplegt.