Trage vrijgave Epstein-dossiers kan jaren duren ondanks wettelijk mandaat

Gebouw van het Amerikaanse ministerie van Justitie in Washington in verband met de vrijgave van Epstein-dossiers.

AMSTERDAM, 7 januari 2026 – De vrijgave van documenten over de inmiddels overleden zedendelinquent Jeffrey Epstein door de regering-Trump verloopt in een opvallend traag tempo. Uit recente rechtbankstukken blijkt dat het Amerikaanse ministerie van Justitie (DOJ) nog maar een fractie heeft vrijgegeven van het totale archief. Daardoor dreigt het jaren te duren voordat wordt voldaan aan het expliciete mandaat van het Congres voor volledige transparantie.

Het ministerie meldde maandag aan een federale rechtbank dat sinds 19 december slechts 12.285 documenten openbaar zijn gemaakt. Tegelijkertijd erkent het DOJ dat er meer dan twee miljoen documenten bestaan die zich nog in “verschillende fasen van toetsing” bevinden. Dat betekent dat minder dan één procent van het totale materiaal tot nu toe beschikbaar is gesteld voor het publiek.

Wettelijke deadline ruimschoots overschreden

De vertraging is extra gevoelig omdat het Congres met ruime steun de Epstein Files Transparency Act aannam. Deze wet verplichtte het ministerie om binnen dertig dagen alle niet-geclassificeerde dossiers, communicatie en opsporingsmaterialen rond Epstein openbaar te maken. Alleen beperkte zwartmakingen waren toegestaan om slachtoffers te beschermen, de nationale veiligheid te waarborgen en lopende onderzoeken niet te schaden.

Hoewel het DOJ op de deadline een grote hoeveelheid foto’s en documenten publiceerde, was de kritiek direct stevig. Veel stukken bleken zwaar geredigeerd en volgens parlementariërs ontbraken complete dossiers. Ook ontstond controverse doordat beeldmateriaal waarin toenmalig president Donald Trump voorkwam, niet was opgenomen in de vrijgave.

Kritiek vanuit Congres en slachtoffers

De onvrede groeide snel. Een van Epsteins slachtoffers sprak van “een klap in het gezicht” en het Democratische Congreslid Ro Khanna, mede-indiener van de wet, beschuldigde het ministerie van “selectieve verhulling”. Zijn Republikeinse collega Thomas Massie sloot zich daarbij aan en benadrukte dat de wet expliciet was bedoeld om juist dit soort vertragingen te voorkomen.

Volgens critici ondermijnt het huidige tempo het vertrouwen in de overheid en voedt het speculaties over mogelijke bescherming van invloedrijke personen die in de dossiers voorkomen.

Miljoenen extra documenten opgedoken

Het DOJ verdedigt zich door te wijzen op de enorme omvang en complexiteit van het archief. Op kerstavond meldde het ministerie dat het was geïnformeerd over het bestaan van meer dan één miljoen extra documenten die mogelijk verband houden met de Epstein-zaak. En vorige week berichtten Associated Press en The New York Times dat het aantal te beoordelen dossiers inmiddels is opgelopen tot meer dan vijf miljoen.

Maandag maakte het ministerie bekend dat ruim 400 advocaten zijn ingezet om de documenten te beoordelen en te ontdoen van gevoelige informatie. “Hoewel de inzet van medewerkers van het ministerie voor deze inspanning zowel breed als indrukwekkend is geweest, moet er nog aanzienlijk werk worden verzet,” aldus het DOJ in de rechtbankindiening.

Jarenlange vertraging dreigt

Onafhankelijke berekeningen laten zien dat, als het huidige tempo wordt aangehouden en al het beoordeelde materiaal uiteindelijk openbaar wordt, het proces meer dan acht jaar kan duren. Dat staat haaks op de bedoeling van de wetgever, die snelle en volledige openheid voor ogen had.

Voor slachtoffers, journalisten en parlementariërs blijft de centrale vraag waarom het ministerie, ondanks het wettelijke kader en de inzet van aanzienlijke middelen, niet in staat lijkt om binnen redelijke termijn duidelijkheid te verschaffen. Intussen groeit de druk op het DOJ en de politieke leiding om verantwoording af te leggen over de trage en gefaseerde aanpak.

Geef een reactie