NEW YORK, 2 april 2026 – De discussie over wie de rekening betaalt voor de Amerikaanse importheffingen laait opnieuw op. Hoewel vaak wordt gesuggereerd dat exporterende landen de kosten dragen, wijst recent onderzoek van Liberty Street Economics uit dat de lasten grotendeels bij Amerikaanse bedrijven en consumenten terechtkomen.
Sinds de invoering van nieuwe handelstarieven in 2025 is er veel te doen om de economische gevolgen voor de Verenigde Staten. De heffingen zijn bedoeld om de binnenlandse industrie te beschermen en de handelsbalans te verbeteren. De praktijk blijkt echter weerbarstiger. Volgens analyses van economen van de Federal Reserve Bank of New York, gepubliceerd door Liberty Street Economics, worden de extra kosten vrijwel volledig doorberekend in de keten.
Kosten voor de Amerikaanse importeur
Een veelgehoord misverstand is dat buitenlandse overheden de importheffingen rechtstreeks aan de Amerikaanse schatkist betalen. In werkelijkheid is het de Amerikaanse importeur die de rekening krijgt bij de grens. Wanneer een product de Verenigde Staten binnenkomt, moet de importerende partij het geldende percentage aan de douane voldoen.
Uit de data van Liberty Street Economics blijkt dat buitenlandse exporteurs hun prijzen zelden verlagen om de heffingen te compenseren. Dit betekent dat de inkoopprijs voor Amerikaanse bedrijven direct stijgt met het percentage van het tarief.
Impact op de consumentenprijs
Bedrijven die afhankelijk zijn van buitenlandse onderdelen of eindproducten staan voor een keuze: de winstmarges verkleinen of de prijzen verhogen. In de meeste sectoren wordt gekozen voor dat laatste. Hierdoor merkt de Amerikaanse burger de gevolgen van de importheffingen direct in de portemonnee, bijvoorbeeld bij de aanschaf van elektronica, kleding of auto-onderdelen.
De inflatoire druk die hierdoor ontstaat, kan de koopkracht beïnvloeden. Critici wijzen erop dat de heffingen hierdoor fungeren als een indirecte belasting op de eigen bevolking, in plaats van een strafmaatregel voor het buitenland.
Verschuivingen in de handelsketen
Naast de directe kosten zorgen de tarieven voor een herinrichting van de wereldwijde handelsroutes. Bedrijven proberen heffingen te omzeilen door hun productie te verplaatsen naar landen die niet onder het zware regime vallen. Dit proces, ook wel ’trade diversion’ genoemd, leidt vaak tot hogere logistieke kosten en minder efficiënte productieprocessen, wat de prijzen voor de eindgebruiker verder kan opdrijven.
Hoewel de Amerikaanse overheid met de maatregelen hoopt de binnenlandse productie te stimuleren, concluderen de onderzoekers dat de transitieperiode gepaard gaat met aanzienlijke economische frictie. De vraag wie de importheffingen in Amerika betaalt, kent volgens de huidige cijfers dan ook een duidelijk antwoord: de Amerikaanse economie zelf draagt de zwaarste lasten.
Ontdek meer van HBP Media
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
