DEN HAAG – Het kabinet ziet geen aanleiding om de huidige opzet van de Nationale Postcode Loterij te verbieden of aanvullende beperkingen op te leggen aan de reclame-uitingen van de loterij. Dat schrijft staatssecretaris Claudia van Bruggen van Justitie en Veiligheid woensdag 14 oktober aan de Tweede Kamer. De reactie volgt op het burgerinitiatief 'Stop de Postcodeloterij', waarin wordt gewaarschuwd voor psychologische druk op consumenten die bang zijn een grote geldprijs mis te lopen.

Hoewel het kabinet erkent dat de Postcode Loterij inspeelt op de angst om een prijs mis te lopen, wordt het risico op gokschade relatief laag ingeschat. Volgens de staatssecretaris zouden strengere maatregelen daarom niet in verhouding staan tot de risico's.

De initiatiefnemer, de heer Broers, bood het burgerinitiatief op 12 mei 2026 aan de Tweede Kamer aan. Voorafgaand aan de plenaire behandeling vroeg de Kamer het kabinet om een schriftelijke reactie.

Angst om miljoenen mis te lopen

Het burgerinitiatief richt zich op de manier waarop de Postcode Loterij deelnemers aan zich probeert te binden. Anders dan bij veel andere loterijen is de postcode van een deelnemer gekoppeld aan het lotnummer.

Dat betekent dat inwoners van dezelfde straat of buurt een geldprijs kunnen winnen wanneer hun postcode wordt getrokken. Wie niet meespeelt, kan achteraf vaststellen dat hij of zij een prijs heeft misgelopen.

Volgens de initiatiefnemer speelt dit systeem in op het psychologische verschijnsel verliesaversie. Mensen zouden daardoor niet uitsluitend deelnemen omdat zij hopen een geldbedrag te winnen, maar ook omdat zij bang zijn dat hun buren rijk worden terwijl zij zelf niets ontvangen.

De initiatiefnemer vindt dat de loterij daarmee gebruikmaakt van de angst om buiten de prijzen te vallen.

Ook heeft hij kritiek op de intensieve reclamecampagnes en ongewenste post die consumenten ontvangen. Volgens hem benadrukken deze uitingen regelmatig de urgentie om mee te spelen en de mogelijke gevolgen van het niet deelnemen.

Initiatief wil loterij niet afschaffen

Anders dan de naam 'Stop de Postcodeloterij' doet vermoeden, is het burgerinitiatief niet gericht op het volledig beëindigen van de loterij.

De initiatiefnemer wil dat het huidige systeem wordt aangepast en dat vergelijkbare constructies bij andere loterijen in de toekomst worden voorkomen.

Daarvoor worden twee maatregelen voorgesteld.

De eerste maatregel is een verbod op kansspelsystemen waarbij mensen die niet deelnemen achteraf kunnen vaststellen dat zij een prijs zouden hebben gewonnen.

De tweede maatregel richt zich op reclame die de angst om iets mis te lopen versterkt. Dit wordt ook wel Fear of Missing Out, afgekort FOMO, genoemd.

Volgens de initiatiefnemer moeten consumenten beter worden beschermd tegen deze psychologische beïnvloeding.

Kabinet erkent invloed van FOMO

De staatssecretaris erkent dat de Postcode Loterij kenmerken heeft die kunnen bijdragen aan gokschade.

Zij verwijst naar onderzoek dat eerder dit jaar aan de Tweede Kamer is aangeboden. Daaruit blijkt dat loterijen niet volledig zonder risico zijn.

Onder meer hoge geldprijzen, jackpots en situaties waarbij een verlies als winst wordt gepresenteerd, kunnen risicovol zijn.

Ook bevestigt het onderzoek dat FOMO kan worden versterkt wanneer een lotnummer is gekoppeld aan een persoonlijke eigenschap van de deelnemer, zoals een postcode.

Bij de Postcode Loterij weten consumenten immers dat anderen met dezelfde postcode een prijs kunnen winnen, ook wanneer zij zelf niet deelnemen.

Het kabinet onderschrijft daarmee dat de angst om een prijs mis te lopen onderdeel uitmaakt van het risicoprofiel van de loterij.

Toch vormt dit volgens de staatssecretaris onvoldoende aanleiding voor een verbod.

Risico lager dan bij online gokken

Volgens het kabinet heeft de Postcode Loterij, ondanks de genoemde psychologische mechanismen, een relatief laag risico op gokschade.

Dat komt onder meer doordat trekkingen niet voortdurend plaatsvinden, de speelsnelheid laag is en competitie-elementen ontbreken.

Bij online speelautomaten en casinospelen liggen de risico's volgens het aangehaalde onderzoek aanzienlijk hoger.

Deze kansspelen combineren meerdere risicovolle kenmerken en kunnen consumenten daardoor sterker aanzetten tot herhaald gokken.

Het kabinet hanteert daarom een risicogebaseerd beleid. Hoe groter het risico op gokschade, hoe zwaarder de beschermingsmaatregelen moeten zijn.

Vanuit dat uitgangspunt vindt de staatssecretaris een verbod op de huidige opzet van de Postcode Loterij niet noodzakelijk.

378 miljoen euro naar goede doelen

Een ander belangrijk argument van het kabinet is de maatschappelijke bijdrage van de Postcode Loterij.

De loterij valt onder de zogenoemde goededoelenloterijen. Deze hebben geen winstoogmerk en moeten wettelijk minimaal 40 procent van hun opbrengsten afdragen aan goede doelen.

In 2025 droeg de Postcode Loterij volgens de Kamerbrief 378 miljoen euro af aan 150 goede doelen.

Bij het overwegen van strengere regels moet volgens de staatssecretaris daarom niet alleen worden gekeken naar de mogelijke risico's voor deelnemers, maar ook naar de gevolgen voor maatschappelijke organisaties die afhankelijk zijn van loterijbijdragen.

Een verbod of aanvullende beperkingen kunnen volgens het kabinet gevolgen hebben voor deze financiering.

Daarom moet bij eventuele maatregelen een afweging worden gemaakt tussen consumentenbescherming en de maatschappelijke waarde van de loterij.

Bestaande reclameregels voldoende

Ook het voorstel om reclame die inspeelt op FOMO verder te beperken, wordt niet overgenomen.

Volgens het kabinet gelden voor goededoelenloterijen al verschillende wettelijke reclamebeperkingen.

Zo mogen zij hun reclame niet richten op minderjarigen en zijn advertenties in games of op websites waarop games worden aangeboden verboden.

Daarnaast gelden beperkingen voor het inzetten van rolmodellen. Personen jonger dan 25 jaar en personen met een substantieel bereik onder minderjarigen of jongvolwassenen mogen daarvoor niet worden gebruikt.

Ook mogen goededoelenloterijen tussen 06.00 en 19.00 uur geen televisiereclame uitzenden.

De Kansspelautoriteit houdt toezicht op naleving van deze regels. Wanneer de Postcode Loterij de reclameregels overtreedt, kan de toezichthouder handhavend optreden.

Volgens de staatssecretaris is er op dit moment onvoldoende aanleiding om daar extra wettelijke beperkingen aan toe te voegen.

Prioriteit bij aanpak online gokken

Voor het invoeren van beide voorstellen uit het burgerinitiatief zou bovendien een wetswijziging noodzakelijk zijn.

De staatssecretaris wil haar aandacht voorlopig richten op de problemen rond online gokken, waar de risico's op gokschade aanzienlijk groter worden geacht.

Zij geeft daarom prioriteit aan wetgeving die de bescherming van consumenten bij online kansspelen moet verbeteren.

Pas wanneer het wetgevingstraject voor kansspelen op afstand is afgerond, wil zij opnieuw kijken naar vraagstukken rond het fysieke kansspelaanbod.

Daarmee is een eventuele aanpassing van de regels voor de Postcode Loterij voorlopig niet aan de orde.

<h3>Tweede Kamer moet initiatief nog