DEN HAAG – De VVD wil dat het kabinet op korte termijn onderzoekt of de hazenjacht in Groningen, Utrecht en Limburg weer kan worden toegestaan. Volgens Tweede Kamerlid Den Hollander geven nieuwe onderzoeken naar de hazenpopulatie en de verspreiding van een ernstige dierziekte aanleiding om het bestaande jachtverbod opnieuw te beoordelen.
Sinds 2022 is de hazenjacht in Groningen, Utrecht en Limburg gesloten vanwege de ongunstige staat van instandhouding van de haas. In de overige provincies, waaronder Noord-Holland, mag binnen de wettelijke voorwaarden nog wel op hazen worden gejaagd. Het reguliere jachtseizoen loopt van 15 oktober tot en met 31 december.
Nieuwe onderzoeken naar hazenpopulatie
Aanleiding voor de Kamervragen zijn onder meer twee onderzoeken van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). In december 2024 publiceerde het statistiekbureau een onderzoek naar de bruikbaarheid van de wildvoorjaarstellingen van jagers. In april 2026 volgde een onderzoek naar het combineren van deze tellingen met gegevens uit het Netwerk Ecologische Monitoring.
Volgens Den Hollander wijzen nieuwe gegevens op een landelijke toename van de hazenpopulatie. Daarmee zou de ontwikkeling gunstiger zijn dan in 2022 werd verwacht, toen Wageningen Environmental Research onderzoek deed naar de staat van instandhouding van de haas en het konijn.
Het CBS concludeert dat verschillende telmethoden met elkaar kunnen worden gecombineerd om betrouwbaardere landelijke en provinciale trends vast te stellen. Daarbij zijn de kwaliteit van de tellingen en de geografische spreiding van groot belang.
De onderzoeken betekenen overigens niet automatisch dat de hazenstand in iedere provincie voldoende is hersteld om de jacht te heropenen. De VVD wil daarom weten welke actuele gegevens het ministerie gebruikt en of een nieuwe beoordeling heeft plaatsgevonden.
Ernstige ziekte verspreidt zich onder hazen
Een tweede belangrijke aanleiding is de verspreiding van hazenmyxomatose. Deze besmettelijke virusziekte werd in 2024 voor het eerst bij Europese hazen in Nederland vastgesteld. De ziekte kan ernstige ontstekingen veroorzaken rond de ogen, neus en geslachtsorganen en leidt regelmatig tot sterfte.
Het Dutch Wildlife Health Centre (DWHC) heeft bevestigd dat een nieuwe variant van het myxomatosevirus de afgelopen jaren veel hazensterfte heeft veroorzaakt. De ziekte is inmiddels op verschillende plaatsen in Nederland vastgesteld.
Den Hollander vraagt de minister of het wenselijk is dat volgens de VVD in de drie provincies onvoldoende mogelijkheden bestaan om ernstig zieke hazen uit de populatie te verwijderen.
Daarbij verwijst het Kamerlid naar een advies van een referentielaboratorium van de Wereldorganisatie voor Diergezondheid (WOAH). Volgens de door de VVD aangehaalde informatie kan het voorkomen van te hoge populatiedichtheden helpen om grootschalig dierenleed tijdens ziekte-uitbraken te beperken.
De partij wil weten of het huidige beleid voldoende mogelijkheden biedt om lokaal in te grijpen wanneer de omstandigheden daarom vragen.
VVD zet vraagtekens bij beschermingsregels
Ook de manier waarop Nederland de staat van instandhouding van de haas beoordeelt, staat ter discussie.
Volgens Den Hollander wordt voor deze diersoort een beoordelingsmethodiek gebruikt die is gebaseerd op de Europese Habitatrichtlijn, terwijl de haas niet behoort tot de soorten waarvoor die richtlijn specifieke instandhoudingsverplichtingen oplegt.
Het Kamerlid vraagt of Nederland daardoor strengere eisen stelt dan Europese regelgeving noodzakelijk maakt. Ook wil de VVD weten hoe andere Europese lidstaten de bescherming van de haas beoordelen.
De partij vraagt daarnaast aandacht voor mogelijke gevolgen voor woningbouwprojecten. Volgens de VVD kunnen beperkingen rond de bescherming van hazen ertoe leiden dat projecten vertraging oplopen en compensatie van leefgebied ingewikkelder wordt.
De minister wordt gevraagd of deze gevolgen daadwerkelijk optreden en welke rol de gehanteerde beoordelingsmethodiek daarbij speelt.
Heropening liefst nog dit jachtseizoen
De VVD wil niet wachten op een volledige herziening van het landelijke jacht- en faunabeleid. Den Hollander vraagt de minister afzonderlijk te onderzoeken of de hazenjacht in Groningen, Utrecht en Limburg op basis van de nieuwste gegevens weer verantwoord kan worden toegestaan.
Daarbij moeten zowel de ontwikkeling van de hazenpopulatie als de verspreiding van hazenmyxomatose worden betrokken.
De voorkeur van de VVD gaat uit naar een besluit waarmee de jacht indien verantwoord nog tijdens het lopende jachtseizoen van 2026 kan worden heropend. Als dat niet haalbaar blijkt, wil de partij dat heropening uiterlijk voor het daaropvolgende jachtseizoen wordt beoordeeld.
``




