DEN HAAG, 19 maart 2026 – Nederland voert op 1 juli 2026 de vrachtwagenheffing in. Vanaf die datum betalen eigenaren van vrachtwagens per gereden kilometer op vrijwel alle snelwegen en op een aantal provinciale en gemeentelijke wegen. De maatregel geldt voor Nederlandse én buitenlandse voertuigen in de categorieën N2 en N3, met een technische maximummassa van meer dan 3.500 kilo.
Heffing per kilometer voor zware vrachtwagens
Met de invoering van de vrachtwagenheffing verandert de belasting op zwaar wegvervoer ingrijpend. De heffing is gekoppeld aan het gebruik van de weg: hoe meer kilometers een vrachtwagen rijdt, hoe hoger het bedrag. Ook het gewicht en de uitstoot van het voertuig tellen mee. Schonere en lichtere vrachtwagens betalen minder per kilometer dan zwaardere en meer vervuilende voertuigen.
De regeling richt zich op voertuigen in de categorieën N2 en N3. Bussen, landbouwtrekkers en kampeerwagens vallen daar niet onder. Voor een aantal voertuigen geldt straks een vrijstelling of kan een ontheffing worden aangevraagd. Dat geldt onder meer voor sommige oudere privégebruikte vrachtwagens en voor speciale voertuigen zoals politie- en brandweerwagens, aldus de overheidsinformatie.
Eurovignet stopt, motorrijtuigenbelasting omlaag
Tegelijk met de start van de vrachtwagenheffing stopt het Eurovignet in Nederland. Ook verandert de motorrijtuigenbelasting voor vrachtwagens. Voor vrachtwagens tot 12.000 kilo verdwijnt die belasting, terwijl voor zwaardere vrachtwagens een lager tarief gaat gelden. Daarmee sluit Nederland aan bij landen als Duitsland en België, waar al langer een kilometerheffing voor vrachtverkeer geldt.
Contract en boordapparatuur verplicht
Om de heffing te kunnen betalen, moeten vervoerders beschikken over een contract met een toldienstaanbieder en over boordapparatuur, een zogeheten on-board-unit. Die apparatuur registreert het aantal gereden kilometers. De aanbieder stuurt vervolgens de rekening en draagt de opbrengst af aan de overheid. Volgens de rijksoverheid kunnen contracten met aanbieders vanaf begin 2026 worden afgesloten.
Opbrengst deels naar verduurzaming sector
De vrachtwagenheffing moet niet alleen zorgen voor een eerlijkere bijdrage van weggebruikers, maar ook voor verduurzaming van het transport. Een groot deel van de opbrengst gaat naar subsidies en innovatie in de wegtransportsector. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om steun voor elektrische of waterstoftrucks en voor laadinfrastructuur. Voor 2026 is daarvoor ruim 253 miljoen euro beschikbaar gesteld, volgens de informatie op de overheidswebsite.
Gevolgen voor transportbedrijven
Voor transportbedrijven betekent de invoering dat zij zich moeten voorbereiden op extra administratieve en operationele lasten. Tegelijk wil de overheid met de heffing schoner en efficiënter vervoer stimuleren. De invoering op 1 juli 2026 markeert daarmee een belangrijke wijziging voor de Nederlandse logistieke sector, die de kosten van wegvervoer en investeringen in schonere voertuigen nadrukkelijker met elkaar verbindt. Deze opzet en ingangsdatum zijn door de rijksoverheid bevestigd.
Ontdek meer van HBP Media
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.