ALKMAAR – De rechtbank in Alkmaar heeft een man veroordeeld tot een gevangenisstraf van 187 dagen, waarvan 50 dagen voorwaardelijk, voor het verspreiden van jihadistische propaganda via TikTok. De man plaatste gedurende bijna anderhalf jaar video's waarin terroristisch geweld werd verheerlijkt en werd opgeroepen tot deelname aan de gewelddadige jihadistische strijd. Hij is vrijgesproken van deelname aan de terroristische organisatie Islamitische Staat (IS).
De verdachte verspreidde de video's tussen 6 september 2024 en 10 februari 2026 vanuit Schagen. Dat gebeurde via twee openbare TikTokaccounts, waarop hij meerdere video's plaatste en opnieuw deelde. Volgens de rechtbank wist de man dat de inhoud kon aanzetten tot het plegen van terroristische misdrijven.
De uitspraak werd dinsdag 13 oktober 2026 gedaan.
Video's verheerlijkten terroristisch geweld
Uit politieonderzoek bleek dat de verdachte verschillende video's had verspreid waarin jihadistisch gedachtegoed centraal stond. Het ging onder meer om toespraken van leiders van Islamitische Staat en de Al-Qassam Brigades, religieuze strijdliederen en een afscheidsboodschap van iemand die een zelfmoordaanslag wilde plegen.
Volgens de rechtbank verheerlijkten de video's geweld tegen andersgelovigen en werd het sterven als martelaar voorgesteld als iets nastrevenswaardigs.
De rechtbank oordeelde dat de verschillende video's in onderlinge samenhang moesten worden beoordeeld. Door het verheerlijken van geweld en het aanmoedigen van deelname aan de strijd konden kijkers worden aangespoord om zelf terroristische misdrijven te plegen.
Daarmee was volgens de rechters sprake van strafbare opruiing.
Verdachte ontkende terroristische bedoelingen
De verdachte erkende dat hij de video's op TikTok had geplaatst, maar stelde dat hij niet wist dat dit strafbaar was. Ook ontkende hij dat het zijn bedoeling was om anderen aan te zetten tot terrorisme.
Zijn advocaat voerde aan dat in de video's geen directe geweldshandelingen, zoals martelingen of onthoofdingen, te zien waren. Het opruiende karakter zou vooral blijken uit Arabische teksten en liederen.
Volgens de verdediging kende de verdachte de jihadistische achtergrond van die teksten onvoldoende. Hij zou geen Arabisch kunnen lezen en gesproken of gezongen teksten slechts gedeeltelijk begrijpen.
De rechtbank ging niet mee in die verklaring.
De verdachte komt uit Syrië, heeft daar een deel van zijn jeugd doorgebracht en spreekt Arabisch. Volgens de rechtbank was de verheerlijking van terroristisch geweld in verschillende video's duidelijk herkenbaar.
Ook woog mee dat de man niet toevallig een enkele video had gedeeld. Hij had gedurende een lange periode zelf meerdere video's geselecteerd, geplaatst en opnieuw verspreid.
De verklaring dat het hem uitsluitend om de muziek ging, vond de rechtbank ongeloofwaardig.
Vrijspraak van deelname aan Islamitische Staat
Het Openbaar Ministerie beschuldigde de man ook van deelname aan de terroristische organisatie Islamitische Staat.
Volgens de officier van justitie had hij met het verspreiden van propaganda bijgedragen aan de socialemediastrategie van IS. Daarnaast zou de verdachte een eed van trouw aan de organisatie hebben afgelegd.
De rechtbank vond daarvoor onvoldoende bewijs.
Hoewel de video's de gewelddadige jihadistische strijd verheerlijkten, riepen zij volgens de rechters niet specifiek op om lid te worden van IS of een andere terroristische organisatie.
Ook was niet vastgesteld dat de verdachte op andere manieren actief was binnen een terroristisch samenwerkingsverband.
Een video waarin de man zelf met een bedekt gezicht en een opgestoken wijsvinger te zien was, vormde volgens de rechtbank evenmin voldoende bewijs voor een afgelegde eed van trouw.
Het opsteken van een wijsvinger is ook een religieus gebaar en kan niet zonder meer aan Islamitische Staat worden gekoppeld.
De verdachte werd daarom vrijgesproken van deelname aan een terroristische organisatie.
Geen nieuwe gevangenisstraf uitzitten
De officier van justitie had een gevangenisstraf van 365 dagen geëist, waarvan 229 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar.
De rechtbank legde uiteindelijk 187 dagen gevangenisstraf op, waarvan 50 dagen voorwaardelijk. Ook hierbij geldt een proeftijd van twee jaar.
Het onvoorwaardelijke gedeelte bedraagt daarmee 137 dagen. Omdat de verdachte al precies 137 dagen in voorarrest heeft gezeten, hoeft hij niet opnieuw de gevangenis in.
De rechtbank hield bij het bepalen van de straf rekening met de vrijspraak voor deelname aan IS en met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte.
Reclassering schat kans op herhaling laag in
Uit het strafblad bleek dat de verdachte niet eerder strafrechtelijk was veroordeeld.
De reclassering schat de kans op herhaling laag in. Volgens het reclasseringsrapport kon bij de man geen diepgewortelde extremistische overtuiging worden vastgesteld waarmee geweld wordt gerechtvaardigd.
Tijdens het toezicht heeft de verdachte ondersteuning geaccepteerd van professionele organisaties, waaronder het Landelijk Steunpunt Extremisme (LSE).
De gemeente zal deze begeleiding opnemen in het verplichte inburgeringstraject van de man.
De reclassering adviseerde daarom geen aanvullende bijzondere voorwaarden op te leggen.
De rechtbank volgde dat advies. Het voorwaardelijke gedeelte van vijftig dagen moet voorkomen dat de verdachte opnieuw strafbare feiten pleegt.
Telefoon in beslag genomen
De rechtbank heeft daarnaast bepaald dat een Samsung Galaxy S24 Ultra definitief wordt afgepakt. Volgens de rechters is deze telefoon gebruikt bij het verspreiden van de strafbare video's.
Een eveneens in beslag genomen laptop en twee andere telefoons moeten aan de verdachte worden teruggegeven.
Met de uitspraak komt een einde aan de behandeling van de strafzaak in eerste aanleg. Het eerder geschorste bevel tot voorlopige hechtenis is opgeheven.



