ZAANDAM – De gevolgen van het cyberincident bij Ahold Delhaize zijn voorlopig nog niet voorbij. Het supermarktconcern verwacht dat de schappen bij Albert Heijn op zijn vroegst vrijdag 16 of zaterdag 17 oktober weer volledig gevuld kunnen zijn. Bij het wegwerken van de achterstanden krijgen verse producten voorrang. Ondertussen wordt ook donderdag nog gewerkt aan het herstellen van de digitale systemen. Naast de directe financiële schade dreigt Ahold geconfronteerd te worden met schadeclaims van leveranciers die hun verse producten niet meer kunnen verkopen.

Versproducten krijgen voorrang

De bevoorrading van Albert Heijn komt langzaam weer op gang nadat een cybersecurityincident sinds zondag 11 oktober grote delen van de logistieke organisatie heeft ontregeld. De distributiecentra zijn inmiddels weer operationeel, maar daarmee zijn de problemen in de winkels nog niet direct opgelost.

Bij het aanvullen van de schappen ligt de nadruk op verse producten. Vooral groenten, fruit, zuivel en andere bederfelijke levensmiddelen hebben de afgelopen dagen te maken gehad met problemen in de aanvoer.

Voor houdbare producten werden de reguliere leveringen dinsdagavond al hervat. Woensdagavond volgde het herstel van de distributiecentra en de geplande hervatting van de reguliere leveringen van versproducten.

Het opnieuw bevoorraden van alle winkels kost echter tijd. Niet alleen moeten de normale dagelijkse bestellingen worden verwerkt, ook de achterstanden van de afgelopen dagen moeten worden weggewerkt.

Ahold houdt er rekening mee dat het tot vrijdag of zaterdag kan duren voordat alle schappen weer volledig gevuld zijn. De daadwerkelijke beschikbaarheid kan per supermarkt en productcategorie verschillen.

Digitale systemen nog niet volledig hersteld

Ook donderdag 15 oktober is Ahold nog bezig om de verschillende digitale diensten weer online te brengen. Het concern heeft na de ontdekking van het beveiligingsincident uit voorzorg meerdere systemen uitgeschakeld om verdere problemen te voorkomen.

Daardoor werden onder meer de websites, mobiele applicaties en klantenservices van Albert Heijn, Etos en Gall & Gall getroffen. Ook het online bestellen en bezorgen van boodschappen kwam stil te liggen.

Het herstellen van de systemen gebeurt stapsgewijs. Daarbij wordt gecontroleerd of onderdelen veilig opnieuw kunnen worden ingeschakeld. Ahold wil voorkomen dat een te snelle herstart nieuwe beveiligingsproblemen veroorzaakt.

De fysieke winkels zijn gedurende het incident open gebleven en klanten kunnen bij de kassa afrekenen. Persoonlijke kortingsacties, koopzegels en andere digitale spaarprogramma's zijn echter nog niet volledig beschikbaar.

Schadeclaims van leveranciers dreigen

Naast de problemen met de bevoorrading kan het cyberincident voor Ahold een aanzienlijke financiële nasleep krijgen. Vooral leveranciers van verse levensmiddelen worden door de logistieke verstoringen geraakt.

Telers, producenten en groothandelaren leveren dagelijks grote hoeveelheden verse producten aan de supermarktketen. Veel van deze producten zijn slechts beperkt houdbaar en moeten binnen korte tijd worden verkocht.

Wanneer leveringen onverwacht worden stilgelegd of bestellingen niet kunnen worden verwerkt, kunnen leveranciers met onverkoopbare voorraden blijven zitten. Het gaat bijvoorbeeld om groenten, fruit, zuivelproducten en andere levensmiddelen die na enkele dagen niet meer geschikt zijn voor de reguliere verkoop.

Voor leveranciers betekent dit mogelijk niet alleen het verlies van omzet, maar ook extra kosten voor opslag, transport en vernietiging van producten.

Ahold moet daarom rekening houden met mogelijke schadeclaims van leveranciers die door het incident financiële verliezen hebben geleden.

Of deze schade daadwerkelijk op het supermarktconcern kan worden verhaald, hangt af van de gemaakte contractuele afspraken, de oorzaak van de verstoring en de vraag wie juridisch verantwoordelijk is voor de geleden schade.

Financiële gevolgen kunnen verder oplopen

De schade voor Ahold beperkt zich niet tot de onverkoopbare producten. Ook het tijdelijk stilvallen van online bestellingen en boodschappenbezorging heeft gevolgen voor de omzet.

Daarnaast maakt het concern extra kosten voor het herstellen en beveiligen van de IT-systemen, het onderzoeken van het incident en het opnieuw op gang brengen van de logistieke processen.

Het inzetten van extra transportcapaciteit en personeel om de achterstanden in de distributiecentra en winkels weg te werken kan eveneens tot hogere kosten leiden.

De uiteindelijke financiële gevolgen zijn nog niet bekend. Daarbij speelt ook mee hoelang het duurt voordat alle digitale diensten weer normaal functioneren.

Ahold heeft incident gemeld bij NCSC

Ahold Delhaize heeft het cyberincident inmiddels gemeld bij het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC). Volgens de politie heeft het supermarktconcern daarmee voldaan aan de meldplicht die voor bepaalde organisaties geldt bij ernstige cybersecurityincidenten.

Het NCSC verzamelt informatie over digitale dreigingen en incidenten en kan organisaties ondersteunen bij de aanpak daarvan.

Een melding bij het NCSC is overigens niet hetzelfde als een strafrechtelijke aangifte bij de politie.

De politie en het Openbaar Ministerie maakten woensdag bekend dat er nog geen strafrechtelijk onderzoek naar het incident loopt. Wel is contact geweest met Ahold Delhaize en is het bedrijf uitgenodigd om aangifte te doen.

De oorzaak van het beveiligingsincident wordt nog onderzocht. Vooralsnog zijn er volgens Ahold geen aanwijzingen dat persoonsgegevens van klanten of medewerkers bij het incident betrokken zijn geraakt.

Herstel heeft hoogste prioriteit

Voor Ahold ligt de eerste prioriteit bij het volledig herstellen van de bevoorrading en de digitale dienstverlening. De komende dagen moeten duidelijk maken of het lukt om de achterstanden weg te werken en de schappen voor het weekeinde weer volledig gevuld te krijgen.

Daarmee zijn de gevolgen van het incident nog niet verdwenen. De financiële afwikkeling, waaronder mogelijke claims van leveranciers en de vaststelling van de totale schade, kan aanzienlijk langer duren.