PARIJS – Frankrijk wordt zaterdag 17 oktober opnieuw geconfronteerd met grootschalige protesten tegen de stijgende kosten van levensonderhoud en de verslechtering van publieke voorzieningen. Studenten, vakbonden en de bekende gele hesjes hebben de handen ineengeslagen om hun onvrede over het beleid van president Emmanuel Macron kenbaar te maken. In het hele land zijn honderden protestacties aangekondigd en tienduizenden deelnemers worden verwacht. De eerste demonstraties zijn inmiddels begonnen. In Parijs is een grote politiemacht op de been gebracht, terwijl in Marseille afvalcontainers in brand zijn gestoken.
Volgens persbureau Reuters vormen de demonstraties een nieuwe fase in een protestbeweging die vorige maand begon op middelbare scholen in de armere noordelijke voorsteden van Parijs.
Studentenprotesten groeien uit tot landelijke beweging
De eerste protesten ontstonden uit onvrede over de omstandigheden op Franse scholen. Leerlingen klaagden over een tekort aan docenten, achterstallig onderhoud en een gebrek aan middelen.
Wat begon als een onderwijsprotest, groeide binnen enkele weken uit tot een bredere beweging tegen sociale ongelijkheid, onvoldoende overheidsinvesteringen en een dalende levensstandaard.
Steeds meer studenten, ouders, docenten en werknemers sloten zich aan.
De demonstranten vinden dat de Franse overheid onvoldoende doet om de kwaliteit van publieke voorzieningen te beschermen. Tegelijkertijd worden huishoudens geconfronteerd met hoge prijzen voor onder meer brandstof, energie en dagelijkse boodschappen.
Voor veel deelnemers zijn de problemen met het onderwijs en de koopkracht nauw met elkaar verbonden.
Gele hesjes maken hun rentree
Opvallend is de terugkeer van de zogenoemde Gilets Jaunes, beter bekend als de gele hesjes.
Deze protestbeweging ontstond in november 2018 uit verzet tegen hogere belastingen op brandstof. De demonstraties groeiden destijds uit tot een landelijke opstand tegen de hoge kosten van levensonderhoud en economische ongelijkheid.
Wekenlang waren er massale betogingen en blokkades. Vooral in Parijs vonden regelmatig gewelddadige confrontaties plaats tussen demonstranten en de oproerpolitie.
De regering-Macron kwam de beweging uiteindelijk tegemoet met miljarden euro's aan belastingverlagingen en andere maatregelen.
Daarna nam de protestactiviteit van de gele hesjes sterk af.
Nu lijkt de onvrede opnieuw mensen uit verschillende delen van de Franse samenleving samen te brengen.
Via sociale media zijn voormalige deelnemers van de gelehesjesbeweging opgeroepen zich bij de studenten en vakbonden aan te sluiten.
Wegen geblokkeerd en afvalcontainers in brand
Zaterdagochtend begonnen de eerste acties in verschillende Franse steden.
Demonstranten in opvallende gele veiligheidsvesten blokkeerden wegen. In Marseille werden afvalcontainers in brand gestoken.
In Parijs was een grote politiemacht aanwezig, vooral rond bekende locaties zoals de Champs-Élysées en de Arc de Triomphe.
Deze gebieden waren uitgesloten van de routes van de twee officieel toegestane demonstraties.
Volgens de Franse autoriteiten waren verspreid over het land honderden acties voorbereid.
Ook vakbonden hebben hun achterban opgeroepen deel te nemen. Daarmee krijgen de protesten steun van verschillende beroepsgroepen, waaronder werknemers die zich zorgen maken over hun koopkracht en arbeidsomstandigheden.
Grote woede over politiegeweld tegen scholieren
Naast de economische problemen speelt ook het optreden van de Franse politie tijdens eerdere studentenprotesten een belangrijke rol.
De afgelopen weken vonden regelmatig confrontaties plaats tussen demonstranten en veiligheidstroepen.
Daarbij raakten zowel betogers als politiemensen gewond.
Een van de ernstigste incidenten betrof een minderjarige demonstrant die een hand verloor nadat hij een verdovingsgranaat had opgepakt.
Het Franse toezichtorgaan voor de politie onderzoekt inmiddels minstens 24 gevallen van mogelijk buitensporig politiegeweld.
Premier Sébastien Lecornu verklaarde dat tijdens de ongeregeldheden ook meer dan 900 politiemensen gewond zijn geraakt.
De Franse autoriteiten schortten het gebruik van verdovingsgranaten tijdens de studentenprotesten op. Minister van Binnenlandse Zaken Laurent Nuñez liet echter weten dat dergelijke middelen zaterdag opnieuw kunnen worden ingezet wanneer confrontaties ontstaan.
Macron opnieuw onder zware politieke druk
De protesten vinden plaats in een politiek moeilijke periode voor president Emmanuel Macron.
Zijn presidentschap loopt richting het einde en Frankrijk kampt met een sterk verdeeld politiek landschap.
Ook de financiële situatie van het land veroorzaakt zorgen. De hoge staatsschuld en de problemen met het terugdringen van overheidstekorten hebben het vertrouwen van beleggers onder druk gezet.
De rente die Frankrijk moet betalen om geld te lenen, is opgelopen tot het hoogste niveau in meer dan twintig jaar.
Tegelijkertijd eisen demonstranten juist meer investeringen in onderwijs, gezondheidszorg en andere publieke voorzieningen.
Dat plaatst de Franse regering voor een ingewikkeld dilemma: de overheidsfinanciën moeten worden verbeterd, terwijl een groeiend deel van de bevolking vindt dat de overheid te weinig doet om de levensstandaard te beschermen.
Regering beschuldigt radicaal-linkse oppositie
De Franse regering vreest dat de demonstraties kunnen uitlopen op nieuwe grootschalige ongeregeldheden.
Premier Lecornu waarschuwde donderdag al voor mogelijke gewelddadigheden.
De regering beschuldigt de radicaal-linkse partij La France Insoumise ervan de spanningen aan te wakkeren.
De partij ontkent die beschuldiging.
Volgens de demonstranten zelf gaat het vooral om concrete maatschappelijke problemen, zoals hoge prijzen, onvoldoende onderwijspersoneel en de druk op publieke voorzieningen.
Een 19-jarige demonstrante in Parijs verklaarde tegenover Reuters dat zij protesteert vanwege de hoge kosten van levensonderhoud, de brandstofprijzen en het politieoptreden tegen scholieren die betere onderwijsomstandigheden eisen.
Nieuwe protestgolf kan Frankrijk langdurig bezighouden
De grote vraag is of de samenwerking tussen studenten, vakbonden en de gele hesjes zal leiden tot een langdurige landelijke protestbeweging.
De oorspronkelijke gelehesjesprotesten van 2018 begonnen eveneens met economische grieven, maar groeiden uiteindelijk uit tot een veel bredere confrontatie tussen burgers en de Franse regering.
Ook nu komen verschillende vormen van onvrede samen.
Studenten eisen betere scholen, werknemers maken zich zorgen over hun koopkracht en deelnemers van de gelehesjesbeweging willen dat de overheid meer rekening houdt met huishoudens die moeite hebben om rond te komen.
Hoeveel mensen zaterdag daadwerkelijk aan de acties deelnemen en hoe de demonstraties verder verlopen, moet nog blijken.
Duidelijk is wel dat Frankrijk opnieuw te maken heeft met een omvangrijke protestbeweging waarin economische ongelijkheid en het vertrouwen in de overheid centraal staan.


