ABU FALAH – Ongeveer tachtig gemaskerde Israëlische kolonisten hebben vrijdag 16 oktober Palestijnse boeren aangevallen tijdens de jaarlijkse olijfoogst op de bezette Westelijke Jordaanoever. Bij de aanval in het dorp Abu Falah, nabij Ramallah, werden olijfbomen in brand gestoken en bewoners met stenen bekogeld. Ook de Amerikaanse persfotograaf Heidi Levine, die voor The Washington Post werkt, werd zwaar mishandeld. Volgens persbureau Reuters raakten zeker twee mensen gewond. Het Israëlische leger arriveerde tijdens de aanval, maar het geweld hield aan.

De gebeurtenissen maken deel uit van een sterke toename van geweld door Israëlische kolonisten tegen Palestijnse bewoners. Volgens de Israëlische mensenrechtenorganisatie Yesh Din zijn sinds 27 september minstens 170 aanvallen geregistreerd.

Tachtig gemaskerde kolonisten vallen boeren aan

De Palestijnse bewoners van Abu Falah waren vrijdag bezig met de jaarlijkse olijfoogst toen ongeveer tachtig Israëlische kolonisten vanuit de omliggende heuvels naar beneden kwamen.

Volgens verslaggevers van Reuters, die ter plaatse getuige waren van de gebeurtenissen, droegen de aanvallers zwarte kleding en waren hun gezichten bedekt.

Sommigen hadden gasflessen bij zich, terwijl anderen stenen met slingers afschoten in de richting van de Palestijnse boeren.

De kolonisten staken olijfbomen in brand en dwongen de aanwezige bewoners zich terug te trekken naar lagergelegen delen van de boomgaarden.

Een aantal Palestijnen begon vervolgens stenen terug te gooien om zich tegen de aanvallers te verdedigen.

Een 42-jarige Palestijnse boer, Moutaz Abdelhadi, verklaarde tegenover Reuters dat de kolonisten volgens hem proberen de bewoners van hun land en uiteindelijk uit hun huizen te verdrijven.

Amerikaanse persfotograaf zwaar mishandeld

Een van de slachtoffers is Heidi Levine, een ervaren Amerikaanse persfotograaf die verslag deed van de gebeurtenissen voor The Washington Post.

Hoewel zij volgens haar werkgever duidelijk herkenbaar was als journalist, werd zij door kolonisten aangevallen.

Op videobeelden is te zien hoe Levine op een onverhard pad op de grond ligt, terwijl meerdere aanvallers om haar heen staan.

Volgens haar eigen verklaring werd zij tegen de grond gewerkt en herhaaldelijk geschopt.

Levine droeg een beschermend vest en een helm. Vanuit haar ziekenhuisbed vertelde zij dat deze bescherming waarschijnlijk heeft voorkomen dat zij nog ernstiger gewond raakte.

De aanval eindigde nadat Palestijnse collega's tussenbeide kwamen.

Hulpverleners brachten haar eerst naar een medische post in Abu Falah. Vervolgens werd zij overgebracht naar een ziekenhuis in Ramallah.

Volgens The Washington Post liep Levine verschillende verwondingen op, waaronder snijwonden, een gebroken rib en ernstig letsel aan een hand. Voor dat handletsel zou een operatie noodzakelijk zijn.

Washington Post eist onderzoek naar aanval

De hoofdredactie van The Washington Post heeft geschokt gereageerd op de mishandeling.

Hoofdredacteur Matt Murray bevestigde dat Levine tijdens haar journalistieke werkzaamheden door Israëlische kolonisten werd aangevallen.

Volgens de krant droeg de fotograaf duidelijk zichtbare aanduidingen waaruit bleek dat zij voor de pers werkte.

De krant noemt de mishandeling onaanvaardbaar en verlangt dat de Israëlische autoriteiten grondig onderzoek doen naar de aanval en de verantwoordelijken ter verantwoording roepen.

Ook de Foreign Press Association, die internationale journalisten in Israël en de Palestijnse gebieden vertegenwoordigt, veroordeelde het geweld.

De organisatie stelt dat journalisten en andere burgers op de Westelijke Jordaanoever vaker slachtoffer worden van aanvallen door kolonisten.

Israëlisch leger grijpt in met traangas

Tijdens de aanval arriveerden volgens Reuters meerdere voertuigen van het Israëlische leger.

De aanwezigheid van militairen maakte echter geen onmiddellijk einde aan het geweld.

Israëlische soldaten vuurden traangas af in de richting van Palestijnen die zich tussen de olijfbomen bevonden.

Ook waren geweerschoten te horen. Een fotograaf van Reuters zag dat minstens één gewapende kolonist een vuurwapen afvuurde.

Het Israëlische leger verklaarde dat militairen en grenspolitie waarschuwingsschoten hadden gelost. Volgens de legerleiding werd daarnaast gericht geschoten op een persoon die door de militairen als een bedreiging werd beschouwd.

De Israëlische strijdkrachten veroordeelden in een verklaring aanvallen op onschuldige burgers en noemden geweld tegen hen ernstig en onaanvaardbaar.

Volgens de legerleiding brengen confrontaties tussen bevolkingsgroepen de veiligheid in het gebied in gevaar.

Over het optreden van de militairen bestaat discussie. Palestijnse bewoners en mensenrechtenorganisaties verwijten het leger onvoldoende op te treden tegen gewelddadige kolonisten.

Ook in andere dorpen aanvallen

De gebeurtenissen in Abu Falah stonden niet op zichzelf.

Volgens internationale persbureaus en Palestijnse hulpdiensten werden vrijdag in minstens acht dorpen op de Westelijke Jordaanoever aanvallen gemeld.

In het nabijgelegen Turmus Ayya vielen kolonisten eveneens Palestijnse boeren aan die bezig waren met het oogsten van olijven.

Daar werden onder meer drie auto's in brand gestoken.

De Palestijnse Rode Halve Maan meldde gewonden op verschillende locaties.

De aanvallen treffen vooral landbouwgemeenschappen die voor hun inkomen afhankelijk zijn van de jaarlijkse olijfoogst.

Olijfoogst van groot economisch belang

Olijfbomen hebben voor Palestijnse families niet alleen economische, maar ook historische en culturele betekenis.

Veel olijfgaarden zijn al generaties lang in bezit van dezelfde families. De jaarlijkse oogst is voor veel huishoudens een van de belangrijkste inkomstenbronnen.

Volgens de Palestijnse boerenorganisatie Farmers' Union zijn ongeveer 110.000 Palestijnse families voor inkomsten afhankelijk van particuliere olijfgaarden.

Daarnaast biedt de oogst werk aan tienduizenden seizoenarbeiders.

Het vernielen van olijfbomen kan daardoor langdurige economische gevolgen hebben.

Wanneer oude bomen worden verbrand of vernietigd, kunnen boeren niet eenvoudig het volgende seizoen opnieuw oogsten. Het duurt jaren voordat jonge olijfbomen voldoende vruchten produceren.

De schade beperkt zich daardoor niet tot één oogstjaar.

Minstens 170 aanvallen sinds eind september

De Israëlische mensenrechtenorganisatie Yesh Din meldt dat het geweld door kolonisten tijdens het huidige oogstseizoen sterk is toegenomen.

Sinds 27 september zijn volgens de organisatie minstens 170 aanvallen tegen Palestijnen geregistreerd.

De aanvallen bestaan onder meer uit mishandelingen, brandstichting, vernielingen en pogingen om boeren van hun landbouwgrond te verdrijven.

Volgens mensenrechtenorganisaties komt het regelmatig voor dat Palestijnse boeren hun eigen grond niet veilig kunnen bereiken.

De Verenigde Naties hebben eveneens herhaaldelijk gewaarschuwd voor het toenemende geweld op de bezette Westelijke Jordaanoever.

De situatie is extra zorgelijk omdat landbouw voor veel Palestijnse gezinnen belangrijker is geworden sinds Israël na de Hamas-aanval van 7 oktober 2023 de toegang tot werk in Israël voor veel Palestijnen sterk beperkte.

Netanyahu veroordeelt geweld, maar betwist lezing

De Israëlische premier Benjamin Netanyahu heeft het geweld veroordeeld en laten weten dat de gebeurtenissen worden onderzocht.

Tegelijkertijd betwist zijn regering de voorstelling dat uitsluitend Israëlische kolonisten verantwoordelijk waren voor de confrontaties.

Het kantoor van Netanyahu sprak over een conflict tussen Israëlische jongeren enerzijds en Palestijnen en activisten anderzijds.

Volgens de premier mogen incidenten niet worden gebruikt om alle Israëlische bewoners van nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever verantwoordelijk te houden.

Mensenrechtenorganisaties verwijten de Israëlische regering juist dat zij onvoldoende maatregelen neemt om aanvallen door gewelddadige kolonisten tegen te gaan.

Onder Netanyahu is het aantal Israëlische nederzettingen en kleinere buitenposten op de Westelijke Jordaanoever verder uitgebreid.

De meeste landen en de Verenigde Naties beschouwen Israëlische nederzettingen in bezet Palestijns gebied als illegaal onder internationaal recht. Israël betwist deze juridische beoordeling en beschouwt het gebied als betwist grondgebied.

Verenigde Staten veroordelen geweld

Ook het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken heeft gereageerd op de aanval waarbij Heidi Levine gewond raakte.

Een woordvoerder verklaarde dat de Verenigde Staten crimineel geweld door alle betrokken partijen op de Westelijke Jordaanoever veroordelen.

Washington ondersteunt onderzoek naar dergelijke incidenten en vindt dat degenen die verantwoordelijk zijn voor strafbare feiten daarvoor ter verantwoording moeten worden geroepen.

Het ministerie liet daarnaast weten bezorgd te zijn wanneer Amerikaanse staatsburgers in het buitenland slachtoffer worden van geweld.

De Amerikaanse autoriteiten hebben contact opgenomen met The Washington Post om consulaire ondersteuning aan te bieden.

Nieuwe zorgen over veiligheid Palestijnse boeren

De gebeurtenissen in Abu Falah laten opnieuw zien hoe kwetsbaar de positie van Palestijnse boeren tijdens de jaarlijkse olijfoogst is geworden.

Wat voor veel families een belangrijk moment van gezamenlijke arbeid en inkomsten hoort te zijn, eindigde vrijdag in brandstichting, mishandelingen en gewonden.

De aanval op een duidelijk herkenbare Amerikaanse persfotograaf heeft bovendien opnieuw internationale aandacht gevestigd op de veiligheid van journalisten in de bezette Palestijnse gebieden.

De Israëlische autoriteiten hebben laten weten dat het incident wordt onderzocht.

Of de verantwoordelijken voor de aanvallen en de mishandeling daadwerkelijk worden vervolgd, is nog niet bekend.