DEN HAAG, 2 juni 2026 – Kinderen in de asielopvang verblijven nog te vaak in instabiele opvangsituaties. Door het tekort aan opvangplekken blijft het volgens het kabinet voorlopig niet mogelijk om plaatsing van kinderen in noodopvang volledig te beรซindigen.
Dat schrijft minister Bart van den Brink van Asiel en Migratie in een brief aan de Tweede Kamer over kinderen in de asielopvang. De brief gaat ook over alleenstaande minderjarige vreemdelingen, de zogenoemde amvโs. Volgens de minister vraagt hun positie blijvende aandacht door de aanhoudende druk op de opvangcapaciteit.
Nieuwe controle op kindvriendelijke locaties
Het COA voert opnieuw een inventarisatie uit van opvanglocaties waar kinderen verblijven. Daarbij worden dezelfde tien criteria gebruikt als bij een eerdere controle in 2025. Het gaat onder meer om toegang tot onderwijs, huisartsenzorg, recreatie, een contactpersoon voor kinderen en een aandachtsfunctionaris voor huiselijk geweld en kindermishandeling.
Ook wordt gekeken naar privacy, kookmogelijkheden, speelruimte, voorlichting en de mogelijkheid voor kinderen om mee te denken over zaken die hun welzijn raken. Als een locatie niet voldoet aan harde eisen, is opvang van kinderen daar volgens het kabinet onwenselijk.
Onderwijs en zorg moeten beter aansluiten
Kinderen moeten zo snel mogelijk naar school. Nu geldt daarvoor een termijn van uiterlijk drie maanden na aankomst in Nederland. Onder het Europese migratiepact wordt die termijn verkort naar maximaal twee maanden.
Het kabinet onderzoekt daarnaast hoe opvang, onderwijs en zorg beter op elkaar kunnen aansluiten. Een knelpunt is dat jeugdzorgtrajecten soms worden afgebroken als een kind verhuist naar een andere gemeente. Daardoor raakt hulpverlening onderbroken en gaat informatie verloren.
Voor psychosociale ondersteuning wordt nog gezocht naar structurele financiering. Daarover zijn gesprekken gevoerd met onder meer het COA, VluchtelingenWerk Nederland, Save the Children, War Child en Pharos.
Noodopvang blijft voorlopig nodig
Het kabinet onderschrijft dat kinderen niet in crisisnoodopvang of noodopvang horen te verblijven. Toch is stoppen op korte termijn volgens de minister niet haalbaar. Ongeveer twee derde van de opvanglocaties bestaat uit noodopvang.
Via onder meer de Spreidingswet wil het kabinet voldoende stabiele en reguliere opvangplekken realiseren. Zodra er meer ruimte ontstaat in het plaatsingsbeleid van het COA, krijgt het stoppen met plaatsing van kinderen in noodopvang hoge prioriteit.
Druk op opvang amvโs blijft groot
Ook de opvang van alleenstaande minderjarige vreemdelingen staat onder druk. Er is een tekort aan kleinschalige opvangplekken bij Nidos. Tegelijkertijd blijven veel jongeren na hun achttiende verjaardag nog in amv-opvang van het COA, omdat reguliere opvangplekken voor volwassenen ontbreken.
Op 29 april ging het om bijna 1.000 jongeren van 18 jaar of ouder. Binnen een jaar bereiken nog eens 1.900 jongeren de leeftijd van 18 jaar. Daardoor stokt de doorstroom en neemt de druk op de opvang verder toe.
Voor amvโs met een verblijfsvergunning bestaat sinds 2023 de mogelijkheid om onder verantwoordelijkheid van Nidos tot maximaal 21 jaar begeleiding te krijgen. Die regeling wordt geรซvalueerd. Voor jongeren die nog in procedure zijn, onderzoekt het ministerie samen met het COA of verlengde begeleiding mogelijk is.
Ontdek meer van HBP Media
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.







