ZWOLLE – Een man uit 2001 is door de rechtbank in Zwolle veroordeeld tot zestien jaar gevangenisstraf voor meerdere pogingen tot moord bij een voetbalkantine in Zwolle. De verdachte vuurde op 13 september 2024 met een automatisch geweer 25 kogels af op een man die via een raam probeerde te vluchten. Het slachtoffer werd drie keer geraakt. Ook verschillende bezoekers die zich in het gebouw bevonden, liepen levensgevaar. Het Openbaar Ministerie had twintig jaar gevangenisstraf geëist.

De schietpartij vond plaats bij een voetbalvereniging in de Zwolse wijk Aalanden. Aanleiding was een conflict binnen het criminele milieu over de brandstichting van een auto.

Conflict over in brand gestoken auto

De verdachte had die avond bij de voetbalkantine een gesprek met het latere slachtoffer en enkele andere betrokkenen. Daarbij werd gesproken over de vraag wie verantwoordelijk was voor het in brand steken van de auto van de vader van het slachtoffer.

Het gesprek verliep moeizaam. De verdachte verklaarde later dat hij zich gekleineerd voelde en boos was geworden.

Na het gesprek werd hij door zijn neef naar huis gebracht. Onderweg werd hij volgens een getuige steeds bozer, omdat hij dacht dat hij in de val was gelokt.

Eenmaal thuis stapte hij in zijn eigen auto. Om 23.51 uur haalde hij uit een berging elders in Zwolle een tas met vuurwapens en munitie.

Enkele minuten later keerde hij gewapend terug naar de voetbalkantine.

25 kogels in twee salvo's

Omstreeks 23.55 uur liep de verdachte met een automatisch geweer het kantinegebouw binnen. Hij was op zoek naar de man met wie hij eerder ruzie had gehad.

Toen het slachtoffer ontdekte dat de verdachte gewapend was, probeerde hij via een geopend raam te vluchten.

De verdachte ging naar buiten en opende het vuur.

Volgens de rechtbank schoot hij eerst drie kogels af. Daarna volgde een tweede salvo van 22 kogels.

Het slachtoffer werd tijdens zijn vlucht door twee kogels geraakt. Toen hij achter een heg op de grond lag, werd hij opnieuw getroffen.

De man liep schotwonden op aan zijn rechterbovenbeen, linkeronderbeen en rechterpols.

Uit forensisch onderzoek bleek dat de verdachte vanaf een afstand van slechts enkele meters had geschoten.

Bezoekers zochten dekking achter tafels

Niet alleen het slachtoffer verkeerde in levensgevaar.

Meerdere kogels raakten de gevel van de voetbalkantine. Vier kogels drongen door de buitengevel. Twee werden tegengehouden door radiatoren, terwijl twee andere kogels in een ruimte terechtkwamen waar mensen aanwezig waren.

Drie bezoekers zaten daar op de grond achter een tafel te schuilen.

Volgens getuigen ontstond grote paniek toen duidelijk werd dat een gewapende man de kantine was binnengekomen.

De rechtbank oordeelt dat de verdachte bewust het risico heeft aanvaard dat ook andere aanwezigen dodelijk getroffen konden worden.

Rechter: verdachte handelde met voorbedachten rade

De verdediging stelde dat de man uitsluitend op de benen van het slachtoffer had gericht en niet de bedoeling had iemand te doden.

Ook zou hij uit paniek en zelfverdediging hebben gehandeld.

De rechtbank verwerpt deze verklaringen.

Volgens de rechters had de verdachte voldoende tijd om na te denken over zijn handelen. Hij ging naar huis, haalde doelgericht een automatisch vuurwapen op en keerde vervolgens terug naar de voetbalvereniging.

Die opeenvolging van handelingen wijst volgens de rechtbank op een voorbereid plan.

Daarom acht de rechtbank poging tot moord op het slachtoffer én meerdere pogingen tot moord op de aanwezigen in de kantine bewezen.

Hoog risico op herhaling

Bij de strafoplegging weegt de rechtbank zwaar mee dat de verdachte eerder is veroordeeld voor verboden wapenbezit.

Bovendien werden na zijn aanhouding naast het automatische geweer nog twee pistolen en munitie aangetroffen.

De reclassering schat het risico op herhaling als hoog in en ziet geen mogelijkheden om met begeleiding de risico's voldoende te beperken.

De rechtbank noemt het bijzonder ernstig dat de verdachte een conflict binnen het criminele milieu met vuurwapengeweld heeft proberen op te lossen.

Schadevergoeding nog niet vastgesteld

Het slachtoffer had een schadevergoeding van 68.291,38 euro geëist, waaronder 47.500 euro smartengeld.

De rechtbank behandelt deze vordering niet inhoudelijk, omdat nader onderzoek nodig is naar de omstandigheden en eventuele eigen schuld van het slachtoffer.

De man kan zijn schadeclaim nog aan de burgerlijke rechter voorleggen.

De verdachte krijgt zestien jaar gevangenisstraf, met aftrek van het voorarrest. Tegen de uitspraak van 20 oktober 2026 kan hoger beroep worden ingesteld.