DEN HAAG, 29 juli 2026 โ In Nederland worden in 2027 naar verwachting voor het eerst meer volledig elektrische personenautoโs nieuw geregistreerd dan autoโs met een benzine-, diesel-, lpg- of hybride aandrijflijn. De omslag wordt vooral veroorzaakt door nieuwe fiscale regelgeving voor zakelijke autoโs. Werkgevers krijgen vanaf 1 januari 2027 te maken met een jaarlijkse pseudo-eindheffing wanneer zij een nieuwe auto met uitstoot beschikbaar stellen voor woon-werkverkeer of ander privรฉgebruik.
Meer elektrische autoโs dan brandstofautoโs in 2027
Het kantelpunt volgt uit ramingen die rekening houden met het aangekondigde fiscale beleid. In het SPARK-model van het Planbureau voor de Leefomgeving en onderzoeksbureau Revnext loopt het aandeel volledig elektrische autoโs in de totale nieuwverkoop in 2027 op tot ongeveer zeven op de tien voertuigen. Daarmee komt elektrisch duidelijk boven het gezamenlijke aandeel van benzine, diesel, lpg en hybride uit.
De prognose gaat uitsluitend over nieuwe personenautoโs en niet over het volledige Nederlandse wagenpark. Op de Nederlandse wegen blijven nog jarenlang miljoenen autoโs met een verbrandingsmotor rijden. De samenstelling van het wagenpark verandert geleidelijk, doordat bestaande autoโs in gebruik blijven en later op de tweedehandsmarkt worden verkocht.
Heffing maakt zakelijke brandstofauto duurder
De pseudo-eindheffing bedraagt jaarlijks 12 procent van de cataloguswaarde van een nieuwe auto met uitstoot. De werkgever betaalt de heffing wanneer de auto ook voor woon-werkverkeer of andere privรฉritten beschikbaar is. Een benzine-, diesel- of hybrideauto met een cataloguswaarde van 50.000 euro levert daardoor een aanvullende werkgeverslast van 6.000 euro per jaar op.
Volledig elektrische autoโs en waterstofautoโs vallen niet onder deze heffing, omdat zij tijdens het rijden geen CO2 uitstoten. De maatregel raakt niet alleen traditionele leasemaatschappijen. Ook werkgevers die zelf voertuigen kopen, huren of op een andere manier beschikbaar stellen, krijgen met de regeling te maken. Voor bestaande afspraken geldt een overgangsregeling.
Het kabinet wil werkgevers hiermee stimuleren hun zakelijke wagenpark sneller uitstootvrij te maken. Dat deel van de automarkt is belangrijk, omdat ongeveer de helft van de jaarlijks verkochte nieuwe personenautoโs zakelijk wordt geregistreerd. Zakelijke autoโs komen na enkele jaren bovendien vaak beschikbaar voor particuliere kopers, waardoor het aanbod van gebruikte elektrische autoโs kan toenemen.
Verkoopcijfers tonen snelle verschuiving
De omslag is al duidelijk zichtbaar in de registraties. In 2025 werden in Nederland 388.024 nieuwe personenautoโs geregistreerd. Hybride modellen vormden met 175.779 voertuigen de grootste afzonderlijke categorie. Volledig elektrische autoโs volgden met 156.139 registraties.
Benzine kwam in 2025 uit op 50.753 nieuwe autoโs, diesel op 3.993 en lpg op 1.359 voertuigen. Het marktaandeel van volledig elektrisch bedroeg daarmee 40,2 procent. Hybride was goed voor 45,3 procent, terwijl benzine nog slechts 13,1 procent van de nieuwverkoop vertegenwoordigde.
In de eerste helft van 2026 bleef hybride met 94.258 registraties de grootste aandrijflijn. Volledig elektrisch kwam uit op 63.776 voertuigen. Het elektrische aandeel bedroeg 36,5 procent, tegen 53,9 procent voor hybride. Benzine zakte in deze periode naar 8 procent van de markt.
De cijfers wijzen in 2026 nog niet op een meerderheid voor volledig elektrisch. De markt kan dat jaar echter worden vertekend doordat werkgevers aankopen van benzine-, diesel- en hybrideautoโs naar voren halen voordat de nieuwe heffing op 1 januari 2027 ingaat.
Nieuwe personenautoโs naar aandrijflijn
Registraties van benzine, diesel, lpg, hybride en volledig elektrisch over de periode 2016โ2025.
โOverige aandrijflijnenโ bestaat in deze grafiek uit benzine, diesel, lpg en hybride. De verwachte omslag in 2027 is niet aan deze historische reeks toegevoegd.
| Jaar | Totaal | Benzine | Diesel | LPG | Hybride | Volledig elektrisch |
|---|
Benzine en diesel verliezen terrein
Over een periode van tien jaar is de verandering scherp. In 2016 werden nog 274.727 nieuwe benzineautoโs en 72.355 diesels geregistreerd. In 2025 waren dat er respectievelijk 50.753 en 3.993. Het aantal nieuwe benzineautoโs daalde daarmee met ongeveer 82 procent. Bij diesel bedroeg de afname ruim 94 procent.
Volledig elektrisch maakte in dezelfde periode de omgekeerde beweging. Het aantal registraties steeg van 3.988 in 2016 naar 156.139 in 2025, bijna veertig keer zoveel. Hybride groeide van 29.916 naar 175.779 registraties. Lpg bleef een kleine categorie en schommelde in de meeste jaren tussen enkele honderden en iets meer dan tweeduizend nieuwe voertuigen.
De historische reeks laat ook zien dat hybride voorlopig een grote rol speelt. Veel automobilisten kiezen voor een combinatie van een verbrandingsmotor en elektrische ondersteuning. Voor de nieuwe werkgeversheffing maakt dat verschil echter niet uit. Zowel reguliere hybrides als plug-inhybrides gelden voor de regeling als voertuigen met uitstoot.
Vooruitlopen op regels kan 2026 beรฏnvloeden
De invoering per 2027 kan in het voorafgaande jaar tijdelijk een tegengesteld effect veroorzaken. Werkgevers kunnen nog vรณรณr de ingangsdatum benzine-, diesel- of hybrideautoโs vastleggen om gebruik te maken van de overgangsregeling.
Het model van PBL en Revnext houdt daarom rekening met extra registraties van autoโs met een verbrandingsmotor in 2026, gevolgd door een sterke verschuiving naar volledig elektrisch in 2027. In verschillende beleidsvarianten komt het elektrische aandeel in 2027 rond de 70 procent uit.
Een dergelijk patroon betekent dat maand- en kwartaalcijfers sterk kunnen wisselen. Ook leveringen van populaire modellen, veranderingen in aanschafprijzen en de beschikbaarheid van laadmogelijkheden hebben invloed op het uiteindelijke marktaandeel. De prognose is daardoor geen vastgesteld verkoopresultaat, maar een beleidsraming.
Nieuwverkoop verandert wagenpark geleidelijk
Het verwachte verkooprecord betekent niet dat de brandstofauto in 2027 uit Nederland verdwijnt. Op 1 januari 2026 reed nog ruim zeven op de tien personenautoโs in het totale wagenpark uitsluitend op benzine. De overstap in de nieuwverkoop werkt pas in de jaren daarna volledig door in het straatbeeld en op de tweedehandsmarkt.
Voor particuliere kopers blijven aanschafprijs, actieradius, laadmogelijkheden en motorrijtuigenbelasting belangrijke factoren. Elektrische personenautoโs krijgen in 2027 nog een korting van 30 procent op de motorrijtuigenbelasting, maar betalen daarmee wel een groter deel van het reguliere tarief dan tijdens de eerdere volledige vrijstelling.
De fiscale maatregel voor werkgevers heeft rechtstreeks vooral invloed op zakelijke autoโs. Particulieren die zelf een benzine-, diesel- of hybrideauto kopen, betalen de pseudo-eindheffing niet. De zakelijke omslag kan wel indirect doorwerken in het beschikbare modellenaanbod, de prijsstelling en de samenstelling van de tweedehandsmarkt.
2027 wordt beslissend jaar voor automarkt
De combinatie van fiscale druk en een groeiend aanbod maakt 2027 waarschijnlijk tot het eerste jaar waarin volledig elektrisch de Nederlandse nieuwverkoop domineert. Vooral de zakelijke markt krijgt een duidelijke financiรซle reden om geen nieuwe auto met een verbrandingsmotor meer aan werknemers beschikbaar te stellen.
De feitelijke uitkomst hangt af van de definitieve uitvoering van de regelgeving en het gedrag van werkgevers en automobilisten. De richting is echter zichtbaar in tien jaar registratiecijfers: diesel is vrijwel uit de nieuwverkoop verdwenen, benzine krimpt snel en hybride fungeert als tussenstap. Met de pseudo-eindheffing krijgt volledig elektrisch vanaf 2027 een doorslaggevend fiscaal voordeel.
Ontdek meer van
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.



