LELYSTAD, 16 mei 2026 – De rechtbank Midden-Nederland heeft een 22-jarige man veroordeeld tot een gevangenisstraf van dertig maanden. De rechtbank acht bewezen dat de twintiger zich in augustus vorig jaar schuldig heeft gemaakt aan grooming en de verkrachting van een toen 12-jarig meisje in Swifterbant. Een deel van de straf, in totaal twaalf maanden, is voorwaardelijk opgelegd.
De verdachte reisde op zondag 17 augustus 2025 met het openbaar vervoer vanuit Leeuwarden naar Swifterbant voor een ontmoeting met het slachtoffer. Het tweetal had kort daarvoor contact gekregen via de applicatie Snapchat. Na de ontmoeting nam de man het jonge slachtoffer mee naar een afgelegen plek in de bosjes. Daar dwong hij haar tot het ondergaan van diverse seksuele handelingen en drong hij haar lichaam binnen.
Dwang en psychische druk via Snapchat
Hoewel de verdediging tijdens de inhoudelijke behandeling pleitte voor een gedeeltelijke vrijspraak van dwang, ging de meervoudige kamer hier niet in mee. De man verklaarde zelf dat er sprake was van wederzijdse instemming. Uit politieverhoren en Snapchat-berichten bleek echter dat het meisje herhaaldelijk had aangegeven de seksuele handelingen niet te willen. Ze probeerde tevergeefs weg te komen, riep om het slaan van haar broek en bevroor toen de verdachte zijn hand op haar rug legde.
De rechtbank oordeelt dat er sprake is geweest van een ernstige vorm van dwang. De verdachte stuurde in de dagen voorafgaand aan de ontmoeting doelbewust aan op seksueel contact en het ontvangen van naaktbeelden. Door deze expliciete berichtenstroom naar het jonge kind heeft de man haar emotionele weerbaarheid afgebroken. De psychische druk die hij hiermee opbouwde, zorgde ervoor dat het slachtoffer zich redelijkerwijs niet aan de situatie kon onttrekken. Dat de verdachte wist dat het meisje doodsbang was, bleek uit berichten die hij na het incident stuurde, waarin hij haar opdroeg ‘normaal te doen’.
Geen toepassing van jeugdstrafrecht
De reclassering adviseerde de rechtbank om de man te berechten volgens het jeugdstrafrecht. Dit vanwege zijn psychosociale problematiek, trauma’s uit een belast oorlogsverleden in Soedan en een geconstateerd onderontwikkeld sociaal-emotioneel functioneren. Zowel de officier van justitie als de rechtbank zagen echter geen aanleiding om af te wijken van het volwassenstrafrecht. De man was ten tijde van het misdrijf 22 jaar oud en functioneerde in het dagelijks leven op het gebied van werk en wonen volledig zelfstandig.
De advocaat van de man voerde daarnaast aan dat zijn cliënt in de veronderstelling verkeerde dat het meisje 17 jaar oud was. De rechtbank maakte korte metten met dit verweer. De feitelijke leeftijd van het slachtoffer staat vast. Omdat deze leeftijd geobjectiveerd is, is het juridisch niet relevant of het slachtoffer er ouder uitzag of dat zij eventueel over haar leeftijd zou hebben gelogen. De verdachte had bovendien zelf onvoldoende geverifieerd of de minderjarige wel meerderjarig was.
Impact en forse schadevergoeding
De rechtbank rekent het de man zwaar aan dat hij louter zijn eigen seksuele behoeften voorop heeft gesteld. Het incident heeft diepe sporen achtergelaten bij het slachtoffer en haar gezin. Het meisje kampt sindsdien met ernstige depressieve klachten, volgt intensieve psychische hulp en is al een jaar niet in staat om naar school te gaan. Omdat de verdachte geen anticonceptie gebruikte, moest het slachtoffer bovendien medische behandelingen ondergaan om zwangerschap en seksueel overdraagbare aandoeningen te voorkomen.
Aan het voorwaardelijke strafdeel van twaalf maanden is een proeftijd van twee jaar gekoppeld. Hieraan zijn strikte bijzondere voorwaarden verbonden. De man moet zich melden bij de reclassering, een verplichte forensische behandeling ondergaan en meewerken aan ambulante begeleiding. Ook is er een direct ingaand contact- en locatieverbod opgelegd voor de gemeente waar het slachtoffer woont.
De vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij is grotendeels toegewezen. De verdachte moet aan het slachtoffer een totaalbedrag van 25.217,67 euro betalen.
Dit bedrag bestaat uit 6.000 euro aan immateriële schadevergoeding en ruim 19.000 euro aan materiële schade, waaronder de kosten voor haar opgelopen studievertraging.
Vanwege de minderjarigheid van het slachtoffer wordt het geld gestort op een afgeschermde rekening met een BEM-clausule. De in beslag genomen mobiele telefoon van de dader is verbeurdverklaard.
Ontdek meer van HBP Media
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.






12 maanden maar?? Zijn ballen eraf snijden zonder verdoving, veel betere straf