PARIJS, 22 mei 2026 – Frankrijk wil zich aansluiten bij een Brits-Duits programma voor de ontwikkeling van nieuwe langeafstandsraketten. Dat meldde de Financial Times vrijdag. Het plan moet Europa meer eigen slagkracht geven, op grotere afstand en met minder afhankelijkheid van Amerikaanse steun.
Het gaat om een programma van het Verenigd Koninkrijk en Duitsland voor zogenoemde Deep Precision Strike-raketten. Die wapens moeten volgens het Britse ministerie van Defensie een bereik krijgen van meer dan 2000 kilometer en in de jaren dertig in gebruik komen. Het project bouwt voort op het Trinity House-akkoord, dat Londen en Berlijn in oktober 2024 sloten.
Europese defensie krijgt zwaarder accent
De mogelijke Franse deelname past in een bredere Europese zoektocht naar meer militaire zelfstandigheid. De oorlog in Oekraïne heeft volgens Europese landen duidelijk gemaakt dat langeafstandswapens belangrijk zijn voor afschrikking en verdediging. Ook onzekerheid over de Amerikaanse veiligheidsgaranties heeft de discussie over Europese defensie versneld.
Het Brits-Duitse programma richt zich in eerste instantie op vanaf de grond te lanceren raketten. Daarbij wordt gekeken naar een familie van wapens, waaronder stealth-kruisraketten en hypersonische systemen. Later kunnen ook lucht- en zeetoepassingen worden onderzocht.
Volgens de Financial Times wil Parijs met deelname de kloof verkleinen tussen conventionele wapens en de Franse nucleaire afschrikking. Frankrijk beschikt al over een eigen nucleaire doctrine, maar ziet volgens de krant ook belang in zware conventionele wapens die onder de nucleaire drempel kunnen worden ingezet.
Raketbereik van meer dan 2000 kilometer
Het beoogde bereik van meer dan 2000 kilometer zou Europese krijgsmachten aanzienlijk meer mogelijkheden geven om doelen op grote afstand te treffen. Bestaande Europese wapens, zoals Storm Shadow, Scalp en Taurus, hebben doorgaans een veel kleiner bereik. Reuters meldde eerder dat Europese landen met nieuwe projecten een capaciteitsgat willen dichten dat door de oorlog in Oekraïne zichtbaarder is geworden.
De Britse en Duitse regeringen hebben eerder gezegd dat hun samenwerking openstaat voor andere landen. Daarmee zou Franse deelname politiek en industrieel kunnen aansluiten bij bestaande plannen. Volgens de Financial Times wordt in Berlijn positief gekeken naar de Franse interesse, al zouden Britse functionarissen terughoudender zijn vanwege eerdere spanningen in Frans-Duitse defensieprojecten.
Franse industrie kan rol krijgen
Ook de Europese defensie-industrie speelt een rol in het dossier. Franse bedrijven beschikken over kennis op het gebied van rakettechnologie, ruimtevaart en aandrijving. Volgens de Financial Times zou onder meer ArianeGroup, gelieerd aan Airbus en Safran, technologie kunnen leveren voor raketboosters.
De samenwerking valt samen met andere Europese initiatieven voor langeafstandswapens. In 2024 ondertekenden Frankrijk, Duitsland, Italië, Polen, Zweden en het Verenigd Koninkrijk de European Long-range Strike Approach, bedoeld om Europese militaire capaciteiten te versterken en de afschrikking van de NAVO te ondersteunen. In februari 2026 bevestigden de betrokken landen opnieuw hun inzet om ontwikkeling en aankoop van dergelijke systemen te versnellen.
Reactie op veranderde veiligheidssituatie
De nadruk op langeafstandsraketten komt voort uit de veranderde veiligheidssituatie in Europa. Rusland gebruikt sinds de invasie van Oekraïne grootschalig raketten en drones tegen doelen op afstand. Europese landen willen daarom sneller beschikken over middelen die afschrikking geloofwaardiger maken en militaire opties verbreden.
Voor Frankrijk ligt deelname gevoelig, omdat Parijs traditioneel sterk vasthoudt aan nationale controle over strategische afschrikking. Toch zoekt president Emmanuel Macron de laatste jaren nadrukkelijker naar Europese samenwerking op defensiegebied. Daarbij blijft de Franse nucleaire capaciteit onder Franse controle, terwijl conventionele samenwerking met bondgenoten wordt uitgebreid.
Besluit nog niet definitief
Een definitief besluit over Franse deelname is nog niet gemeld. Ook zijn er nog geen volledige details bekend over kosten, taakverdeling en planning. Het Brits-Duitse programma moet volgens de huidige inzet in de jaren dertig operationele systemen opleveren.
Als Frankrijk daadwerkelijk toetreedt, ontstaat een samenwerking tussen de drie grootste militaire machten van Europa. Daarmee kan het project uitgroeien tot een centraal onderdeel van de Europese defensie-industrie en de NAVO-afschrikking op de lange termijn.
Ontdek meer van HBP Media
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.




