Kifid: Lat voor ‘grof nalatig’ bij bankfraude fors hoger

De uitspraak volgt op een specifieke zaak waarbij een klant van de bank bunq werd opgelicht.

Bookmark

Lees dit ook...

HBP Media
HBP Mediahttps://hbpmedia.nl
24 uur per dag het wereldwijde nieuws op uw scherm.. Iets te melden/klagen: info@hbpmedia.nl . Columns zijn op persoonlijke titel
Bron:Kifid

DEN HAAG, 23 april 2026 – De Commissie van Beroep van het Kifid heeft de regels voor schadevergoeding bij bankhelpdeskfraude aangescherpt. In een nieuwe uitspraak stelt de beroepscommissie dat er pas sprake is van grof nalatig handelen als een consument zich bewust is van het gevaar, maar toch de instructies van een fraudeur opvolgt. Hierdoor moeten banken de schade door niet-toegestane betalingen vaker volledig vergoeden.

Met deze uitspraak legt de commissie de lat voor de kwalificatie ‘grof nalatig’ hoger dan in eerdere zaken. Kenmerkend voor bankhelpdeskfraude is de verfijnde manipulatie door criminelen, waardoor slachtoffers oprecht geloven dat zij met een echte bankmedewerker communiceren. Omdat de consument zich door deze misleiding niet bewust is van het risico, kan hen volgens het Kifid niet snel grove nalatigheid worden verweten.

Meer dan alleen onoplettendheid

In de juridische strijd tussen banken en gedupeerden draait het vaak om de interpretatie van artikel 7:529 BW. De wet schrijft voor dat een bank bij niet-toegestane betalingen het bedrag onmiddellijk moet terugbetalen, tenzij er sprake is van opzet of grove nalatigheid. De Commissie van Beroep oordeelt nu dat voor grove nalatigheid meer nodig is dan alleen onoplettendheid of het verzaken van algemene veiligheidsverplichtingen.

Er is pas sprake van grof nalatig handelen wanneer een consument de gevaren inziet, maar desondanks besluit de instructies van de persoon aan de andere kant van de lijn op te volgen. Zolang een slachtoffer in de veronderstelling verkeert een legitieme bankmedewerker te helpen, ontbreekt dit bewustzijn van gevaar.

Ruim 50.000 euro buitgemaakt via bunq

De uitspraak volgt op een specifieke zaak waarbij een klant van de bank bunq werd opgelicht. Na een phishingmail ontving het slachtoffer een telefoontje van een nepmedewerker. De consument werd overgehaald een beveiligingscode af te geven, waarna de fraudeur het account koppelde aan een eigen apparaat.

In een tijdsbestek van slechts een uur werden daglimieten verhoogd en ruim 50.000 euro overgeboekt naar een cryptoplatform en een Spaanse bankrekening. Hoewel bunq wees op de doorlopende waarschuwingen die zij aan klanten verstuurt, oordeelt de commissie dat dit niet voldoende is om de consument grof nalatig te noemen. De bank moet de schade daarom in beginsel volledig vergoeden.

Gevolgen voor de banksector

De uitspraak heeft grote gevolgen voor hoe banken omgaan met fraudeclaims. Het louter wijzen op algemene veiligheidsinstructies volstaat niet langer om aansprakelijkheid af te wijzen. Wanneer een consument aannemelijk maakt slachtoffer te zijn van professionele manipulatie, verschuift de bewijslast en de financiële verantwoordelijkheid voor de niet-toegestane transacties grotendeels naar de bank.

Volgens de commissie blijft de wettelijke hoofdregel uit artikel 7:528 BW leidend: de bank draagt het risico voor transacties waar de rekeninghouder geen expliciete toestemming voor heeft gegeven, tenzij er overduidelijk sprake is van bewuste roekeloosheid door de klant.


Ontdek meer van HBP Media

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Meer van dit..

Geef een reactie

- Advertisement -

Reacties

Nieuw binnen