SINT-OEDENRODE, 10 augustus 2026 โ Een bestuurder van een bestelauto is door de rechtbank Oost-Brabant veroordeeld tot een geldboete van 500 euro na een verkeersongeval waarbij een 32-jarige motorrijdster om het leven kwam. De rechtbank sprak de man vrij van het zwaardere verwijt dat het dodelijke ongeval aan zijn schuld te wijten was. Wel acht de rechtbank bewezen dat hij gevaar op de weg heeft veroorzaakt.
Het ongeval gebeurde op 23 februari 2025 op het kruispunt van de N618 met de Gemondsedijk bij Sint-Oedenrode. De verdachte reed in een Mercedes-Benz bestelauto en wilde de voorrangsweg oversteken.
Tweede motorfiets niet gezien
Volgens het vonnis keek de bestuurder eerst naar links. Vervolgens keek hij naar rechts, waar hij een motorfiets zag aankomen. Deze motorrijder, de partner van het latere slachtoffer, liet hij voorgaan.
Daarachter reed echter een tweede motorfiets. Die werd bestuurd door de 32-jarige vrouw. De automobilist zag haar niet, trok op en kwam op het kruispunt met haar motorfiets in botsing.
De vrouw overleed ter plaatse aan haar verwondingen.
OM wilde taakstraf en rijontzegging
Het Openbaar Ministerie vond dat de automobilist aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend had gereden en daarmee schuldig was aan het veroorzaken van het dodelijke ongeval volgens artikel 6 van de Wegenverkeerswet.
De officier van justitie eiste daarom een taakstraf van 240 uur, waarvan 100 uur voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar. Daarnaast werd een rijontzegging van twaalf maanden geรซist.
De rechtbank kwam echter tot een andere juridische beoordeling.
Geen bewijs voor aanmerkelijke onoplettendheid
Voor een veroordeling op grond van artikel 6 WVW is volgens de rechtbank meer nodig dan uitsluitend een verkeersfout met zeer ernstige gevolgen. Er moet sprake zijn van een aanmerkelijke mate van verwijtbare onvoorzichtigheid, onachtzaamheid of onoplettendheid.
Uit onderzoek bleek dat de bestuurder kort voor en tijdens het ongeval zijn telefoon niet gebruikte. Ook had hij geen alcohol gedronken en geen drugs gebruikt.
Evenmin waren er aanwijzingen dat hij te hard reed of andere verkeersregels had overtreden.
Het kruispunt was volgens de rechtbank overzichtelijk en er waren geen obstakels die het zicht belemmerden. Ook de weersomstandigheden gaven geen aanleiding om extra voorzichtig te rijden.
Geen zichtreconstructie uitgevoerd
Tegelijkertijd kon niet worden vastgesteld op welk moment en gedurende hoeveel tijd de tweede motorfiets voor de verdachte zichtbaar had kunnen zijn. Er was bijvoorbeeld geen zichtreconstructie uitgevoerd waarmee dat achteraf nauwkeurig kon worden bepaald.
Volgens de rechtbank is daarom aannemelijk dat sprake was van รฉรฉn moment van onoplettendheid. De man had wel gekeken, maar zag de tweede motorrijdster desondanks niet.
Dat is volgens de rechtbank onvoldoende om te spreken van de aanmerkelijke onvoorzichtigheid die noodzakelijk is voor een veroordeling op grond van artikel 6 WVW. Hij werd daarvan vrijgesproken.
Wel gevaar op de weg veroorzaakt
De rechtbank veroordeelde de automobilist wel voor overtreding van artikel 5 WVW.
Hij reed het kruispunt op zonder de van rechts komende motorrijdster voorrang te geven en veroorzaakte daarmee gevaar op de weg. Dat vervolgens een dodelijk ongeval ontstond, maakte duidelijk dat van een gevaarlijke verkeerssituatie sprake was.
De rechtbank benadrukte daarbij het onherstelbare leed van de nabestaanden.
Verdachte verloor baan na ongeval
Bij het bepalen van de straf hield de rechtbank ook rekening met de persoonlijke gevolgen voor de bestuurder.
Hij werkte ten tijde van het ongeval als maaltijdbezorger. Door de mentale impact reed hij vervolgens ongeveer zes maanden geen auto meer en verloor hij uiteindelijk zijn baan.
Volgens het vonnis rijdt hij nog altijd zo weinig mogelijk auto. Sinds januari 2026 heeft hij het landbouw- en veeteeltbedrijf van zijn ouders overgenomen en heeft hij zijn rijbewijs nodig om onder meer met een tractor naar landbouwgronden te rijden.
De rechtbank zag tijdens de behandeling een volgens haar zeer schuldbewuste verdachte die oprecht berouw toonde en zichtbaar gebukt gaat onder de gevolgen van het ongeval. Ook was hij niet eerder veroordeeld.
Geen rijontzegging
Omdat alleen overtreding van artikel 5 WVW bewezen werd verklaard en niet het veel zwaardere artikel 6, vond de rechtbank de eis van het Openbaar Ministerie niet passend.
Er werd geen taakstraf en ook geen rijontzegging opgelegd. De rechtbank volstond met een geldboete van 500 euro, bij niet betalen te vervangen door vijf dagen hechtenis.
Ontdek meer van
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.



