UTRECHT – De Rechtbank Midden-Nederland heeft bepaald dat een voormalig werknemer met psychische klachten recht heeft op een IVA-uitkering voor volledig en duurzaam arbeidsongeschikten. Daarmee krijgt de werkgever gelijk in een procedure tegen het UWV, dat eerder oordeelde dat de werknemer wel volledig, maar niet duurzaam arbeidsongeschikt was.
UWV motiveerde herstelkansen onvoldoende
De werkgever stelde dat sprake was van duurzame arbeidsongeschiktheid en dat daarom een IVA-uitkering moest worden toegekend. Het UWV wees dat verzoek af, omdat volgens de uitkeringsinstantie nog behandelmogelijkheden aanwezig waren en herstel van de belastbaarheid niet kon worden uitgesloten. Daarbij werd onder meer gewezen op een mogelijke behandeling met elektroconvulsietherapie (ECT).
De rechtbank oordeelt echter dat het UWV onvoldoende heeft onderbouwd waarom deze behandeling voor de betrokken werknemer daadwerkelijk kans op herstel zou bieden. Volgens de rechter baseerde het UWV zich vooral op algemene medische richtlijnen en werd onvoldoende gekeken naar de individuele situatie van de werknemer.
Geen concrete onderbouwing van verbeterkansen
De rechter wijst erop dat geen overleg heeft plaatsgevonden met de behandelend artsen over de haalbaarheid en verwachte resultaten van een eventuele ECT-behandeling. Ook is niet duidelijk gemaakt welke verbetering in de arbeidsmogelijkheden van de werknemer realistisch zou zijn na behandeling.
Daarmee voldoet de motivering van het UWV niet aan de eisen die gelden voor een beoordeling van duurzame arbeidsongeschiktheid onder de Wet WIA.
Rechtbank neemt zelf besluit
Omdat volgens de rechtbank niet te verwachten is dat het UWV alsnog een voldoende onderbouwde motivering kan geven, heeft de rechter besloten zelf in de zaak te voorzien. De eerdere beslissing van het UWV wordt herroepen en de werknemer krijgt met terugwerkende kracht vanaf 1 april 2025 een IVA-uitkering toegekend.
UWV moet proceskosten vergoeden
Naast het toekennen van de IVA-uitkering heeft de rechtbank bepaald dat het UWV het betaalde griffierecht aan de werkgever moet terugbetalen. Ook moet de uitkeringsinstantie ruim 3.200 euro aan proceskosten vergoeden.
De uitspraak kan nog worden voorgelegd aan de Centrale Raad van Beroep.
Ontdek meer van
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.



