LEEUWARDEN – Het gerechtshof in Leeuwarden heeft bepaald dat een vader voorlopig geen fysieke omgang krijgt met zijn minderjarige kind. Volgens het hof is er geen ruimte voor verdergaand contact zolang de vader niet met goed gevolg een behandeling heeft afgerond.
De zaak draait om een omgangsregeling tussen de vader en zijn kind, dat bij de moeder woont. De vader vroeg in hoger beroep om een begeleide en opbouwende omgangsregeling. Uiteindelijk wilde hij toewerken naar een weekend per twee weken. Omdat hij sinds eind december 2025 in voorlopige hechtenis zit, vroeg hij tijdens de zitting ook om belcontact.
Het hof wijst dat verzoek af en bekrachtigt de eerdere beslissing van de rechtbank Noord-Nederland. Het contact blijft beperkt tot brieven en kaarten, voor zover dat nog uitvoerbaar is.
Hof spreekt van intieme terreur
Volgens het hof is sprake van een langdurig patroon van grensoverschrijdend gedrag richting de moeder. In de uitspraak wordt verwezen naar meldingen van huiselijk geweld, aangiftes wegens onder meer stalking, identiteitsfraude, computervredebreuk en vernieling, en eerdere contact- en gebiedsverboden.
De vader is eerder veroordeeld voor identiteitsfraude, computervredebreuk en belaging. Ook werd hij veroordeeld voor identiteitsfraude en belaging of bedreiging via internet. Sinds eind december 2025 zit hij opnieuw vast, onder meer op verdenking van overtreding van een contact- en gebiedsverbod en identiteitsfraude.
Het hof noemt het gedrag, mede gezien de duur en aard ervan, intieme terreur. Daarbij stelt het hof dat een kind dat getuige is van huiselijk geweld ook slachtoffer is van dat geweld.
Behandeling eerst voorwaarde voor contact
De Raad voor de Kinderbescherming vindt meer contact dan brieven en kaarten op dit moment niet wenselijk. Volgens de raad moet de vader eerst hulpverlening accepteren en met goed gevolg afronden voordat kan worden gedacht aan een verdergaande vorm van contact.
Het hof sluit zich daarbij aan. De vader moet behandeling volgen, bijvoorbeeld gericht op impulscontrole. Ook moet duidelijk zijn dat de behandeling positief effect heeft op zijn gedrag.
Volgens het hof heeft het in dit soort zaken de taak om het kind en de moeder te beschermen en te voorkomen dat een omgangsregeling wordt misbruikt.
Geen nieuwe ondertoezichtstelling
De vader vroeg daarnaast om een nieuwe ondertoezichtstelling van het kind. Ook dat verzoek is afgewezen. Volgens het hof zijn er geen zorgen over de ontwikkeling van het kind. Het gaat goed met hem, hij gaat graag naar school en wordt omschreven als blij, behulpzaam en zorgzaam.
Het hof oordeelt dat een ondertoezichtstelling niet bedoeld is om alleen omgang te begeleiden. Daarvoor moet sprake zijn van een ernstige ontwikkelingsbedreiging, en daarvan is volgens het hof geen sprake.
Ontdek meer van HBP Media
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.







