DEN HAAG, 29 mei 2026 – Het kabinet gaat Europese ESF+-middelen niet inzetten om abortuszorg in Nederland gratis beschikbaar te maken voor vrouwen uit andere landen. Dat schrijft minister Sophie Hermans van Volksgezondheid, Welzijn en Sport in een reactie aan de Tweede Kamer op een mededeling van de Europese Commissie over het Europees burgerinitiatief My Voice, My Choice.
Het burgerinitiatief My Voice, My Choice werd op 10 april 2024 geregistreerd en roept de Europese Commissie op om lidstaten financieel te steunen bij het bieden van veilige abortuszorg aan vrouwen die daar in hun eigen land geen toegang toe hebben. Volgens de initiatiefnemers bestaan er binnen Europa grote verschillen in toegang tot veilige en legale abortuszorg. Daardoor zijn vrouwen soms aangewezen op reizen naar het buitenland, waarbij zij de kosten vaak zelf moeten dragen.
De Europese Commissie publiceerde op 26 februari 2026 een mededeling over het initiatief. Daarin staat dat lidstaten het Europees Sociaal Fonds Plus, ESF+, onder voorwaarden mogen gebruiken om gelijke toegang tot legaal beschikbare en betaalbare gezondheidsdiensten te verbeteren. Volgens de Commissie kan daar ook veilige abortuszorg onder vallen, mits de inzet past binnen nationale wetgeving en geen inbreuk maakt op de bevoegdheid van lidstaten om hun eigen gezondheidsbeleid te bepalen.
Geen extra geld vanuit Brussel
De Commissie stelt geen nieuwe financiële middelen beschikbaar voor abortuszorg. Volgens het kabinet gaat het daarom vooral om een verduidelijking van bestaand beleid. Lidstaten kunnen binnen bestaande ESF+-programma’s ruimte maken voor maatregelen rond toegang tot zorg, maar alleen als die passen binnen de eerder afgesproken nationale of regionale programma’s.
Voor Nederland is die ruimte er volgens het kabinet niet meer. De Nederlandse ESF+-middelen voor de periode tot en met 2027 zijn al volledig toegewezen. Het geld wordt ingezet voor sociale en arbeidsmarktgerelateerde doelen, waaronder ondersteuning van mensen met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt, sociale inclusie, sociale innovatie en voedselhulp.
Nederland ontvangt in de programmaperiode 2021-2027 413 miljoen euro uit het ESF+. Het programma wordt uitgevoerd onder leiding van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Een wijziging van de inzet van deze middelen is volgens het kabinet in dit stadium niet meer mogelijk.
Abortuszorg in Nederland toegankelijk
Het kabinet stelt in de brief dat het pal staat voor goede en toegankelijke abortuszorg. Voor vrouwen die in Nederland wonen of werken is abortuszorg gratis. Abortuszorg via klinieken of via de huisarts wordt voor deze groep vergoed via bestaande subsidieregelingen. Abortus op medische indicatie in een ziekenhuis wordt vergoed vanuit de zorgverzekering.
Voor asielzoekers en Oekraïense vluchtelingen bestaan aparte zorgregelingen waarin abortuszorg ook is opgenomen. Buitenlandse vrouwen die niet onder deze regelingen vallen, kunnen in Nederland wel abortuszorg krijgen, maar moeten de behandeling in beginsel zelf betalen.
Volgens het kabinet komen jaarlijks ongeveer 3000 buitenlandse vrouwen naar Nederland voor abortuszorg. Vaak gaat het om vrouwen die in hun eigen land geen toegang hebben tot deze zorg. Voor vrouwen die de kosten niet kunnen dragen, bestaan volgens het kabinet andere mogelijkheden. Maatschappelijke organisaties kunnen helpen bij financiering en begeleiding naar zorg. Ook kunnen abortusklinieken in sommige gevallen een lager tarief rekenen of financiële buffers inzetten.
Commissie wil geen nieuw fonds
De Europese Commissie concludeert in haar mededeling dat een nieuw Europees fonds of nieuwe Europese wetgeving niet nodig is om de doelen van het burgerinitiatief deels te ondersteunen. Volgens de Commissie kunnen bestaande ESF+-programma’s daarvoor worden gebruikt, als lidstaten dat vrijwillig willen en als de maatregelen openstaan voor vrouwen ongeacht nationaliteit of woonplaats.
De Commissie benadrukt daarbij dat abortuswetgeving en de organisatie van gezondheidszorg nationale bevoegdheden blijven. Europese financiering mag volgens Brussel niet worden gebruikt om nationale keuzes over abortuswetgeving of medische ethiek te ondermijnen.
Het burgerinitiatief vroeg juist om een vrijwillig solidariteitsmechanisme. Lidstaten die bereid zijn veilige abortuszorg te bieden aan vrouwen uit landen waar die zorg niet toegankelijk is, zouden daarvoor financieel kunnen worden gesteund. De Commissie ziet daarvoor geen nieuw instrument nodig, omdat het ESF+ volgens haar al ruimte biedt voor maatregelen rond toegang tot zorg.
Zorgen over toegang tot veilige abortus
Het kabinet zegt de zorgen van de initiatiefnemers te begrijpen. Wereldwijd hebben veel vrouwen geen toegang tot veilige abortuszorg. Onveilige abortus wordt in de kabinetsreactie genoemd als een belangrijke en voorkombare oorzaak van moedersterfte.
Ook de Europese Commissie wijst in haar mededeling op internationale verdragen en gezondheidsrichtlijnen waarin toegang tot seksuele en reproductieve gezondheidszorg wordt genoemd. De Commissie verwijst onder meer naar de Wereldgezondheidsorganisatie, die veilige en toegankelijke abortuszorg beschouwt als onderdeel van goede reproductieve gezondheidszorg.
Binnen de Europese Unie verschilt de toegang tot abortuszorg sterk per lidstaat. Volgens de initiatiefnemers van My Voice, My Choice missen miljoenen vrouwen in Europa toegang tot veilige abortuszorg. Vooral vrouwen zonder financiële middelen zouden daardoor kwetsbaar zijn.
Kabinet houdt vast aan huidige inzet
De kabinetsreactie leidt niet tot een beleidswijziging. Nederland zal de beschikbare ESF+-middelen niet herprogrammeren voor abortuszorg. De belangrijkste reden is dat er geen extra Europees geld beschikbaar komt en de Nederlandse middelen al zijn vastgelegd voor andere doelen.
Dat betekent volgens het kabinet niet dat buitenlandse vrouwen in Nederland geen hulp kunnen krijgen. Zij kunnen terecht bij abortusklinieken, maar betalen de behandeling zelf wanneer zij niet onder Nederlandse vergoedingsregelingen vallen. Voor vrouwen zonder voldoende financiële middelen blijven maatschappelijke organisaties en klinieken volgens het kabinet een belangrijke rol spelen.
Minister Hermans noemt in de brief onder meer Dokters van de Wereld als voorbeeld van een organisatie die vrouwen kan helpen bij het vinden van toegang tot zorg. Het kabinet spreekt waardering uit voor de rol van maatschappelijke organisaties en abortusklinieken bij de ondersteuning van deze groep vrouwen.
Ontdek meer van HBP Media
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.







