DEN HAAG, 23 juli 2026 – De Nederlandse regering spreekt zich krachtig uit tegen de recente acties van de Taliban in Afghanistan. Minister Berendsen van Buitenlandse Zaken heeft op 22 juli 2026 officieel gereageerd op schriftelijke Kamervragen over de actuele situatie. Het kabinet veroordeelt het gewelddadige ingrijpen door de de facto autoriteiten bij een recent protest voor vrouwenrechten in de stad Herat.
Het gebruik van fysiek geweld tegen vreedzame demonstranten is volgens de bewindsman absoluut niet te verdedigen. Daarnaast wordt de willekeurige arrestatie van actievoerende vrouwen scherp bekritiseerd. De autoriteiten in Afghanistan dienen de universele mensenrechten te allen tijde te respecteren.
Deze fundamentele rechten zijn immers ondeelbaar en gelden voor ieder mens gelijk, ongeacht de politieke situatie in een land. Om deze reden is een krachtig tegengeluid vanuit de internationale gemeenschap onverminderd van belang.
Internationale diplomatieke druk en acties
Nederland laat het niet uitsluitend bij nationale veroordelingen van het gepleegde geweld. Op het internationale diplomatieke toneel heeft de regering zich direct aangesloten bij een officiรซle verklaring van de Europese Unie. In deze gezamenlijke Europese verklaring wordt het cruciale belang van internationale mensenrechtenverplichtingen stevig benadrukt.
Tevens bevat het document een dringende oproep aan de de facto autoriteiten in Afghanistan om het geweld tegen demonstranten onmiddellijk te stoppen. Zowel in het verband van de Europese Unie als binnen de organen van de Verenigde Naties blijft Nederland zich onophoudelijk uitspreken tegen de aanhoudende mensenrechtenschendingen door de Taliban.
Zelfs in de minimale operationele contacten die nog met de de facto autoriteiten plaatsvinden, agendeert Nederland structureel de aanzienlijke zorgen omtrent de verslechterende leefomstandigheden van vrouwen en meisjes.
Juridische stappen en het Vrouwenverdrag
Naast diplomatieke druk onderneemt de Nederlandse staat tevens formele juridische stappen om de rechten van de Afghaanse bevolking beter te waarborgen. Een essentieel besluit vond reeds plaats op 25 september 2024. Op deze datum heeft Nederland, in een samenwerking met Australiรซ, Canada en Duitsland, Afghanistan officieel aansprakelijk gesteld.
Deze formele aansprakelijkheidsstelling richt zich specifiek op de grove en systematische schendingen van het internationale Vrouwenverdrag. Het gezamenlijke doel van deze landen is om de naleving van de internationale verplichtingen van Afghanistan onder het Vrouwenverdrag juridisch af te dwingen. Bovendien hopen de staten hiermee toekomstige schendingen te voorkomen.
Afghaanse vrouwen en meisjes moeten zonder belemmeringen hun rechten op grond van dit verdrag kunnen uitoefenen. Hierbij ligt de focus op de volgende fundamentele vrijheden:
- Het onvoorwaardelijke recht op onderwijs voor vrouwen en meisjes moet worden gerespecteerd en gewaarborgd.
- De ongehinderde toegang tot noodzakelijke en adequate gezondheidszorg moet worden gegarandeerd.
- De volledige en veilige deelname aan het maatschappelijke en openbare leven is een vereiste.
Bescherming en gerichte humanitaire steun
De inzet van het kabinet beperkt zich logischerwijs niet tot de politieke en juridische arena. De overheid is sterk gecommitteerd aan het bieden van directe steun aan de Afghaanse bevolking. Hierbij ligt de nadruk expliciet op de bescherming van kwetsbare vrouwen en meisjes. Deze essentiรซle ondersteuning krijgt vorm via diverse kanalen, waaronder noodzakelijke humanitaire hulp en financiรซle steun aan gespecialiseerde organisaties van de Verenigde Naties.
Daarnaast vormt de steun aan lokale mensenrechteninitiatieven een belangrijke beleidspijler. Nederland hanteert in al deze programma’s standaard een specifieke โvoor vrouwen, door vrouwenโ-benadering. Hierdoor is er in de volledige hulp- en ontwikkelingsprogrammering structureel speciale aandacht voor de specifieke noden van vrouwen en meisjes.
Tevens ondersteunt de Nederlandse overheid diverse lokale organisaties die zich inzetten voor vrouwenrechten. Vanwege de toenemende restrictieve regels die door de de facto autoriteiten worden opgelegd, stelt de minister dat deze gerichte steun noodzakelijk blijft.
Onafhankelijk onderzoek en bewijsgaring
Het accuraat verzamelen en veiligstellen van bewijsmateriaal voor mogelijke toekomstige strafvervolging vormt eveneens een prioriteit voor het ministerie. In het jaar 2025 heeft Nederland zich in EU-verband buitengewoon hard gemaakt voor formele ‘accountability’ binnen de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties. Deze multilaterale inzet was specifiek gericht op het tegengaan van straffeloosheid voor de ernstige mensenrechtenschendingen door de Taliban en andere internationale misdrijven in Afghanistan. Deze gerichte diplomatieke inspanningen hebben succesvol geresulteerd in de oprichting van een onafhankelijk onderzoeksmechanisme voor Afghanistan. Dit nieuwe mechanisme zal op termijn wezenlijk bijdragen aan het structureel verzamelen en analyseren van bewijsmateriaal van internationale misdrijven. Het te verzamelen materiaal zal eveneens bewijzen omvatten van ernstige schendingen van het internationaal recht in het gebied. Het uiteindelijke doel is om de verzamelde data beschikbaar te maken ten behoeve van toekomstige internationale en nationale procedures.
Strikte waarborgen in asiel- en terugkeerbeleid
Tot slot is er duidelijkheid verschaft over de complexe vraagstukken omtrent het terugkeerbeleid van Afghaanse staatsburgers. Het kabinet heeft expliciet aangegeven het initiatief van de Europese Commissie te steunen om op technisch niveau verkennende gesprekken te voeren met de de facto autoriteiten over asielterugkeer. Desalniettemin benadrukt het ministerie dat het terugkeerbeleid primair een nationale aangelegenheid blijft. Dit specifieke beleid valt onder de directe verantwoordelijkheid van het ministerie van Asiel en Migratie. De overheid benadrukt dat Nederland zich onder alle omstandigheden zal houden aan dwingende internationale verplichtingen. Dit omvat logischerwijs de onomstreden beginselen van non-refoulement, alsmede de strikte verplichtingen onder het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Deze verdragen bevatten bindende vereisten die de veiligheid van vluchtelingen garanderen en door Nederland te allen tijde worden nageleefd. In het landgebonden asielbeleid voor Afghanistan is bovendien nadrukkelijk rekening gehouden met de zeer kwetsbare positie waarin Afghaanse vrouwen en meisjes verkeren.
Ontdek meer van
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.



