ROTTERDAM, 29 juli 2026 – De rechtbank Rotterdam heeft een minderjarige jongen veroordeeld tot negentig dagen jeugddetentie wegens het voorbereiden van een ontploffing bij een woning in Purmerend. Van de opgelegde straf zijn 75 dagen voorwaardelijk. De jongen krijgt een proeftijd van twee jaar en moet zich aan meerdere bijzondere voorwaarden houden.
De verdachte was veertien jaar oud toen hij op 14 juli 2025 samen met twee oudere medeverdachten werd aangehouden. Het drietal zat in een auto waarin een zelfgemaakte vuurwerk-brandstofcombinatie werd aangetroffen. Volgens de rechtbank was het explosief bestemd voor een aanslag op een woning in Purmerend.
Drie Cobraโs aan fles bevestigd
Het aangetroffen explosief bestond uit drie stuks zwaar knalvuurwerk van het type Cobra 6. Deze waren met transparante tape bevestigd aan een kunststof fles met een inhoud van 1,25 liter. De fles was vrijwel volledig gevuld met een heldere, lichtgele vloeistof die volgens het onderzoek zeer waarschijnlijk benzine was.
Ook hadden de verdachten een aansteker bij zich. De combinatie van zwaar vuurwerk en brandstof werd door de rechtbank aangemerkt als een wapen van categorie II. Dergelijke voorwerpen zijn volgens de Wet wapens en munitie bestemd om personen of zaken door vuur of een ontploffing te treffen.
De minderjarige heeft de beschuldigingen bekend. Omdat hij de bewezenverklaarde feiten erkende en zijn advocaat geen vrijspraak had bepleit, hoefde de rechtbank de bewijsmiddelen niet uitgebreid in het vonnis te bespreken.
Explosie moest worden gefilmd
De jongen handelde volgens de rechtbank in opdracht van een andere persoon. Hij zou de vuurwerkbom tegen betaling bij een woning plaatsen, het explosief aansteken en de daaropvolgende ontploffing filmen. De beelden moesten vervolgens aan de opdrachtgever worden verstrekt.
De explosie werd voorkomen doordat de jongen en zijn medeverdachten voor de uitvoering van het plan werden aangehouden. De rechtbank benadrukt dat met het aangetroffen explosief een krachtige ontploffing had kunnen worden veroorzaakt. Daarbij had aanzienlijke schade kunnen ontstaan.
Volgens de rechters veroorzaken aanslagen op woningen niet alleen gevaar voor de bewoners en omwonenden. Dergelijke explosies leiden ook tot angst, onrust en gevoelens van onveiligheid in de samenleving. In eerdere zaken hebben explosies bij woningen geleid tot grote schade, gewonden en soms dodelijke slachtoffers.
Financieel gewin en sociale status
De rechtbank rekent het de verdachte zwaar aan dat hij bereid was om voor geld aan het explosieplan mee te werken. Daarbij zou hij vooral hebben gedacht aan financieel gewin en zijn sociale status. Over de mogelijke gevolgen voor bewoners en omwonenden had hij volgens de rechters onvoldoende nagedacht.
Uit het strafblad blijkt dat de jongen al eerder een strafbeschikking kreeg opgelegd. Die hield verband met heling en een overtreding van het Vuurwerkbesluit. De rechtbank hield bij de strafoplegging ook rekening met zorgen over zijn persoonlijke ontwikkeling en sociale omgeving.
De Raad voor de Kinderbescherming meldde dat de verdachte impulsief handelt en sterk gericht is op directe behoeftebevrediging. Ook bestaan zorgen over zijn thuissituatie, schoolloopbaan en contacten. Zonder duidelijke grenzen, begeleiding en structuur zou volgens de Raad het risico bestaan dat de jongen verder afglijdt.
Rechtbank kiest voor jeugddetentie
De Raad voor de Kinderbescherming adviseerde een volledig voorwaardelijke werkstraf met intensieve begeleiding. De rechtbank vond die straf vanwege de ernst van het explosieplan echter onvoldoende. Volgens de rechters kon niet anders worden gereageerd dan met jeugddetentie.
Rechtbank kiest voor jeugddetentie
De Raad voor de Kinderbescherming adviseerde een volledig voorwaardelijke werkstraf met intensieve begeleiding. De rechtbank vond die straf vanwege de ernst van het explosieplan echter onvoldoende. Volgens de rechters kon niet anders worden gereageerd dan met jeugddetentie.
In het voordeel van de jongen woog mee dat hij tijdens de zitting openheid van zaken gaf en verantwoordelijkheid nam voor zijn handelen. Het onvoorwaardelijke gedeelte van vijftien dagen is gelijk aan de tijd die hij al in voorarrest heeft doorgebracht. De resterende 75 dagen hoeft hij niet uit te zitten wanneer hij zich tijdens de proeftijd aan de voorwaarden houdt.
Begeleiding en contactverboden
De jongen moet meewerken aan hulpverlening en eventueel aan een persoonlijkheidsonderzoek. Ook moet hij begeleiding accepteren van organisatie E25 of een vergelijkbare instelling.
Daarnaast moet hij een door Jeugdbescherming West goedgekeurde volledige dagbesteding hebben in de vorm van school of een stage. Hij moet zich tevens inspannen voor een zinvolle vrijetijdsbesteding, bijvoorbeeld sport of een bijbaan.
De rechtbank heeft verder bepaald dat hij geen direct of indirect contact mag onderhouden met de twee oudere medeverdachten. Jeugdbescherming West houdt toezicht op de naleving van de voorwaarden. Wanneer de jongen opnieuw een strafbaar feit pleegt of een voorwaarde overtreedt, kan de rechter besluiten dat de voorwaardelijke jeugddetentie alsnog wordt uitgevoerd.
Ontdek meer van
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.



