ARNHEM โ Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft een man veroordeeld tot dertig maanden gevangenisstraf voor twee verkrachtingen en het bezit en verspreiden van รฉรฉn kinderpornografische afbeelding. Van de celstraf zijn 23 maanden voorwaardelijk. De man krijgt een proeftijd van twee jaar en moet zich houden aan bijzondere voorwaarden.
Het hof deed woensdag 1 oktober uitspraak in hoger beroep. Zowel de verdachte als het Openbaar Ministerie was in beroep gegaan tegen een vonnis van de rechtbank Midden-Nederland uit maart 2024. De rechtbank had de man eerder veroordeeld tot 36 maanden gevangenisstraf, waarvan twaalf maanden voorwaardelijk.
Twee verkrachtingen bewezen
Volgens het hof is bewezen dat de verdachte zich in 2022 schuldig maakte aan twee verkrachtingen. In beide zaken was er voorafgaand aan of aan het begin van het seksuele contact een vorm van vrijwillig contact, maar werd later duidelijk dat de vrouwen geen seks of verdere seksuele handelingen wilden.
Bij het eerste slachtoffer stelde het hof vast dat het seksuele contact aanvankelijk met wederzijdse instemming was begonnen. Volgens het hof sloeg de situatie vervolgens om. De vrouw gaf tijdens de seksuele handelingen onder meer door pijn, huilen en andere signalen aan dat zij niet verder wilde. De verdachte ging desondanks door. Het hof oordeelde dat hij zich er op enig moment bewust van moet zijn geweest dat de vrouw de seksuele omgang niet langer wilde.
Bij het tweede slachtoffer was volgens het hof sprake van herhaaldelijk en duidelijk aangeven dat zij geen seks wilde. De vrouw zei meerdere keren nee en duwde de verdachte weg. Het hof concludeerde dat de verdachte uiteindelijk had moeten begrijpen dat hij moest stoppen. Door haar daarna toch te penetreren, maakte hij zich volgens het hof schuldig aan verkrachting.
Kinderpornografische afbeelding via WhatsApp verspreid
Daarnaast werd de man veroordeeld voor het bezit en verspreiden van รฉรฉn kinderpornografische afbeelding. Die afbeelding stond op zijn telefoon en werd volgens het dossier als sticker gedeeld in een WhatsApp-groep met negentien deelnemers.
De verdachte stelde onder meer dat mogelijk iemand anders zijn telefoon had gebruikt of dat hij de sticker onbewust had doorgestuurd. Het hof vond die verklaringen niet aannemelijk. De afbeelding stond langere tijd op zijn telefoon en bleef daar ook na het verspreiden aanwezig.
Het hof kwalificeerde het bezit en verspreiden van de afbeelding als een afzonderlijk strafbaar feit. De twee andere bewezenverklaarde feiten werden ieder als verkrachting aangemerkt.
Grote gevolgen voor slachtoffers
Bij de strafoplegging woog het hof de gevolgen voor de twee slachtoffers zwaar mee. Een van de vrouwen heeft volgens het arrest intensieve therapie ondergaan en kampt met ernstige angsten, nachtmerries en een vrijwel voortdurend gevoel van onveiligheid. Het andere slachtoffer vertelde dat de verkrachting, de langdurige rechtszaak en de herinneringen aan het gebeurde haar veel pijn en onrust hebben bezorgd.
Het hof stelde dat de verdachte bij beide verkrachtingen onvoldoende rekening hield met de wil en gevoelens van de slachtoffers en daarmee een ernstige inbreuk maakte op hun lichamelijke integriteit.
Zeven maanden in voorarrest
De verdachte heeft ruim zeven maanden in voorlopige hechtenis gezeten. Zijn voorlopige hechtenis werd in september 2023 onder voorwaarden geschorst. Volgens een reclasseringsrapport heeft hij zich sindsdien aan de afspraken gehouden, een behandeling gevolgd en zijn leven op verschillende gebieden opnieuw opgebouwd. Hij werkt inmiddels fulltime.
De reclassering adviseerde geen nieuwe onvoorwaardelijke gevangenisstraf waardoor de man opnieuw vast zou komen te zitten. Het hof hield bij de straf niet alleen rekening met vergelding, maar ook met resocialisatie en het voorkomen van nieuwe strafbare feiten. Daarbij speelde mee dat de man inmiddels werk, een woning, inkomen en een sociaal netwerk heeft opgebouwd.
Het hof kwam uiteindelijk uit op dertig maanden gevangenisstraf, waarvan 23 maanden voorwaardelijk. Omdat de verdachte al ruim zeven maanden in voorarrest heeft gezeten en die periode van de straf wordt afgetrokken, leidt het arrest volgens het hof niet tot een nieuwe periode van detentie. Aan het voorwaardelijke deel zijn onder meer een meldplicht, ambulante behandeling en controles op alcohol- en drugsgebruik verbonden.
De advocaat-generaal had een aanzienlijk hogere straf geรซist: vijftig maanden gevangenisstraf.
Ontdek meer van HBP Media
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.



