HAARLEM, 25 april 2026 – De rechtbank in Noord-Holland heeft een 44-jarige man veroordeeld tot een gevangenisstraf van 28 jaar. De man is schuldig bevonden aan het medeplegen van een liquidatie in Krommenie in 2015 en het voorbereiden van een moordaanslag in Berlijn. De verdachte was de spil in de organisatie en stuurde uitvoerders aan via versleutelde berichten.
De uitspraak volgt op twee omvangrijke onderzoeken, genaamd Brandberg II en Zwaluw. De rechtbank acht bewezen dat de verdachte een onmisbare rol speelde bij de gewelddadige dood van een slachtoffer in een woonwijk in Krommenie op 7 november 2015.
Onverbiddelijke executie in woonwijk
Het slachtoffer in de zaak-Krommenie werd in de nacht van de moord onder vuur genomen met een automatisch geweer en een pistool. In totaal werden er 29 kogels afgevuurd, waarbij het kogelwerende vest van het slachtoffer niet bestand bleek tegen de overmacht aan geweld. De rechtbank spreekt van een “schokkende gewetenloosheid” door de wijze waarop de liquidatie werd gecoördineerd.
Uit PGP-berichten bleek dat de verdachte voortdurend instructies gaf aan mededaders. Hij liet het slachtoffer observeren door een spotter en ontving informatie over zijn kleding en reisbewegingen. In een van de berichten instrueerde de verdachte een handlanger zelfs om het slachtoffer alcohol te laten drinken, zodat zijn bloed dunner zou worden en hij sneller zou doodbloeden.
Moordplan in Berlijn verijdeld
Naast de voltooide liquidatie in Krommenie is de man ook veroordeeld voor het voorbereiden van een moord in Berlijn in de nazomer van 2015. De verdachte zou hiervoor een woning in de Duitse hoofdstad hebben geregeld en het transport van vuurwapens vanuit Nederland hebben gecoördineerd. Het beoogde slachtoffer werd uiteindelijk niet gevonden op de geplande locaties, waardoor deze aanslag niet werd uitgevoerd.
De rechtbank stelt vast dat de verdachte de initiator was van dit plan en een geldbedrag aan de uitvoerders in het vooruitzicht had gesteld. Voor extra slachtoffers zou bovendien een bonus worden uitgekeerd.
Verdachte blijft onvindbaar
Opvallend aan de zaak is dat de verdachte bij de uitspraak niet aanwezig was; de zaak is bij verstek behandeld. De man heeft sinds 2010 geen vast woonadres meer in Nederland en is voor de autoriteiten onvindbaar. De rechtbank heeft daarom direct de gevangenneming van de man bevolen.
Hoewel de verdachte niet eerder is veroordeeld, zag de rechtbank geen reden voor strafmatiging. De ernst van de feiten en de nietsontziende wijze waarop over mensenlevens werd beschikt, rechtvaardigen volgens de rechters de geëiste straf van 28 jaar. De rechtbank oordeelde dat de rechtsorde door deze liquidaties ernstig is geschokt.
Ontdek meer van HBP Media
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
