Wie dacht dat de handelsoorlog tussen China en de Verenigde Staten vooral ging over percentages, containers en presidentiële spierballentaal, vergist zich. De strijd is inmiddels verhuisd naar de juridische afdeling. Niet de fabriekshal, maar het contractenarchief is het nieuwe slagveld.
China heeft begin mei een opvallende stap gezet. Beijing gebruikt voor het eerst zogenoemde blokkeringsregels om Amerikaanse maatregelen tegen Chinese bedrijven buiten werking te verklaren. De maatregel richt zich formeel op Amerikaanse sancties tegen vijf Chinese raffinaderijen die worden beschuldigd van handel in Iraanse olie. De kern is hard: Chinese partijen mogen die Amerikaanse sancties niet erkennen, uitvoeren of naleven. Daarmee ontstaat precies het soort conflict waar ondernemers nachtmerries van krijgen. Wie luistert naar Washington, kan in China fout zitten. Wie luistert naar Beijing, kan in de Verenigde Staten in de problemen komen.
Ondernemer als pion
Voor ondernemers is dit geen abstract geopolitiek schaakspel. Het gaat over betalingen, leveringen, verzekeringen, bankrelaties en contracten. Een handelaar, vervoerder, bank of tussenpersoon moet ineens kiezen welk recht zwaarder weegt. Amerikaans sanctierecht of Chinees tegenrecht. Dat is geen keuze uit luxe, maar een keuze tussen twee risico’s.
De Chinese maatregel wordt in sommige discussies al snel vertaald als een verbod voor ondernemers om Amerikaanse heffingen of tarieven te volgen. Juridisch ligt het specifieker: de recente Chinese order gaat over het niet naleven van bepaalde Amerikaanse sancties, niet over alle Amerikaanse importtarieven. Maar politiek is het onderscheid minder groot dan juristen graag willen. Tarieven, sancties en exportbeperkingen zijn allemaal wapens in dezelfde economische oorlog.
De ondernemer die dacht dat hij alleen de prijs van zijn product hoefde te berekenen, moet nu ook de geopolitieke temperatuur meten. Dat is absurd, maar het is wel de realiteit.
Wet als handelswapen
Handelsoorlogen begonnen ooit overzichtelijk. Land A verhoogde invoerrechten. Land B deed hetzelfde terug. Boeren, staalbedrijven, autofabrikanten en consumenten betaalden uiteindelijk de rekening. Nu is de strijd geraffineerder. De wet zelf is een economisch wapen geworden.
Amerika gebruikt sancties, zwarte lijsten, importtarieven en exportcontroles om buitenlandse bedrijven te dwingen zich te voegen naar Amerikaans beleid. China antwoordt niet alleen met tegenheffingen, maar ook met eigen regels die bedrijven verbieden om buitenlandse maatregelen te volgen die Beijing als onrechtmatig beschouwt.
Dat klinkt soeverein. Het klinkt ook gevaarlijk.
Want als elke grootmacht zijn eigen wetten wereldwijd probeert op te leggen, wordt internationaal ondernemen een mijnenveld. Dan is een contract niet langer een zakelijke afspraak, maar een politiek document. Dan is een betaling niet langer een betaling, maar mogelijk een overtreding. Dan is een container niet alleen vracht, maar bewijsstuk.
Tarieven en sancties lopen door elkaar
De handelsspanning tussen China en de Verenigde Staten is het afgelopen jaar opnieuw opgelopen. De Verenigde Staten verhoogden onder president Donald Trump de druk op Chinese import en schrapten onder meer gunstige regelingen voor goedkope pakketten uit China en Hongkong. China reageerde met eigen maatregelen, waaronder extra heffingen, exportrestricties en beperkingen voor Amerikaanse bedrijven.
Daarmee is een patroon zichtbaar. Eerst komen tarieven. Daarna volgen uitzonderingen. Daarna sancties. Daarna tegenmaatregelen. Daarna juridische blokkades. En uiteindelijk weet niemand meer zeker welke levering nog veilig is, welke betaling nog mag en welke afspraak morgen nog uitvoerbaar is.
De officiële taal klinkt beheerst. Beijing spreekt over het beschermen van nationale belangen en de rechten van Chinese ondernemingen. Washington spreekt over nationale veiligheid, dwangmaatregelen, Iran, technologie of oneerlijke handel. Maar onder al die woorden ligt dezelfde boodschap: bedrijven moeten kiezen.
En wie moet kiezen tussen twee grootmachten, verliest meestal aan beide kanten bewegingsruimte.
Europa moet wakker worden
Voor Europese ondernemers is dit geen ver-van-het-bedshow. Nederlandse bedrijven zijn onderdeel van wereldwijde ketens. Een machineonderdeel kan via Duitsland naar China gaan. Een betaling kan via een Amerikaanse bank lopen. Een chip, sensor, pomp, softwarelicentie of grondstof kan onder meerdere regimes vallen.
Wie zaken doet met China, de Verenigde Staten of partijen die daartussen bewegen, kan dus indirect worden geraakt. Niet omdat het bedrijf politiek wil zijn, maar omdat politiek de onderneming binnenkomt.
Daarom is het te makkelijk om deze Chinese tegenwet alleen te zien als een provocatie. Het is ook een waarschuwing. De wereldhandel wordt minder vrij, minder voorspelbaar en minder neutraal. Landen beschermen hun macht met wetten die buiten hun grenzen effect moeten hebben. China doet nu nadrukkelijker mee aan dat spel.
Dat betekent niet dat Washington altijd ongelijk heeft of Beijing altijd gelijk. Het betekent wel dat ondernemers steeds vaker worden gebruikt als uitvoerders van buitenlands beleid. De ondernemer moet innen, weigeren, blokkeren, controleren, rapporteren en bewijzen. En als het misgaat, krijgt hij de boete.
De prijs van onzekerheid
Een gezonde wereldeconomie draait op voorspelbaarheid. Bedrijven investeren alleen als zij weten waar zij aan toe zijn. Tarieven zijn vervelend, maar nog te berekenen. Sancties zijn zwaar, maar vaak duidelijk. Botsende wetgeving is erger. Die maakt naleving zelf onzeker.
China’s nieuwe toepassing van de blokkeringsregels laat zien dat de handelsoorlog een nieuwe fase ingaat. Niet alleen producten worden belast. Niet alleen bedrijven worden gesanctioneerd. Ook gehoorzaamheid wordt gereguleerd.
Dat is de echte breuk.
De ondernemer wordt niet meer alleen gevraagd wat hij verkoopt, aan wie hij levert en tegen welke prijs. Hij moet voortaan ook antwoorden op een veel riskantere vraag: aan welke macht gehoorzaamt hij?
En precies daar wordt handel politiek. Niet aan de onderhandelingstafel van presidenten, maar op het bureau van de ondernemer die gewoon zijn factuur wil betalen.
Bronnen
Gebruikte bronnen
- Reuters: China heeft begin mei 2026 voor het eerst zijn anti-sanctie- of blokkeringsregels ingezet tegen Amerikaanse sancties op vijf Chinese raffinaderijen.
- Reuters: Het Chinese ministerie van Handel blokkeerde Amerikaanse sancties tegen vijf Chinese raffinaderijen, waaronder Hengli Petrochemical.
- Reuters: China verzette zich opnieuw tegen Amerikaanse sancties rond Iran en beloofde Chinese ondernemingen te beschermen.
- Stephenson Harwood: De Chinese blokkeringsorder van 2 mei 2026 verbiedt erkenning, uitvoering of naleving van bepaalde Amerikaanse sancties tegen vijf raffinaderijen.
- Squire Patton Boggs: De maatregel wordt gezien als de eerste formele Chinese tegenmaatregel onder deze blokkeringsregels tegen Amerikaanse OFAC-sancties.
- China Briefing en Avalara: Overzicht van de recente Amerikaans-Chinese tariefontwikkelingen en het einde van de Amerikaanse de-minimisregeling voor China en Hongkong.
Ontdek meer van HBP Media
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.





