ZEIST, 15 mei 2026 – Minister Keijzer-Boekholt-O’Sullivan van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening ziet geen wettelijke mogelijkheid om in te grijpen bij de huurverhoging voor bewoners van de L-flat en de Geroflat in Zeist. Dat blijkt uit antwoorden op Kamervragen van GroenLinks-PvdA-Kamerlid De Hoop over de situatie in de grootste flat van Nederland.
Bewoners van de flats hebben volgens berichtgeving al maanden niet volledig de beschikking over hun balkons. Die zouden onveilig kunnen zijn en worden tijdelijk ondersteund door metalen palen. Tegelijkertijd krijgen huurders te maken met een huurverhoging. Volgens de minister is het begrijpelijk dat bewoners dit als oneerlijk ervaren, maar ligt de verantwoordelijkheid voor handhaving en beoordeling niet bij het ministerie.
Balkons ondersteund met metalen palen
De Kamervragen volgden op berichtgeving van de NOS over de huurverhoging die bewoners “rauw op het dak” zou zijn gevallen. De vragen richten zich vooral op de L-flat en de Geroflat in Zeist, waar bewoners al langere tijd te maken hebben met onzekerheid over de veiligheid en bruikbaarheid van hun balkons.
De minister erkent dat huurders volledig en veilig over hun woning moeten kunnen beschikken. Volgens haar zijn daarvoor waarborgen opgenomen in de bouwregelgeving en huurregelgeving. De verantwoordelijkheid voor de veiligheid van de balkons ligt echter bij de gebouweigenaar. Het toezicht daarop is belegd bij de gemeente.
Het ministerie heeft volgens de beantwoording geen rol bij de beoordeling van de tijdelijke constructie of de veiligheid van de balkons. Ook bij de uitvoering van een eerdere onderzoeksplicht voor galerijflats ligt de beoordeling bij de gemeente.
Geen nieuwe onderzoeksplicht
In 2015 werd na eerdere zorgen over galerijflats een onderzoeksplicht ingesteld voor eigenaren van galerijflats met balkons. Die plicht moest duidelijk maken of constructies voldeden aan de veiligheidseisen. Volgens de minister is het aan de gemeente om te beoordelen of bij de specifieke flats in Zeist onderzoek is gedaan en wat daarna is gebeurd.
Daarnaast geldt volgens haar altijd een algemene zorgplicht voor de gebouweigenaar. Die moet ervoor zorgen dat balkons blijvend voldoen aan de veiligheidseisen. De minister ziet daarom geen aanleiding om opnieuw een wettelijke onderzoeksplicht in te stellen.
Uit de bijbehorende beslisnota blijkt dat het ministerie uitgaat van bestaand beleid en bestaande regelgeving. Daarin staat dat er geen aanleiding is om te veronderstellen dat het huidige beleid of de huidige regels tekortschieten.
Huurders kunnen naar gemeente, Huurcommissie of rechter
Volgens de minister zijn er drie routes voor huurders die vinden dat de situatie te lang duurt of dat zij onvoldoende duidelijkheid krijgen. Allereerst kunnen zij zich wenden tot de gemeente met het verzoek om handhavend op te treden. De gemeente kan beoordelen of de balkons voldoen aan de bouwregelgeving.
Daarnaast kunnen huurders naar de Huurcommissie of de rechter stappen als zij menen dat de gebreken ernstig genoeg zijn om een huurverlaging te rechtvaardigen. Een uitspraak over gebreken kan volgens de minister ertoe leiden dat een voorgestelde huurverhoging niet mag worden doorgevoerd.
De derde mogelijkheid is een gang naar de rechter om herstelwerkzaamheden af te dwingen. Bij spoedeisend belang kan dat via een kort geding. Ook kunnen huurders in een procedure schadevergoeding eisen als zij menen dat hun woongenot is aangetast.
Huurverhoging ondanks gebreken
De minister zegt te begrijpen dat huurders een huurverhoging bij gebreken aan de woning als oneerlijk ervaren. Toch kan zij niet zelf bepalen dat de huurverhoging wordt teruggedraaid. Die beoordeling is volgens haar aan de Huurcommissie of de rechter.
Als de Huurcommissie gebreken vaststelt, kan een voorstel tot huurverhoging wettelijk niet tot een daadwerkelijke huurverhoging leiden. Door het wetsvoorstel toekomstbestendige Huurcommissie, dat op 21 april 2026 door de Tweede Kamer is aangenomen, wordt deze regel ook van toepassing op huurverhogingen op basis van een beding in de huurovereenkomst, voor zover het gaat om het gereguleerde segment.
Volgens de beslisnota moet dit wetsvoorstel procedures rond onderhoud en servicekosten begrijpelijker en voorspelbaarder maken voor huurders en verhuurders.
Naheffing voor collectieve energie
In de Kamervragen werd ook gevraagd naar huurders van woningcorporatie Woongroen die onder een collectief energiecontract vallen. Zij zouden mogelijk te maken krijgen met een naheffing door gestegen energieprijzen.
De minister stelt dat het ministerie geen rol heeft in individuele situaties waarin verhuurders collectieve energie leveren aan huurders. Energie kan via servicekosten in rekening worden gebracht. Verhuurders mogen daarvoor maandelijks een voorschot vragen en moeten uiterlijk zes maanden na afloop van elk kalenderjaar een afrekening sturen op basis van de werkelijk gemaakte kosten.
Zo’n afrekening kan betekenen dat een huurder geld terugkrijgt of juist moet bijbetalen. Dat kan komen door hoger verbruik, lager verbruik of gestegen energieprijzen. Huurders die het niet eens zijn met de afrekening kunnen volgens de minister naar de Huurcommissie of rechter.
Geen gesprek met bewoners of corporatie
De Hoop vroeg de minister ook of zij bereid is om op korte termijn in gesprek te gaan met bewoners of woningcorporatie Woongroen. De minister ziet daarvoor geen aanleiding. Volgens haar zou zij daarmee treden in verantwoordelijkheden van de gemeente, de Huurcommissie of de rechter.
De gemeente moet beoordelen of handhaving nodig is. De Huurcommissie en rechter kunnen zich buigen over huurprijs, gebreken, servicekosten en eventuele schadevergoeding. Het ministerie blijft daarom op afstand.
Voor bewoners van de L-flat en Geroflat betekent dit dat zij vooralsnog vooral zijn aangewezen op de bestaande juridische en bestuurlijke routes. De minister benadrukt dat veilige en volledige bewoning het uitgangspunt is, maar legt de verantwoordelijkheid voor concrete stappen bij de gebouweigenaar, gemeente, Huurcommissie en rechter.
Ontdek meer van HBP Media
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.





