AMSTERDAM – Een man die als busschauffeur aan de slag wilde, krijgt geen Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG). De rechtbank Amsterdam oordeelde op 20 april 2026 dat de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvraag terecht heeft afgewezen. De uitspraak werd op 12 juni 2026 gepubliceerd.
De man had de VOG nodig voor een functie als buschauffeur bij een vervoersbedrijf. De staatssecretaris wees de aanvraag in september 2024 af. Ook na bezwaar bleef die beslissing staan. De rechtbank verklaarde het beroep van de man ongegrond.
Rijden onder invloed en snelheidsovertreding
Bij de beoordeling keek de staatssecretaris naar registraties in het Justitieel Documentatie Systeem. Daaruit bleek dat de man in 2024 was veroordeeld voor rijden onder invloed. Hij kreeg daarvoor een geldboete van 750 euro en een rijontzegging van 179 dagen.
Daarnaast kreeg hij in 2024 een strafbeschikking van 630 euro voor het overschrijden van de maximumsnelheid. Buiten de terugkijktermijn stonden ook eerdere feiten geregistreerd, waaronder gewelds- en vermogensdelicten, verkeersdelicten, vernieling, rijden onder invloed en overtreding van de Wet wapens en munitie.
Buschauffeur draagt verantwoordelijkheid voor reizigers
Volgens de rechtbank passen verkeersgerelateerde strafbare feiten niet bij de functie van buschauffeur. Een buschauffeur is verantwoordelijk voor het veilig vervoeren van personen. Dat geldt volgens de rechtbank zeker voor rijden onder invloed, maar ook voor een forse snelheidsovertreding.
De man stelde dat het om relatief lichte feiten en lichte straffen ging. De rechtbank ging daar niet in mee. Een boete van 630 of 750 euro is volgens de rechtbank niet gering. Ook woog mee dat de boete voor rijden onder invloed werd gecombineerd met een rijontzegging.
Persoonlijke gevolgen wegen niet zwaar genoeg
De man wees op de gevolgen van de weigering. Zo zou hij 4100 euro moeten terugbetalen aan zijn werkgever als hij geen VOG krijgt. Ook stelde hij dat hij van zijn fouten heeft geleerd, recent vader is geworden en weer op het goede pad zit.
De rechtbank erkende dat de weigering zwaar voor hem is, maar vond dat onvoldoende reden om de VOG alsnog te verlenen. Volgens de rechtbank mocht de staatssecretaris het belang van de bescherming van de samenleving zwaarder laten wegen dan het persoonlijke belang van de man.
Nieuwe aanvraag blijft mogelijk
De uitspraak betekent niet dat de man nooit meer in aanmerking kan komen voor een VOG als busschauffeur. Volgens de rechtbank kan hij later opnieuw een aanvraag indienen. De staatssecretaris moet die aanvraag dan beoordelen op basis van de omstandigheden die op dat moment gelden.
Ontdek meer van HBP Media
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.







