HAARLEM, 29 april 2026 – De rechtbank Noord-Holland heeft een 39-jarige automobilist veroordeeld voor het veroorzaken van een dodelijk verkeersongeval op de N205 bij Cruquius. De man reed op 27 juli 2023 fors te hard tijdens hevige regenval, waardoor hij de macht over het stuur verloor. Bij de daaropvolgende botsing kwam een 26-jarige vrouw om het leven.
De verdachte reed die ochtend in een Mercedes-Benz op de Drie Merenweg (N205) in de richting van Hoofddorp. Kort voor het ongeval bereikte hij een snelheid tussen de 147 en 152 kilometer per uur, terwijl op dat weggedeelte een maximumsnelheid van 100 kilometer per uur gold. Door de hoge snelheid in combinatie met een nat wegdek en harde regenval raakte de auto in een slip.
Aanmerkelijke schuld
Volgens de meervoudige strafkamer is er sprake van schuld in de zin van artikel 6 van de Wegenverkeerswet. De rechtbank oordeelt dat de man zich aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend heeft gedragen in het verkeer. De auto van de verdachte gleed over de verhoogde middengeleider en kwam op de rijbaan voor tegemoetkomend verkeer terecht, waar deze met grote impact botste op de Chevrolet van het slachtoffer.
De verdediging voerde aan dat de verdachte zich niet bewust was van zijn hoge snelheid, mede omdat de auto erg stil was en de weg overzichtelijk oogde. De rechtbank schoof dit argument terzijde en benadrukte dat van een bestuurder mag worden verwacht dat hij de snelheid controleert, zeker onder slechte weersomstandigheden die om extra oplettendheid vragen.
Impact op nabestaanden
Tijdens de zitting op 14 april 2026 kwamen de nabestaanden van de jonge vrouw aan het woord. De rechtbank omschreef hun verklaringen als zeer indringend en stelde dat het verlies onvoorstelbaar veel verdriet heeft veroorzaakt. In de strafmaat is meegewogen dat de verdachte in 2021 en 2023 al eerder verkeersboetes kreeg voor snelheidsovertredingen. Daarentegen toonde de man ter zitting berouw en is hij zichtbaar aangeslagen door het lot van het slachtoffer.
Opgelegde sancties
De rechtbank veroordeelt de man tot een onvoorwaardelijke taakstraf van 240 uur. Indien hij deze straf niet naar behoren uitvoert, moet hij 120 dagen vervangende hechtenis ondergaan.
Naast de werkstraf krijgt de automobilist een ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur van twaalf maanden. Hiervan zijn zes maanden voorwaardelijk opgelegd, met een proeftijd van twee jaar. De rechtbank ziet af van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf en volgt daarmee de eis van de officier van justitie.
Ontdek meer van HBP Media
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.




