PARIJS – Frankrijk dreigt het middelpunt te worden van een nieuwe Europese schuldencrisis. De staatsschuld nadert 120 procent van het bruto binnenlands product, het begrotingstekort blijft veel te hoog en beleggers eisen steeds hogere rentes. Terwijl de financiële problemen toenemen, beloven presidentskandidaten ingrijpende veranderingen. Marine Le Pen wil de pensioenleeftijd verlagen en de financiële steun aan Oekraïne beëindigen. De grote vraag is hoe Frankrijk zijn overheidsfinanciën weer onder controle krijgt.

De onrust op de financiële markten neemt snel toe. Op donderdag 22 oktober steeg de rente op Franse staatsleningen met een looptijd van tien jaar tot boven de 5 procent. Het verschil met de Duitse rente bereikte het hoogste niveau sinds de Europese schuldencrisis van 2011.

Voor beleggers is dat een belangrijk waarschuwingssignaal. Hoe hoger de rente die Frankrijk moet betalen, hoe duurder het wordt om bestaande schulden te herfinancieren en nieuwe tekorten te dekken.

Lees ook · FinancieelZorgen in Tweede Kamer over Franse staatsschuld en mogelijke gevolgen voor Nederland en euro

Kamerleden vrezen gevolgen Franse schuldencrisis

Staatsschuld loopt richting 120 procent

Frankrijk kampt al jaren met structurele begrotingstekorten. Volgens de Europese Commissie bedroeg de staatsschuld eind 2025 ongeveer 115,6 procent van het bruto binnenlands product.

Voor 2026 wordt een verdere stijging naar 118,1 procent verwacht. In 2027 kan de schuld oplopen tot 120,2 procent.

Ook het begrotingstekort blijft aanzienlijk. De Europese Commissie verwacht voor 2026 een tekort van 5,1 procent van het bbp. Zonder aanvullende maatregelen kan dit in 2027 oplopen tot 5,7 procent.

Daarmee blijft Frankrijk ver verwijderd van de Europese norm van maximaal 3 procent.

De Franse overheid geeft structureel meer uit dan zij ontvangt. Vooral pensioenen, gezondheidszorg, sociale voorzieningen en rentebetalingen leggen een zwaar beslag op de begroting.

Rente op Franse staatsleningen schiet omhoog

De financiële markten maken zich steeds meer zorgen over het vermogen van Frankrijk om de overheidsfinanciën te stabiliseren.

Op 22 oktober bereikte de rente op tienjarige staatsleningen ongeveer 5,06 procent. Eerder op de handelsdag werd zelfs ruim 5,14 procent aangetikt.

Het renteverschil met Duitsland liep op tot ongeveer 1,78 procentpunt. Een dergelijke risicopremie was sinds de Europese schuldencrisis van 2011 niet meer voorgekomen.

Frankrijk moet bovendien enorme bedragen lenen. Voor 2027 wordt rekening gehouden met ongeveer 340 miljard euro aan nieuwe staatsobligaties om uitgaven te financieren en aflopende schulden te vervangen.

Ook de rentelasten nemen toe. De Franse overheid rekent voor 2027 op ruim 74 miljard euro aan rentebetalingen, tegen ongeveer 65 miljard euro in 2026.

Hierdoor ontstaat een probleem dat zichzelf kan versterken. Hogere rentelasten vergroten het begrotingstekort, waardoor opnieuw geld moet worden geleend.

Wordt dit de tweede eurocrisis?

De ontwikkelingen roepen herinneringen op aan Griekenland, dat in 2010 in grote financiële problemen kwam.

Het land verloor destijds grotendeels de toegang tot de kapitaalmarkten en moest worden gered met omvangrijke Europese noodleningen. Daartegenover stonden strenge bezuinigingen en economische hervormingen.

Frankrijk bevindt zich nog niet in dezelfde situatie. Het land beschikt over een veel grotere economie, een omvangrijke financiële sector en een brede markt voor staatsobligaties.

Toch zijn er belangrijke overeenkomsten. Ook Frankrijk heeft een hoge staatsschuld, grote begrotingstekorten en een politieke situatie waarin ingrijpende maatregelen moeilijk zijn door te voeren.

Het Internationaal Monetair Fonds beschouwt het risico op acute betalingsproblemen voorlopig als laag, maar ziet wel aanzienlijke risico's op middellange termijn.

Een Franse schuldencrisis zou bovendien bijzonder moeilijk te bestrijden zijn. Frankrijk behoort tot de grootste economieën van de eurozone en is daardoor van groot belang voor het Europese financiële stelsel.

Problemen met Franse staatsobligaties kunnen banken, pensioenfondsen en beleggers in andere Europese landen raken.

Lees ook · OnderzoekFrankrijk op de rand van de afgrond: dreigt een burgeroorlog in een land dat zijn problemen niet meer kan betalen?

Frankrijk dreigt vast te lopen door schulden, rellen en politieke verdeeldheid.

Europese Centrale Bank onder toenemende druk

De Europese Centrale Bank beschikt inmiddels over meer instrumenten om onrust op financiële markten te bestrijden dan tijdens de Griekse crisis.

Dat betekent echter niet dat Frankfurt onbeperkt Franse staatsobligaties zal opkopen.

Voor verschillende steunmaatregelen gelden voorwaarden. Landen moeten onder meer aantonen dat zij bereid zijn hun begrotingstekorten terug te dringen en Europese afspraken na te leven.

Frankrijk staat momenteel onder verscherpt Europees toezicht vanwege het buitensporige begrotingstekort.

De Europese ministers van Financiën hebben Parijs daarom opgeroepen een geloofwaardige begroting voor 2027 vast te stellen.

Le Pen wil pensioenleeftijd terug naar 62 jaar

De financiële problemen spelen een steeds grotere rol in de campagne voor de presidentsverkiezingen van 2027.

Marine Le Pen van het Rassemblement National wil de pensioenleeftijd terugbrengen naar 62 jaar. Mensen die vóór hun twintigste begonnen met werken, zouden onder voorwaarden al op hun zestigste met pensioen kunnen.

Daarmee wijkt zij af van de hervormingskoers van president Emmanuel Macron, die de wettelijke pensioenleeftijd geleidelijk naar 64 jaar wilde verhogen.

De uitvoering van die hervorming is inmiddels opgeschort tot 2028.

Een lagere pensioenleeftijd betekent dat sommige werknemers minder lang bijdragen aan het pensioenstelsel en langer pensioen ontvangen.

De financiële gevolgen hangen af van de precieze voorwaarden, het aantal rechthebbenden en eventuele aanvullende maatregelen.

Juist deze financiering vormt een belangrijk discussiepunt. Het Franse pensioenstelsel behoort tot de grootste uitgavenposten van de overheid.

Le Pen wil financiële steun Oekraïne stoppen

Ook het Franse buitenlandbeleid kan veranderen wanneer Le Pen president wordt.

Op 14 oktober verklaarde zij dat Frankrijk de financiële steun aan Oekraïne nog zes maanden zou voortzetten om een abrupte beëindiging te voorkomen.

Daarna wil zij de financiële hulp stopzetten. Volgens Le Pen heeft Frankrijk daarvoor onvoldoende financiële ruimte.

De uitspraak betekent een duidelijke verandering ten opzichte van het beleid van president Macron, die Oekraïne financieel en militair ondersteunt in de oorlog tegen Rusland.

Het stopzetten van de hulp zou de Franse begroting enige ruimte kunnen geven, maar lost de structurele problemen niet op.

De belangrijkste uitgavenposten van Frankrijk zijn immers veel groter dan de jaarlijkse financiële bijdrage aan Oekraïne.

Lees ook · NieuwsGele hesjes keren terug: Frankrijk opgeschrikt door landelijke protesten tegen dure levensonderhoud

Studenten, vakbonden en gele hesjes protesteren massaal in Frankrijk.

Andere kandidaten willen langer werken

Binnen het politieke midden en de rechterzijde bestaan andere ideeën over het oplossen van de schuldencrisis.

Édouard Philippe, voormalig premier en leider van Horizons, wil de overheidsfinanciën herstellen door hervormingen en een strenger begrotingsbeleid.

Hij heeft als doel het begrotingstekort tegen het einde van een nieuwe presidentiële ambtstermijn terug te brengen tot ongeveer 2 procent van het bbp.

Philippe vindt dat Fransen langer moeten werken, maar heeft de precieze invulling van zijn pensioenplannen nog niet volledig uitgewerkt.

Gabriel Attal wil juist af van één vaste wettelijke pensioenleeftijd. Hij wil de hoogte van het pensioen sterker laten afhangen van de duur van de premiebetaling.

Ook pleit Attal voor een gedeeltelijk kapitaalgedekt pensioenstelsel.

Bruno Retailleau van Les Républicains gaat verder. Hij wil de pensioenleeftijd boven de 64 jaar brengen en koppelen aan veranderingen in de gezonde levensverwachting.

Daarnaast verdedigt hij omvangrijke bezuinigingen op overheidsuitgaven.

Linkse kandidaten kiezen andere aanpak

Aan de linkerzijde van het politieke spectrum liggen de prioriteiten anders.

Jean-Luc Mélenchon van La France insoumise wil de pensioenleeftijd terugbrengen naar 60 jaar, bij een loopbaan van veertig premiebetalende jaren.

Hij wil daarnaast meer investeren in publieke voorzieningen en de belastingdruk sterker verleggen naar hoge inkomens en vermogens.

Raphaël Glucksmann van Place publique wil de pensioenhervorming van 2023 terugdraaien en meer rekening houden met de zwaarte van beroepen.

Ook Marine Tondelier van de Groenen wil werknemers met zware beroepen eerder met pensioen laten gaan.

De linkse plannen leggen doorgaans meer nadruk op belastinghervormingen en het aanpakken van economische ongelijkheid.

Critici wijzen erop dat hogere belastingen investeringen kunnen ontmoedigen, terwijl voorstanders stellen dat een eerlijkere belastingverdeling noodzakelijk is om publieke voorzieningen te beschermen.

Wat moet Frankrijk doen om de crisis te bezweren?

Volgens het Internationaal Monetair Fonds en de Europese Commissie heeft Frankrijk vooral behoefte aan een geloofwaardig meerjarenplan.

Daarbij moet de overheid het begrotingstekort structureel terugdringen en voorkomen dat de staatsschuld steeds verder oploopt.

Een belangrijk onderdeel is het beperken van de groei van overheidsuitgaven. Dat kan onder meer door efficiënter bestuur, hervormingen in de sociale zekerheid en betere controle op subsidies.

Ook het pensioenstelsel speelt een belangrijke rol. Door de vergrijzing komen tegenover steeds meer gepensioneerden relatief minder werkenden te staan.

Tegelijkertijd moet Frankrijk de economische groei versterken. Meer werkgelegenheid, hogere productiviteit en extra particuliere investeringen kunnen bijdragen aan hogere belastinginkomsten.

Alleen bezuinigen is echter niet zonder risico. Wanneer de overheid te snel en te fors ingrijpt, kan de economische groei verder verzwakken.

Daarom pleiten internationale instellingen voor een combinatie van geleidelijke begrotingsverbeteringen en hervormingen die de economie sterker maken.

Begroting 2027 wordt belangrijke test

De regering van premier Sébastien Lecornu heeft voor 2027 een omvangrijk besparingspakket voorgesteld.

Daarin staan onder meer beperkingen op overheidsuitgaven, het grotendeels bevriezen van pensioenen en ambtenarensalarissen en maatregelen om de kosten van de gezondheidszorg af te remmen.

Het pakket moet ongeveer 54 miljard euro aan begrotingsverbeteringen opleveren.

De voorstellen stuiten echter op forse politieke en maatschappelijke weerstand. Vakbonden, studenten en andere demonstranten protesteren tegen de stijgende kosten van levensonderhoud en bezuinigingen op publieke voorzieningen.

Ook in het parlement ontbreekt een stabiele meerderheid voor ingrijpende hervormingen.

Europa kijkt bezorgd naar presidentsverkiezingen

De presidentsverkiezingen van april en mei 2027 komen daarmee op een bijzonder gevoelig moment.

De nieuwe president erft een land met hoge schulden, oplopende rentelasten en een samenleving waarin de weerstand tegen bezuinigingen groot is.

Welke kandidaat ook wordt gekozen, de financiële problemen verdwijnen niet vanzelf.

Frankrijk zal moeten besluiten welke uitgaven het wil beperken, welke belastingen eventueel worden aangepast en hoe het pensioenstelsel betaalbaar blijft.

Een nieuwe eurocrisis zoals die van Griekenland is nog geen vaststaand scenario. Maar wanneer de schulden blijven stijgen en het vertrouwen van beleggers verder afneemt, kunnen de gevolgen ook buiten Frankrijk voelbaar worden.

Voor de Europese Unie en de eurozone staat daarmee veel op het spel. De financiële stabiliteit van Frankrijk is niet uitsluitend een Franse aangelegenheid, maar raakt uiteindelijk de gehele Europese economie.