DEN HAAG – Het kabinet heeft besloten geen volledige nieuwe berekeningen te laten uitvoeren voor de aansluiting van toekomstige kerncentrales op het Nederlandse hoogspanningsnet. Ook komt er geen onafhankelijke toets van de bestaande onderzoeken voordat een voorkeurslocatie wordt gekozen. Dat blijkt uit antwoorden van staatssecretaris De Bat van Economische Zaken en Klimaat op Kamervragen van Van den Berg.

Geen integrale herberekening

Netbeheerder TenneT stelde voor de verschillende locaties opnieuw door te rekenen met een scenario waarin Nederland in 2040 beschikt over 30 gigawatt windenergie op zee. Het ministerie besloot op 21 januari 2026, na overleg op directeurenniveau, deze aanvullende berekeningen niet te laten uitvoeren.

Volgens de staatssecretaris was het algemene beeld voldoende duidelijk. Ook speelden de voortgang van de locatiekeuze en andere energieprogramma's mee. TenneT beschikt bovendien over beperkte onderzoekscapaciteit. Van het besluit is geen afzonderlijke beslisnota opgesteld.

Locaties niet volledig gelijk onderzocht

Voor de mogelijke kerncentrales zijn onder meer het Sloegebied, Terneuzen, Eemshaven en Maasvlakte/Europoort onderzocht. De studies gebruikten verschillende scenario's en uitgangspunten. Het kabinet liet deze resultaten daarom kwalitatief vergelijken, zonder alle locaties opnieuw onder dezelfde omstandigheden door te rekenen.

Het scenario met 30 gigawatt windenergie werd alleen kwantitatief toegepast bij varianten met grote kerncentrales in Zeeland. Een vergelijkbare combinatie met kerncentrales in Eemshaven werd niet doorgerekend. Volgens het kabinet waren de belangrijkste knelpunten desondanks voldoende bekend.

Miljarden aan mogelijke netkosten

Voor Terneuzen onderzocht TenneT verschillende mogelijkheden om overbelasting van het elektriciteitsnet te beperken. Bij onvoldoende groei van de regionale elektriciteitsvraag kunnen de kosten voor het aanpassen van elektriciteitsproductie volgens een berekening oplopen tot ongeveer 1,3 miljard euro per jaar.

Ook blijkt dat het schrappen van bepaalde windaanlandingen de berekende kosten sterk kan verminderen. Het kabinet wil deze projecten echter niet stopzetten, mede vanwege reeds gedane investeringen en de doelstellingen voor windenergie op zee.

Onderzoeken niet onafhankelijk gevalideerd

De staatssecretaris erkent dat de TenneT-studies niet afzonderlijk onafhankelijk zijn gevalideerd. Een externe beoordeling vóór de locatiekeuze vindt het kabinet niet noodzakelijk, omdat deze volgens de regering vertraging zou veroorzaken en toekomstige onzekerheden niet volledig kan wegnemen.

Ook zijn de aanbevelingen van toezichthouder ACM uit april 2026 niet verwerkt in de bestaande kernenergiestudies. Volgens het ministerie was daarvoor onvoldoende tijd beschikbaar.

Locatiekeuze nog dit jaar

Het kabinet streeft ernaar voor het einde van 2026 richting te geven aan de locatiekeuze voor twee nieuwe kernreactoren. Daarbij worden ook ruimtelijke beperkingen, veiligheid, kosten en mogelijkheden voor uitbreiding van het elektriciteitsnet betrokken.

De staatssecretaris benadrukt dat aanvullende onderzoeken niet alle onzekerheden kunnen wegnemen. Daarmee moet het kabinet een beslissing nemen terwijl toekomstige elektriciteitsvraag, windproductie en beschikbare transportcapaciteit nog niet volledig vaststaan.