DEN HAAG – Nederland kan in 2040 jaarlijks ongeveer 17 miljard euro extra omzet behalen met innovatieve landbouw- en voedseltechnologie. Daarvoor moeten bedrijven wel sneller toegang krijgen tot de markt en voldoende financiering kunnen vinden om hun productie uit te breiden. Dat concludeert Invest-NL in een nieuw onderzoek naar de Nederlandse agrifood-biotechsector. Zonder aanpassingen dreigt Nederland zijn internationale voorsprong te verliezen aan landen waar nieuwe technologie sneller wordt toegelaten.
Voor het onderzoek sprak Invest-NL met ruim 150 ondernemers, investeerders, onderzoekers en beleidsmakers. Daarnaast werden investeringsgegevens uit de periode 2010 tot april 2026 onderzocht. Nederland beschikt volgens de onderzoekers over een sterke kennispositie op het gebied van gewasveredeling, biologische gewasbescherming en nieuwe voedselingrediënten.
Tien jaar wachten op toelating
Een van de grootste problemen is de Europese regelgeving. Nieuwe biologische gewasbeschermingsmiddelen moeten soms acht tot tien jaar wachten voordat zij op de Europese markt mogen worden gebracht.
Volgens Invest-NL zijn veel toelatingsregels oorspronkelijk ontwikkeld voor chemische bestrijdingsmiddelen. Daardoor sluiten ze niet altijd goed aan op biologische alternatieven.
Sommige Nederlandse bedrijven kiezen er daarom voor hun producten eerst in Brazilië of de Verenigde Staten te verkopen. De wereldwijde markt voor biologische gewasbescherming kan volgens het onderzoek tot 2040 zeven tot tien keer zo groot worden.
Eerste fabriek kost honderden miljoenen
Ook bedrijven die nieuwe voedselingrediënten produceren, lopen tegen obstakels aan. Voor eiwitten uit fermentatie duurt toelating in Europa één tot drie jaar langer dan in de Verenigde Staten.
Daarnaast kost de bouw van een eerste commerciële fabriek vaak tientallen tot honderden miljoenen euro's. Voor jonge ondernemingen is dergelijke financiering moeilijk te verkrijgen.
Volgens Invest-NL kan de Nederlandse omzet uit deze nieuwe ingrediënten in 2040 oplopen tot ongeveer 8 miljard euro per jaar. Bij ongewijzigd beleid blijft dat naar verwachting beperkt tot 2 miljard euro.
Overheid en investeerders moeten samenwerken
Invest-NL pleit voor betere toegang tot testfaciliteiten, passende regelgeving en financiële ondersteuning bij de bouw van eerste fabrieken. Met publieke leningen, garanties en subsidies kunnen risico's worden gedeeld, waardoor ook particuliere investeerders eerder bereid zijn geld beschikbaar te stellen.
De onderzoekers benadrukken dat versoepeling van procedures niet betekent dat voedselveiligheid of andere veiligheidseisen moeten worden verlaagd.
Internationale voorsprong staat op het spel
Volgens Jellie Banga, Chief Business Officer van Invest-NL, heeft Nederland een uitstekende uitgangspositie, maar is snel handelen noodzakelijk.
Het doel is niet dat alle productie in Nederland moet plaatsvinden, maar dat kennis, innovatieve ondernemingen en strategisch belangrijke onderdelen van de voedselketen behouden blijven.
De genoemde 17 miljard euro is een mogelijke extra jaaromzet in 2040 op basis van scenario's en geen gegarandeerde economische opbrengst. Of Nederland deze kansen benut, hangt volgens Invest-NL vooral af van investeringen, samenwerking en politieke keuzes.



