DEN HAAG – In Nederland zijn tussen 2020 en 2025 maar liefst 1.145 incidenten geregistreerd waarbij de brandweer moest uitrukken voor dieren die in een put, bassin of kelder terecht waren gekomen. Alleen al in 2025 ging het om 243 meldingen, gemiddeld bijna vijf per week. Toch is nog altijd niet duidelijk hoeveel landbouwdieren bij dergelijke ongelukken gewond raken of overlijden. Dierenrechtenorganisatie Animal Rights wil daarom dat de overheid eindelijk werk maakt van een verplichte landelijke registratie van stalongelukken. Staatssecretaris Silvio Erkens van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur heeft donderdag 5 november een reactie op de zorgen van de organisatie aan de Tweede Kamer gestuurd.

De vaste Kamercommissie voor Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur had op 10 september om een reactie gevraagd op een brief die Animal Rights op 12 augustus naar het ministerie stuurde. In die brief vraagt de organisatie aandacht voor ongelukken waarbij stalvloeren bezwijken, dieren in mestputten terechtkomen of landbouwdieren door gevaarlijke mestgassen en defecte ventilatiesystemen om het leven komen.

Volgens Animal Rights blijven veel van deze ongelukken buiten beeld omdat verschillende instanties wel meldingen registreren, maar niet systematisch bijhouden hoeveel dieren betrokken zijn, wat de oorzaak van het incident was en hoeveel dieren het ongeluk overleven.

Honderden incidenten, maar aantal slachtoffers onbekend

De omvang van het probleem werd duidelijker door twee onderzoeken die het ministerie eerder liet uitvoeren. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) onderzocht nieuwsberichten over stalincidenten, terwijl het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) meldkamergegevens analyseerde.

Uit gegevens van het Gemeenschappelijk Meldkamer Systeem blijkt dat tussen 2020 en 2025 in totaal 1.145 incidenten werden geregistreerd waarbij de brandweer uitrukte voor een dier in een put, bassin of kelder. In 2024 waren dat 230 meldingen en in 2025 steeg het aantal naar 243.

Daarbij hoort een belangrijke kanttekening. Niet iedere geregistreerde melding betreft een bezweken stalvloer of een dier dat in een mestput is gevallen. Ook andere situaties waarbij dieren in putten, bassins of kelders terechtkomen, kunnen onder deze registraties vallen.

De meldkamergegevens bevatten bovendien onvoldoende informatie over de betrokken diersoorten, de precieze oorzaak van het ongeval en de toestand van de dieren. Het aantal gewonde of overleden dieren wordt niet structureel vastgelegd. Daardoor kan de overheid op basis van deze cijfers niet vaststellen hoeveel dieren daadwerkelijk slachtoffer worden van ingestorte stalvloeren.

Varkens vallen door stalvloeren in mestputten

Animal Rights wijst op verschillende ernstige ongelukken uit de afgelopen jaren. Op 11 juni 2026 kwamen in Gewande, bij Den Bosch, tientallen varkens in een mestput terecht. Meerdere dieren overleefden het ongeluk niet.

Ook in maart 2021 ging het ernstig mis in Nunspeet. Daar zakte een gedeelte van een stalvloer weg, waardoor naar schatting zestig tot honderd varkens in de onderliggende mestput vielen. Verschillende dieren kwamen daarbij om het leven.

Volgens de dierenrechtenorganisatie zijn dergelijke ongelukken vaak verbonden met de manier waarop dieren worden gehuisvest. In veel varkensstallen lopen dieren op roostervloeren, waaronder mest wordt opgeslagen. Wanneer deze vloeren beschadigd raken of hun draagkracht verliezen, kunnen dieren plotseling naar beneden vallen.

De oorzaken kunnen uiteenlopen van aantasting van materialen door ammoniak en andere stoffen tot veroudering, constructiefouten en onvoldoende onderhoud.

Een val in een mestput kan ernstige gevolgen hebben. Dieren kunnen verdrinken, onder het mestoppervlak terechtkomen of bedwelmd raken door gevaarlijke gassen. Ook dieren die levend worden gered, kunnen verwondingen of ademhalingsproblemen oplopen.

Landbouworganisaties betwisten interpretatie meldingen

Over de omvang van het probleem bestaat al langer discussie tussen dierenrechtenorganisaties en vertegenwoordigers van de veehouderij.

Wakker Dier meldde in juni dat de brandweer in 2025 bij 218 incidenten was ingeschakeld waarbij dieren volgens de organisatie in een mestput terecht waren gekomen. Landbouworganisatie LTO Nederland en Producentenorganisatie Varkenshouderij (POV) plaatsten vraagtekens bij die conclusie.

Volgens de producentenorganisatie gingen veel meldingen over andere situaties, zoals dieren die in sloten terechtkwamen, vastzaten in hekken of uit hun verblijf waren ontsnapt.

Animal Rights vindt juist dat deze discussie duidelijk maakt waarom een centrale registratie noodzakelijk is. Zolang incidenten niet volgens uniforme criteria worden geregistreerd, blijft het moeilijk vast te stellen hoeveel ongelukken daadwerkelijk met de veiligheid van stalvloeren samenhangen.

Een landelijke registratie zou volgens de organisatie inzicht moeten geven in de diersoort, het aantal betrokken dieren, het type stalvloer, de oorzaak van het incident en het aantal gewonde en overleden dieren.

Al jaren vragen over ontbreken landelijke registratie

De discussie speelt al geruime tijd. In 2019 erkende toenmalig landbouwminister Carola Schouten dat er geen centraal overzicht bestond van incidenten waarbij dieren in mest- of gierputten terechtkomen.

Ook na het ernstige ongeluk in Nunspeet in 2021 werden Kamervragen gesteld. Destijds bleek opnieuw dat de beschikbare registraties onvoldoende gedetailleerd waren om dergelijke incidenten afzonderlijk in kaart te brengen.

In juni 2025 meldde toenmalig minister Femke Wiersma dat overleg plaatsvond met onder meer Brandweer Nederland, het NIPV, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA). Daarbij werd onderzocht hoe landelijk meer inzicht kon worden verkregen in stalongelukken.

De onderzoeken van RVO en NIPV vormen een uitvloeisel van deze inspanningen. Hoewel daarmee voor het eerst meer systematische informatie beschikbaar kwam, blijft het ontbreken van gegevens over aantallen slachtoffers en oorzaken een belangrijk probleem.

Animal Rights wil dat de overheid niet blijft steken bij onderzoek, maar daadwerkelijk een registratiesysteem invoert. Daarbij verwijst de organisatie naar de registratie van stalbranden, waarvoor inmiddels wel landelijke cijfers worden bijgehouden.

Staatssecretaris stuurt antwoord naar Tweede Kamer

Staatssecretaris Erkens heeft op 5 november het afschrift van zijn reactie aan Animal Rights doorgestuurd naar de Tweede Kamer. Daarmee voldoet hij aan het verzoek van de vaste Kamercommissie van 10 september.

Uit de begeleidende Kamerbrief blijkt dat de staatssecretaris de organisatie schriftelijk heeft geantwoord. De inhoudelijke reactie is afzonderlijk als bijlage gepubliceerd. De begeleidende brief zelf bevat geen nieuwe cijfers, concrete toezeggingen of een datum waarop een landelijke registratie wordt ingevoerd.

De belangrijkste vraag blijft daarmee hoe de overheid de beschikbare meldkamergegevens gaat gebruiken om beter inzicht te krijgen in de werkelijke omvang van stalongelukken.

Voor Animal Rights is registratie niet alleen bedoeld om aantallen vast te stellen, maar vooral om herhaling te voorkomen. Wanneer bekend is welke vloeren bezwijken, welke stalsystemen risico's opleveren en hoeveel dieren daarbij omkomen, kunnen volgens de organisatie gerichter veiligheidsmaatregelen worden genomen.

Zolang die gegevens ontbreken, blijft het werkelijke aantal dierlijke slachtoffers van stalongelukken grotendeels onbekend.